Een grootschalige oorlog is het nog niet, maar de spanning tussen Libanon en Israël loopt hoog op. Naast de oorlog in Gaza dreigt een tweede front. De ‘spelregels’ die het Israëlische leger en de militante groepering Hezbollah hanteren, zijn aan het verschuiven, zonder dat iemand weet waar dat eindigt. Vooral Israël neemt grote risico’s, bijvoorbeeld met de uitschakeling van de hoogste Hezbollah-commandant van zuidelijk Libanon, Wissam al-Tawil, begin deze week.
Eerder doodde Israël met vergelijkbare precisieaanvallen vanuit de lucht een hoge Hamas-leider in Beiroet en de hoogste Iraanse militair in Syrië, eveneens een belangrijke schakel in de door Teheran geleide ‘as van het verzet’. Dit alles gebeurde binnen een tijdsbestek van twee weken, zodat het erop lijkt dat Israël van tactiek verandert. ‘Ze vuren niet langer lukraak richting de valleien waar Hezbollah’s raketten vandaan kwamen, maar proberen doelgericht kopstukken uit te schakelen’, zegt de in Beiroet gevestigde militair analist Nicholas Blanford, verbonden aan denktank Atlantic Council.
Over de auteur
Jenne Jan Holtland is correspondent Midden-Oosten voor de Volkskrant. Hij woont in Beiroet, en is auteur van het boek De koerier van Maputo (2021).
Terwijl Hezbollah een grote oorlog wil vermijden, is dat bij Israël minder duidelijk. Het roept de vraag op waar Netanyahu’s kabinet precies op uit is. Wil het Hezbollah met precisieaanvallen uit de tent te lokken, zoals sommigen denken, en zo aansturen op een bredere, regionale oorlog? Voorlopig niet, denkt Blanford. ‘Israëls legerleiding is zich bewust van Hezbollah’s militaire kracht. Die van Hamas verbleekt daarbij. Een oorlog zou een grondinvasie betekenen. In de heuvels van Zuid-Libanon wordt het leger dan opgewacht door uiterst gemotiveerde Hezbollah-strijders. Dat zou enorme verliezen opleveren, net als bij de laatste oorlog in 2006.’
Voorafgaand aan die oorlog (die 34 dagen duurde) stelde Israël zich tot doel een ‘bufferzone’ in Zuid-Libanon te creëren en Hezbollah militair een kopje kleiner te maken, zoals het dat nu probeert met Hamas in de Gazastrook. Beide doelen mislukten. Zeventien jaar later is Hezbollah een nog veel geduchtere tegenstander, met een tienmaal zo groot rakettenarsenaal en een generatie van strijders met gevechtservaring in Syrië. Daar vochten ze op uitnodiging van president Assad tegen onder meer de extremisten van Islamitische Staat (IS).
Militair gesproken is een invasie dus een hachelijk avontuur. Maar hoe onaantrekkelijk het ook klinkt, Netanyahu en zijn ministers zouden ervoor kunnen kiezen, bijvoorbeeld om een politieke overwinning te behalen die ze al maanden niet kunnen krijgen in Gaza. Aan het adres van Hezbollah klinkt voortdurend dreigende taal. ‘Ze zien wat er in Gaza gebeurt, ze weten dat we dat naar Beiroet kunnen kopiëren en plakken’, zo zei defensieminister Yoav Gallant.
Sinds oktober zijn 100 à 120 duizend Israëliërs hun huizen aan de grens ontvlucht, en Netanyahu’s kabinet heeft hun beloofd dat Hezbollah uit het grensgebied weggeduwd zal worden, zodat het raketvuur stopt en ze weer naar huis kunnen. Het is een dure belofte die het kabinet als een boemerang naar zijn hoofd geslingerd kan krijgen. ‘Met die belofte hebben ze zich mogelijk willens en wetens aan een koers van militaire actie gecommitteerd’, aldus de liberale Israëlische krant Haaretz.
De klok tikt, en dus kijkt iedereen naar de Amerikanen die met diplomatie de boel proberen te kalmeren. Donderdag komt Midden-Oostengezant Amos Hochstein naar verwachting aan in Beiroet, nadat hij vorige week in Israël met Netanyahu had gesproken. De inzet: een akkoord smeden omtrent de landsgrens tussen Israël en Libanon die nooit is vastgesteld. Mits hij voor beide partijen is uit te leggen als een overwinning, zou zo’n deal kunnen werken.
De grove lijnen zijn min of meer bekend. Hezbollah’s elite-eenheid (Radwan) zou zich moeten terugtrekken uit het zuiden, in ruil voor Israëls terugtrekking uit onder meer Ghajar en de zogeheten Shebaa-boerderijen – bezette grensdorpen die al jaren door Libanon worden geclaimd. Hezbollah-leider Hassan Nasrallah lijkt ervoor warm te lopen. Vorige week sprak hij in een toespraak van een ‘historische kans’ om Libanees grondgebied te ‘bevrijden’.
Wel zijn er grote vraagtekens. Onduidelijk is bijvoorbeeld of het relatief zwakke Libanese leger in staat is Hezbollah’s terugtrekking te handhaven. Na de oorlog van 2006 lag er ook al een VN-resolutie (1701) die zo’n terugtrekking moest regelen, maar die is nooit uitgevoerd. VN-vredesmacht Unifil, die in het grensgebied patrouilleert, zal moeten worden verstevigd. Belangrijker nog: Hezbollah wil alleen praten over een deal als er een staakt-het-vuren is in Gaza. ‘Zolang dat ontbreekt, is de Amerikaanse diplomatie prematuur’, zo zegt een bron binnen de Libanese regering op voorwaarde van anonimiteit. Een deal is dus nog ver weg. Tot die tijd kan het conflict ieder moment ontaarden in iets veel groters.
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
Voor snelle wijzigingen en bezorging
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2024 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden