Home

Meer mentaal welzijn met een microdosis psychedelica bij het ontbijt?

De interesse in het zogeheten microdosing groeit: een minuscule dosis psychedelica die zou helpen tegen een scala aan psychische klachten. Is daar ook wetenschappelijk bewijs voor? ‘We vinden nog niet veel, maar wat we vinden, is heel interessant.’

Een paar zinnen in haar dagboek, een meditatie-oefening en een capsule met gedroogde truffel. Dat is een typische ochtendroutine voor de 24-jarige Sofie (achternaam bekend bij de redactie), die sinds drie jaar aan microdosing doet.

Ze had last van ADHD-symptomen en zat niet lekker in haar vel. Een regelmatige kleine dosis psilocybine, de werkzame stof in hallucinogene truffels, geeft haar naar eigen zeggen meer greep op haar gemoedstoestand: ‘Mijn gewone ADHD-medicatie maakte me neerslachtig. Ik voel me nu meer verbonden met mijn omgeving en ik kan me meer bezighouden met creatieve dingen.’

Sofie is niet de enige. Microdoseren – het nemen van minuscule hoeveelheden psychedelica, zoals paddo’s of lsd, op regelmatige basis – is aan een opmars bezig. Cijfers over gebruikersaantallen ontbreken, maar de toenemende populariteit blijkt alleen al uit het groeiende aantal zoekopdrachten en wetenschappelijke publicaties over het onderwerp.

Door de lage dosis leiden de psychedelica niet tot hallucinaties, maar zijn de effecten subtieler. Daardoor zou microdoseren volgens gebruikers te combineren zijn met de gewone dagelijkse activiteiten. De positieve verhalen zijn talloos: microdosing zou helpen tegen depressie en angsten, je zou er creatiever, productiever, of energieker van worden, het zou je een meer betrokken ouder maken, zelfs een leuker mens. Kan dat allemaal, en wat zegt de wetenschap?

Vraag microdosers en niet-microdosers naar hun ervaringen, dat lijkt de simpelste manier om te testen wat het effect is van de kleine beetjes psychedelica. Net als de verhalen van gebruikers zijn dit type wetenschappelijke onderzoeksresultaten vaak jubelend: microdosers hebben minder last van psychologische kwalen als angst, depressie en stress.

Hoewel zo’n langdurig onderzoek met veel proefpersonen een hoger wetenschappelijk gehalte heeft dan de anekdoten op internetfora, vormt het geen waterdicht bewijs. Deze onderzoeken hebben namelijk geen controlegroep. Dat wil zeggen, niemand van de proefpersonen krijgt zonder het te weten een placebo.

In onderzoeken met placebo-controle blijven overweldigende resultaten uit. De beloofde cognitieve verbeteringen, zoals meer creativiteit, zijn in het lab ineens nauwelijks vindbaar meer. Verbeteringen in de gemoedstoestand blijken vooral te ontstaan door de positieve verwachting van proefpersonen. De meeste klinische onderzoeken naar microdoseren eindigen dan ook met de sceptische conclusie dat de werking te verklaren is door het placebo-effect.

Kim Kuypers is psychofarmacoloog en doet zulk onderzoek aan de Universiteit Maastricht. Zij erkent dat het klinische bewijs tot nu toe schaars is, maar vindt dat toch geen reden om microdoseren af te doen als placebo. ‘We vinden inderdaad nog niet veel, maar wat we wel vinden, is heel interessant.’

Ze doelt onder andere op hersenonderzoek, waaruit blijkt dat een kleine dosis lsd ertoe leidt dat de amygdala, het emotiecentrum van het brein, meer verbindingen maakt. Ook e.e.g-metingen laten zien dat een microdosis psychedelica effect heeft op hersenactiviteit. Die kleine overwinningen stemmen Kuypers hoopvol: ‘We hebben misschien nog niet de juiste meetmethode gevonden. Maar ik zou het jammer vinden als dit onderwerp daardoor in het verdomhoekje komt.’

Terwijl onderzoekers verder zoeken naar antwoorden, gaan microdosers zelf in de weer met ‘protocollen’. De populairste is die van James Fadiman, een Amerikaanse psycholoog die al sinds de jaren zestig onderzoek doet naar psychedelica en in 2011 een boek uitbracht, The Psychedelic Explorer’s Guide.

Fadiman – sommigen noemen hem de ‘godfather van microdosing’ – bedacht een methode waarin je één dag microdoseert, gevolgd door twee dagen niet. Dit om te voorkomen dat het lichaam went aan het psychoactieve middel. Een andere methode is die van Paul Stamets, schimmelonderzoeker en psychedelica-bepleiter, waarbij men vier of vijf dagen achter elkaar gebruikt, gevolgd door drie of twee dagen niets.

De meningsverschillen over de ‘beste’ methode beperken zich niet tot de doseringsdagen. Ook wélke psychedelische middelen, hoeveel precies, eventuele begeleidende stoffen, zoals de vermeend heilzame paddestoel lion’s mane: het is onder gebruikers allemaal voer voor discussie.

