Home

Voor theatergezelschap Orkater zette Maartje Wortel zich voor het eerst aan het schrijven van een musical

Soms moet je een risico nemen en je vrijheid als maker benutten, vindt schrijver Maartje Wortel. Dus zei ze ‘ja’ toen ze werd gevraagd om een ‘filosoferende musical over eindigheid’ te schrijven. Ground Floor gaat deze week in Rotterdam in première.

Maartje Wortel kreeg begin 2023 een opvallend verzoek: ‘Zou je een doorgecomponeerde musical over pijn willen schrijven?’ Sinds haar debuut Dit is jouw huis in 2009 schreef Wortel (1982) al meerdere verhalenbundels, columns, en romans als Half mens en IJstijd. Toen ze in 2015 voor IJstijd de BNG Bank Literatuurprijs won, schreef de jury over haar stijl: ‘Met weinig tell, in achteloze, kunstige streken, weet zij de psyche van haar personages feilloos neer te zetten.’

Aan een theatertekst had Wortel zich nog niet eerder gewaagd. Toch zei ze vrij snel ‘ja’ op de vraag van Orkater, de theatergroep die bekendstaat om zijn eigenzinnige vormen van muziektheater. ‘Omdat alle tekst zou worden gezongen, een doorgecomponeerde musical dus, durfde ik het aan. Want wat ik ook zou gaan maken, het zou door deze vorm hoe dan ook vervreemdend worden. Voor mij als schrijver gaf dat veel vrijheid. Ik wist dat componist Annelinde Bruijs haar eigen kleur zou geven aan de teksten die ik inleverde.’

Het resultaat is Ground Floor, een voorstelling die Orkater aanprijst als ‘een filosoferende musical over eindigheid’. Het speelt zich af op de begane grond van een anoniem, grijs kantoorgebouw. De plek is lekker duister verbeeld in een mooi decor van ontwerper Janne Sterke. In het begin zien we hoe zes mensen die elkaar niet kennen, hier vast komen te zitten. Buiten dient zich een catastrofe aan: er klinken ontploffingen, knallen, gedonder en er is veel rook. Wat er precies gaande is wordt niet uitgelegd.

Over de auteur

Joris Henquet is theaterjournalist van de Volkskrant. Hij schrijft vooral over cabaret, stand-upcomedy en musical.

Binnen houden de personages zich in eerste instantie bezig met praktische zaken, zoals het aandoen van het tl-licht, het verdelen van flesjes water of het bestellen van een pizza. Acteur Reinout Scholten van Aschat speelt de conciërge die de boel in goede banen probeert te leiden. Actrice Saskia Mees is een toevallige passant die op zoek is naar een zekere Bob, waar zij ‘zowel zakelijk als privé’ iets mee wil gaan doen.

Naast hun opmerkingen over de situatie zelf zingen de personages over hun eigen levens, hun verlangens, gevoelens en herinneringen. Er komen poëtische zinnen voorbij waar je als toeschouwer over kunt doordenken, zoals: ‘Soms sta je aan de rand van een zwembad en weet je niet meer zeker of je er nog wel in wil.’ Of: ‘Doodgaan gaat niet zomaar. Net als leven.’

Startpunt van de voorstelling was het boek Palliatieve samenleving van de Duits-Koreaanse filosoof Byung-Chul Han, vertelt Maartje Wortel. ‘Hij schrijft dat mensen in de Westerse samenleving denken dat ze recht hebben op een zo pijnloos mogelijk bestaan. Omdat we zo pijnvermijdend zijn, is er ook geen verandering mogelijk. Om het even plat te zeggen: daarom is de maatschappij fucked, omdat pijn juist nodig is om iets te kunnen veranderen, om voorwaarts te gaan en vitaal te blijven.’

