De commissie heeft maandag een onderzoek over de demografische ontwikkelingen gepubliceerd. Een van de conclusies is dat gekeken moet worden naar de veranderende bevolkingssamenstelling.
"We moeten keuzes maken over migratie en daarin de kwaliteit van de economie en sociale samenhang vooropstellen", zegt staatscommissievoorzitter Richard van Zwol. "Dat is nodig om op langere termijn onderwijs, zorg, wonen en sociale zekerheid voor iedereen in Nederland toegankelijk te houden."
Bevolkingsgroei en -samenstelling is een gevoelig politiek onderwerp. Er moeten immers keuzes worden gemaakt over hoeveel mensen naar Nederland mogen komen en ook wie dat dan precies zijn. Want hoewel er nu al sprake is van personeelstekort, dat alleen nog maar verder oploopt door de vergrijzing, staan de sociale voorzieningen door de groeiende bevolking ook onder druk.
Een staatscommissie bestaat meestal uit wetenschappers, (oud-)politici en andere deskundigen die onderzoek doen naar onderwerpen die belangrijk zijn voor Nederland. Vervolgens brengt de commissie, die onafhankelijk is, een advies uit.
De staatscommissie heeft het daarom over "een gematigde groei" van de bevolking. Dat betekent negentien à twintig miljoen inwoners in 2050. Met dat aantal kun je de druk op de woningmarkt, de zorg en het onderwijs "het hoofd te bieden" en de economische groei "ondersteunen", schrijft de commissie.
Volgens de huidige prognose van statistiekbureau CBS komen we ook uit op een kleine twintig miljoen mensen in 2050. Geen groei of hoge groei is dus niet de oplossing, schrijven de onderzoekers. De teller staat nu bijna op achttien miljoen inwoners.
Als gematigde groei inderdaad het uitgangspunt is, moet de politiek verder kijken dan de gebruikelijke kabinetstermijnen van maximaal vier jaar. Van Zwol: "Door nu al te sturen op een gematigde groei van de bevolking richting 2050 worden schaarste aan voorzieningen en ongelijkheid tussen groepen in de samenleving zoveel mogelijk beperkt."
De wens om dit thema eens goed te laten onderzoeken, lag er al in 2018 van toenmalig VVD-leider Klaas Dijkhoff. De veranderingen binnen de bevolking halverwege deze eeuw hebben "belangrijke consequenties" op veel terreinen voor de woningbouw, zorg, onderwijs en integratie, was de overweging toen.
De politiek heeft handvatten nodig om hier beleid op te maken.
Een visie op migratie is zo'n handvat. "Een visie op basis waarvan langetermijnplannen kunnen worden gemaakt, in plaats van door crises geleefd te worden", schrijft de commissie. Maar de politiek worstelt hier juist mee. Het kabinet is erover gevallen en PVV, VVD, NSC en BBB zitten op dit moment in een lastige formatie met blokkades over en weer.
De commissie stelt een zogenoemde "migratiebandbreedte" voor om grip te krijgen op de bevolkingsgroei. De politiek zou voor meerdere jaren afspraken moeten maken over de verschillende soorten migratie (arbeid, studie, asiel en gezinshereniging).
Het jaarlijkse migratiesaldo, het aantal mensen dat Nederland binnenkomt minus het aantal dat vertrekt, moet dan zo worden afgestemd dat Nederland in 2050 ongeveer negentien tot twintig miljoen inwoners telt.
Van Zwol zegt in een toelichting dat de politiek moet sturen op "robuuste keuzes" die je "langjarig volhoudt die je niet van jaar op jaar hoeft bij te stellen als de werkelijkheid zich anders voordoet." De afgelopen jaren hadden bijvoorbeeld corona, de oorlog in Oekraïne en twee lange kabinetsformaties invloed op het aantal mensen dat naar Nederland kwam. Van Zwol stelt daarom een migratiesaldo voor van 40.000 tot 60.000.
Het is aan de politiek wat het migratiesaldo ieder jaar is en in welke mate ervan kan worden afgeweken, vindt de commissie. "Deze bandbreedtes zijn geen harde quota of plafonds, maar streefcijfers", schrijven de onderzoekers.
Als de daadwerkelijke cijfers afwijken van het doel, dan moet de politiek aanvullende maatregelen nemen, luidt het advies. Wat de politiek dan verder ook besluit, het vizier moet in alle gevallen zijn gericht op 2050.
Source: Nu.nl economisch