Het gebrek aan richtlijnen leidt ertoe dat sommigen thuis gaan experimenteren en dat gaat niet altijd goed. Zo zijn grapjes over doseringsfouten populair op internet: plaatjes onder de noemer ‘that wasn’t a microdose’ waarin gebruikers beschrijven dat ze de maandagochtendvergadering op het werk ervaren alsof ze Pino (van Sesamstraat) in een Star Wars-schip zijn.

Volgens Steven Biemans, voorlichter van het Trimbos-instituut, is dat niet zo onschuldig als het lijkt. ‘Voor mensen die zelf gaan experimenteren is de kans groot dat ze te veel binnenkrijgen. Hoeveel werkzame stof zit er nou precies in een stukje paddo of lsd? Het gaat om milligrammen en microgrammen, dat is aan de keukentafel bijna niet nauwkeurig te doen.’

Biemans benadrukt dat microdosers niet te luchtig moeten omgaan met psychedelica. ‘Aan drugsgebruik zitten altijd risico’s, je kunt voor vervelende verrassingen komen te staan. Zo moet je echt niet autorijden met een microdosis op.’ Bovendien, zegt Biemans, kunnen er psychische bijwerkingen zijn, zoals angst, onrust en verwarring.

Hein Pijnnaken, mede-oprichter van het Microdosing Institute, begrijpt de bezorgdheid. Zijn organisatie werkt samen met wetenschappers om hen in contact te brengen met gebruikers van psychedelica. Het instituut richt zich daarnaast op het informeren van gebruikers en biedt cursussen aan, zoals de zesweekse Microdosing immersive.

Pijnnaken benadrukt dat het testen van doseringen om de zogenaamde ‘sweet spot’, de ideale microdosering te vinden, op een vrije dag moet gebeuren. ‘Zonder verplichtingen, dus ook niet autorijden of naar je werk, zodat je veilig kunt uitvinden of de dosis geschikt is.’

Thuis dokteren met psychedelica kan er volgens Trimbos-voorlichter Biemans toe leiden dat kwetsbaren andere behandelmethoden links laten liggen. In wetenschappelijk onderzoek naar psychedelica worden mensen met (risico op) psychoses uit voorzorg vaak uitgesloten. Bovendien moeten mensen voorzichtig zijn als ze willen microdoseren in combinatie met andere medicijnen, waarschuwt de website van Microdosing Institute.

Veel mensen microdoseren niet om hun mentale gezondheid, maar om hun prestaties te verbeteren, signaleert Machteld Busz, directeur van stichting Mainline. De stichting zet zich in voor de veiligheid van drugsgebruikers en pleit voor meer openheid in het maatschappelijke debat rond drugsgebruik. Busz noemt microdoseren een ‘typisch neoliberaal fenomeen, overgewaaid uit Silicon Valley’.

Dat het bijdraagt aan self-enhancement past volgens haar in de bredere selfcaretrend onder welvarende westerlingen: het individuele welzijn staat voorop. Busz: ‘Psychedelica hebben dankzij die gebruikersgroep een uitzonderingspositie ten opzichte van andere drugs. Wie heroïne of methamfetamine gebruikt is een enorme loser, wie psychedelica gebruikt werkt aan zijn spirituele ontwikkeling.’

En dat terwijl de oorspronkelijke inheemse culturele waarde van psychedelica juist draait om gemeenschapszin. In een wetenschappelijke publicatie in het vakblad The Lancet uitten wetenschappers hun bezorgdheid over de culturele toe-eigening van psychedelica door het Westen.

Ze formuleerden aanbevelingen om op een ethische manier met de middelen om te gaan, zoals met eerbied voor de natuur en door ervoor te zorgen dat inheemse culturen ook profiteren van de groeiende populariteit van de eeuwenoude gebruiken.

De nieuwe, westerse gebruikersgroep wordt aangesproken door de frisse marketing van microdose-producten. Ervaringsdeskundigen zien het aan het flowerpower-hippie lettertype en de versluierde toespelingen op psychedelische effecten.

Maar verder gaan producten zoals psychoactieve truffelthee of chocolaatjes met tripmiddelen op in de massa millennial-merken die de markt overspoelen, van luxehandzeep tot gefermenteerde frisdrank. Dat kan tot misverstanden leiden, bijvoorbeeld wanneer kinderen de vrolijke verpakkingen in handen krijgen.

Aanbieders opereren bovendien juridisch in een grijs gebied. Sinds 2008 is het in Nederland illegaal om paddo’s te kopen of te bezitten. Psychedelische truffels, die onder de grond groeien, zijn in smartshops wel vrij verkrijgbaar, mits in onbewerkte, verse vorm. Gedroogde truffelthee verkopen mag dus niet.