Deze thematiek is verwerkt in de musical. ‘Ik heb boeken gelezen van filosofen over pijn en ik heb de acteurs geïnterviewd over de vraag wat pijn voor hen betekent. We merkten snel dat heel grote, basale uitspraken over een thema als pijn niet echt werken in het theater. We hebben ons uitgangspunt toen teruggebracht tot de kernvraag: wat doe je als het einde nadert en hoe gaan mensen daarmee om? De situatie op de begane grond is een analogie voor wat ik om me heen zie in de westerse samenleving, als je kijkt naar de politieke situatie en de klimaatcrisis. Dat is een houding van behoorlijk weg blijven kijken, of in elk geval van niet willen veranderen.’

De personages in Ground Floor staan symbool voor deze houding. Wortel: ‘Allemaal proberen ze om iets aan te gaan, maar ze zijn eigenlijk niet echt in staat om te snappen waar ze zich in bevinden, of ze ergens uit kunnen en hoe ze elkaar daarbij kunnen gebruiken.’

De losse teksten van Wortel gingen naar componist Annelinde Bruijs. Ze maakte een wonderlijke mengeling van klassieke en elektronische muziek, vaak gezongen als spreektaal. Wortel: ‘Ik heb veel gesprekken gevoerd met Annelinde, die zelf filosofie studeert. Zij zei over de tekst: ‘Je hoeft geen libretto te schrijven met refreinen en rijm. Ik zorg er wel voor dat het linksom of rechtsom op muziek komt te staan.’ Dat was fijn. Ik hoefde er niet over na te denken hoe je dit in godsnaam op muziek zet. Ik kwam dan bijvoorbeeld aanzetten met het woord ‘brandcompartimentering’. Annelinde heeft me daarom geloof ik wel vervloekt.’

Vorige week zag Wortel de voorstelling voor het eerst in zijn geheel, tijdens een try-out in de Schouwburg van Almere. ‘Zoiets als Ground Floor heb ik nog nooit eerder gezien. Maar dat komt misschien ook omdat ik zelf eigenlijk nooit naar musicals ga. Ik ga wel vaak naar het theater, maar ik houd zelf meer van teksttheater.

‘Ik houd ervan als theater je op het verkeerde been zet, zoals in de voorstellingen van de Rotterdamse performancecollectief Urland. Ik vind toneelstukken vaak te braaf, dan wordt er precies uitgelegd wat er aan de hand is. Bij Urland is dat nooit het geval: zijn gaan altijd tegen de verwachtingen in. Ook vind ik het prettig als er niet heel concreet gevoelens worden beschreven, maar dat je met een meer abstract, onbestemd gevoel de zaal verlaat. Dat had ik bij De Jaren van regisseur Eline Arbo bij het Het Nationale Theater. Dit was de mooiste voorstelling die ik vorig seizoen heb gezien.’

Ground Floor heeft een onderscheidende vorm, vindt Wortel. ‘Het lijkt mij geweldig als er mensen komen kijken die juist iets heel anders hadden verwacht. Dat is juist de bedoeling. Ik vind het mooi als de voorstelling op heel veel verschillende manieren gaat vallen, dat het vooral een sfeer is die overblijft. Het mag ook irriteren, of vragen oproepen.’

Ground Floor door Orkater, regie Suze Milius en Marijn Alexander de Jong, première 19/1 in Theater Rotterdam, tournee t/m 9/3.

Dit seizoen gingen al twee voorstellingen van Orkater in première, en allebei kregen ze vijf sterren in de Volkskrant. Over Het nut van Edo Dompelmans (nog te zien t/m 6/3) schreef recensent Sander Janssens: ‘Een ontroerende voorstelling boordevol fijne kwinkslagen en mooie details’. Over En ze maakte een kind (voorlopig niet meer te zien) schreef recensent Annette Embrechts: ‘Met haar diepdoorvoelde liederen slecht Meral Polat de muur tussen kunstenaarschap en moederschap.’

Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.

Voor snelle wijzigingen en bezorging

U bent niet ingelogd

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2024 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden

Source: Volkskrant

Previous

Next