Home

Bij genocide-aanklacht tegen Israël staat vooral gezichtsverlies op het spel

Het Internationaal Gerechtshof in Den Haag buigt zich vanaf vandaag over een genocide-aanklacht, aangespannen door Zuid-Afrika. De meest urgente zorg van Israël, de beschuldigde partij, is echter niet dat het hof zal vaststellen dat de bevolking van Gaza inderdaad slachtoffer is van een poging tot genocide, uitgevoerd door het Israëlische leger. Dat komt later wel aan de orde, in een procedure die jaren kan duren.

Wat Israël nu vooral vreest, is dat het hof ‘voorlopige maatregelen’ zal treffen, mogelijk deze maand al, behelzend dat Israël de militaire operatie in de Gazastrook moet staken. Dit ‘om de rechten van de partijen te beschermen’ zolang de zaak onder de rechter is, in de terminologie van het statuut van het hof.

Niet dat Israël daaraan gehoor zal geven, die kans is klein. Dergelijke besluiten van het hof zijn wel bindend, maar er bestaat geen instantie die ze kan afdwingen. Hooguit de VN-Veiligheidsraad, maar daar geniet Israël bescherming van het Amerikaanse veto.

Over de auteur
Rob Vreeken is correspondent in Istanbul voor de Volkskrant. Hij schrijft over Turkije, Iran en Israël/Palestina. Voorheen werkte hij op de buitenlandredactie, waar hij zich specialiseerde in mensenrechten, Zuid-Azië en het Midden-Oosten.

Uitermate schadelijk voor Israël in dat geval is echter het gezichtsverlies. Het isolement van het land zal nog groter worden. Als de opdracht van de rechters wordt genegeerd, zal Israël een verwijt bevestigen dat het land toch al aankleeft, namelijk dat het zich niets aantrekt van het internationaal recht. Zie de illegale nederzettingen.

Het Internationaal Gerechtshof is niet een of ander VN-lichaam met een bevlekte reputatie, het is een zeer gezaghebbend instituut. Het behandelt geschillen tussen staten en geeft soms juridische adviezen. De oordelen van het hof zijn meer dan wat ook maatgevend voor de stand van het internationaal recht. Dat Israël heeft besloten aan de zittingen deel te nemen, maakt het moeilijk een uitspraak van de rechters als irrelevant terzijde te schuiven.

Bovendien zal, indien het hof tot een inhoudelijke behandeling besluit (dat is nu nog niet het geval), de aantijging van genocide – en de mogelijkheid van een veroordeling – nog jaren als een onwelriekende wolk boven Israël blijven hangen. Zoiets als: schuldig tot het tegendeel bewezen is.

Om de imagoschade van voorlopige maatregelen te beperken, kan Israël besluiten – ongetwijfeld onder druk van de VS – de strijd op een lager pitje voort te zetten en meer humanitaire hulp toe te laten. In die zin kan een voorlopige order van het hof wél meteen effect hebben, ook als Israël blijft dwarsliggen.

Uiteraard werkt het scenario ook de andere kant op. Als er geen voorlopige maatregelen komen, zal de regering-Netanyahu opgelucht ademhalen. Als het hof vervolgens óók nog eens besluit de zaak helemaal niet te openen (omdat het meent geen rechtsmacht te hebben), kan in Jeruzalem de blauw-witte vlag uit. Israël kan dan met meer kracht volhouden dat van genocide geen sprake is. Zuid-Afrika zal zijn wonden moeten likken, evenals het Palestijns verzet.

Zover is het allemaal nog niet. Eerst moet het hof vaststellen of Zuid-Afrika wel een zaak kan aanspannen. Hoogstwaarschijnlijk is dat het geval, op grond van het Genocideverdrag waarbij beide landen zijn aangesloten.

Vervolgens moet het hof vaststellen of het op het eerste gezicht überhaupt rechtsmacht (bevoegdheid) heeft, een beslissing die Israël in beroep nog eens kan aanvechten. Intussen kan het hof voorlopige voorzieningen treffen (of niet). Het is ook mogelijk dat de rechters slechts een deel van de door Zuid-Afrika geëiste maatregelen toekennen. Bijvoorbeeld geen algeheel verbod op militaire operaties, wel de plicht meer hulp toe te laten.

Een inhoudelijke behandeling kan daarna jaren duren. Een uitkomst is moeilijk te voorspellen. De hoogste horde voor Zuid-Afrika is het bewijzen van een intentie bij Israël om – in de woorden van het Genocideverdrag – een bevolkingsgroep ‘geheel of gedeeltelijk als zodanig te vernietigen’.

Het moet gezegd: de pleitnota die Zuid-Afrika vandaag indient, bevat een ontluisterende opsomming van uitspraken van Israëlische hoogwaardigheidsbekleders, die openlijk hebben verklaard dat héél Gaza eraan moet geloven. Daar was geen woord Frans bij.

Zo zei president Isaac Herzog op een persconferentie dat in Gaza geen onschuldige burgers wonen: ‘De hele natie is verantwoordelijk.’ Premier Benjamin Netanyahu verwees dreigend naar de Joodse wraakactie tegen de Amalek-stam, waarover de Bijbel zegt: ‘Spaar niemand, dood zowel mannen als vrouwen, kinderen en zuigelingen, kamelen en ezels.’

Leidende figuren hebben bepleit dat Gaza moet worden afgeknepen van alle hulp en onbewoonbaar moet worden. ‘Het noorden van de Gazastrook is mooier dan ooit’, tweette minister van Erfgoed Amihai Eliyahu. ‘Alles is opgeblazen en platgegooid, een lust voor het oog.’ In een interview opperde hij een kernbom op Gaza te gooien.

De repliek van Israël zal vrijdag ongetwijfeld zijn dat dergelijke uitlatingen niet zijn vertaald in een genocidale aanpak door het leger. Verder liet Israël vorige week al weten dat de aanklacht ‘elke wettelijke basis ontbeert’. Zuid-Afrika is ‘crimineel medeplichtig aan de genocidale, terroristische organisatie’ Hamas. De Zuid-Afrikaanse claim komt neer op ‘blood libel’ (bloedsprookje), een uit de Middeleeuwen stammend antisemitisch fenomeen, waarbij Joden worden beschuldigd van rituele moorden.

Israël heeft nog twee juridische kopzorgen. Een jaar geleden is het Internationaal Gerechtshof door de VN-assemblee om een oordeel gevraagd over de ‘wettelijke gevolgen’ van de bezetting van de Westoever en Gaza. De hoorzittingen daarvoor beginnen op 19 februari.

Twintig jaar geleden deed het hof een (niet-bindende) uitspraak over de bouw van de Israëlische muur op de Westoever. Die was illegaal volgens het hof, dat in één moeite door vaststelde dat alle Joodse nederzettingen illegaal zijn. ‘Het Hof concludeert dat de nederzettingen in het Bezet Palestijns Gebied (inclusief Oost-Jeruzalem) gevestigd zijn in strijd met het internationaal recht.’ Daaraan kan sindsdien geen enkele twijfel meer bestaan.

Ten slotte onderzoekt het Internationaal Strafhof (dat individuen vervolgt) mogelijk door Israël én Hamas gepleegde oorlogsmisdrijven.

Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.

Voor snelle wijzigingen en bezorging

U bent niet ingelogd

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2024 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden

Source: Volkskrant

Previous

Next