De werkzame stof psilocybine geldt, net als lsd, zelfs als harddrug. Machteld Busz pleit voor betere regulering. ‘Op dit moment is er geen duidelijkheid over waar een product gemaakt is of wat er precies in zit. Producenten hebben er geen belang bij om eerlijke informatie te verschaffen, want controle is er niet.’

Juist de aanbieders die psychedelica als snoepjes verkopen met de belofte dat het depressie geneest, dragen volgens Pijnnaken bij aan de misverstanden over microdoseren. ‘Psychedelica werken niet zoals reguliere medicijnen.’

Op de website van het Microdosing Insitute staat daarom veelvuldig vermeld dat microdoseren geen quick fix is, maar een steuntje in de rug voor mensen die vastzitten en op zoek zijn naar nieuwe inzichten. Pijnnaken: ‘Wat het voor je doet, hangt af van je intentie.’

Dat ervoer microdoser Sofie ook, die zich al langer verdiepte in meditatie en spiritualiteit: ‘Ik kon ineens mijn gedachten los zien van mezelf. Dat kun je ook met mediteren en therapie bereiken, maar met microdoseren ging het sneller.’

Psychedelica zijn geen wondermiddel, zegt wetenschapper Kim Kuypers. Tegelijkertijd is het volgens haar ‘een illusie’ dat we alle psychische aandoeningen met een pil kunnen oplossen: ‘Standaardmedicijnen zoals antidepressiva werken ook niet voor iedereen. We moeten holistischer kijken.’ Maar ze wil mensen niet aanmoedigen om te gaan microdoseren: ‘We weten nog niet genoeg over de veiligheid en effectiviteit.’

Een beknopte geschiedenis van psychedelica door de eeuwen heen

7000-5000 voor Christus
In een grot in de Algerijnse Sahara vonden archeologen in de jaren dertig van de vorige eeuw muurschilderingen die, volgens sommigen, duiden op prehistorisch psychedelicagebruik. Figuren die bedekt zijn met paddestoelen, of met een paddovormig hoofd, zouden wijzen op het rituele gebruik van psilocybine-houdende shrooms.

3700 voor Christus
Fossielen van de cactussoort peyote, die dankzij de stof mescaline een psychedelische werking heeft, dateren van duizenden jaren geleden. Opvallend genoeg komt peyote ook voor in prehistorische kunstwerken uit de Amerikaanse staat Texas. Dat wijst erop dat de eeuwenoude volkeren de hallucinerende kracht van de plant kenden.

1500-1000 voor Christus
Beroemd archeologisch bewijs voor het gebruik van psychedelica zijn de mushroom stones, uit Mexico, Guatemala, Honduras en El Salvador. De stenen beeldjes hebben de vorm van mannetjes met paddestoelen als hoofden en zijn vermoedelijk door Maya’s gemaakt.

1496-1864
Toen de eerste Europeanen in Zuid- en Midden-Amerika arriveerden, stuitten ze op allerlei rituele gebruiken van de volkeren aldaar. Ze kwamen terug met verslagen over psilocybe paddestoelen, peyote, maar ook ayahuasca en de hallucinogene iboga-struik kwamen voor.

1943
In 1938 maakte de Zwitserse scheikundige Albert Hofmann voor het eerst het synthetische molecuul lysergic acid diethylamide, oftewel lsd. Nadat hij zijn ontdekking vijf jaar op de plank had laten liggen, besloot hij de effecten van het middel aan den lijve te ondervinden: op 19 april 1943 nam Hofmann een dosis van 250 microgram, hetgeen een sterker effect had dan hij aanvankelijk dacht.

1947
Kort na de ontdekking van lsd gingen wetenschappers het middel in onderzoek gebruiken. Psychiaters meenden dat het de effecten van schizofrenie kon nabootsen, wat het makkelijker moest maken deze ziekte te onderzoeken.

1957
Een artikel in het Amerikaanse Life Magazine introduceerde psychedelische paddestoelen aan een breed westers publiek. De auteur, R. Gordon Wasson, reisde af naar de Mexicaanse staat Oaxaca, waar hij deelnam aan een Mazteekse psilocybineceremonie, en deed verslag.

1970
Na een korte maar hevige opleving van psychedelica in de populaire cultuur, waren de middelen in 1970 alweer verboden in Amerika. De reden voor het verbod was officieel dat de drugs verslavend zouden werken en dat de veiligheid niet voldoende was aangetoond. Anderen beweren dat de opkomst van de hippies en de ‘tegencultuur’ die hand in hand gingen met die van psychedelica, de middelen de das om deden.

2023
De Amerikaanse voedsel- en warenautoriteit FDA bracht nieuwe richtlijnen uit voor onderzoek naar therapeutisch gebruik van psychedelica. Volgens de autoriteit kunnen mdma en lsd helpen bij depressie en ptss. In Australië kunnen artsen sinds dit jaar al mdma voorschrijven voor die mentale ziekten.

Source: Volkskrant

Previous

Next