Voor het onderzoek moesten woelmuizen hendels indrukken om een doorzichtige deur te openen. Achter de deur zat hun partner of een onbekende muis. De muizen maakten meer dopamine (ook wel bekend als het gelukshormoon) aan wanneer ze de deur naar hun partner opendeden, dan wanneer ze dat voor een onbekende muis deden. Ook knuffelden de muizenstelletjes meer als ze bij elkaar waren.
"We denken dat het verschil (in dopamineaanmaak, red.) komt doordat de muizen weten dat ze op het punt staan herenigd te worden met hun partner. Dat wijst erop dat het fijner voelt om te herenigen met een partner dan met een woelmuis die ze niet kennen", licht een van de onderzoekers toe.
Maar dit effect trad niet meer op wanneer muizen voor vier weken van elkaar gescheiden werden. Dat is in het leven van een woelmuis een behoorlijke periode. Ook het knuffelgedrag veranderde. Volgens onderzoekers betekent dit niet dat de muizen elkaar vergeten waren, maar dat hun band verslechterd was.
De onderzoekers zeggen tegen The Guardian dat de resultaten mogelijk ook relevant zijn voor mensen. Mocht toekomstig onderzoek uitwijzen dat dit ook zo werkt bij mensen, dan leren we mogelijk meer over de rol van het brein bij het nare gevoel dat mensen overhouden aan relatiebreuken.
Het zou erop kunnen wijzen dat dopamine cruciaal is voor het onderhouden van menselijke relaties. Het zou ook mensen kunnen helpen bij het verwerken van een relatiebreuk. Je zou immers dopamine blijven aanmaken als je je ex weer ziet. "Daarmee stel je eigenlijk het verwerken van je verlies uit", zegt de onderzoeker.
Source: Nu.nl algemeen