Home

Met z’n allen rond je cluppie: het onstuitbare succes van de voetbaldocumentaire

Acteur Rik Verheye en podcaster annex mediaondernemer Sam Kerkhofs, de nieuwe eigenaren van voetbalclub Sporting Hasselt, staan voor een scherm met namen, feitjes en data van spelers. ‘Hé Nico, de voorzitters hier’, zegt Verheye terwijl hij belt met Hasselt-spits Nicolas Orye. ‘We hebben een vraagje: we zijn even ons scoutingapparaat aan het updaten, hoeveel weeg jij op dit moment?’ Als de lange aanvaller antwoordt dat hij ongeveer 90 kilo weegt, reageert Verheye verrast. ‘Waarom staat hier dat jij vorig jaar nog 71 kilo woog? Je hebt je laten gaan, Nicolas’, grapt hij. ‘Wees voorzichtig, want ik lees hier ook nog dat je ‘een erg hoog risico’ hebt op een blessure.’

Het is zomaar een scène uit De Spor, de vermakelijke documentaireserie die sinds eind november in België is te zien. De serie gaat over de populaire Vlamingen Rik Verheye en Sam Kerkhofs, die besluiten de voetbalclub Sporting Hasselt over te nemen. Voor de spelers van de kleine club – uitkomend op het vierde niveau van België, niet bepaald het summum van voetbalglamour – moet het even wennen zijn: plots worden ze overal gevolgd door camera’s en kunnen ze uit het niets gebeld worden door twee bekende Vlamingen die vragen hebben over hun gewicht.

Over de auteur
Michel Doodeman (1996) schrijft als freelance journalist voor de Volkskrant over onder meer sport, media en cultuur.

De Spor is het recentste voorbeeld van een documentairereeks waarin het reilen en zeilen van een voetbalclub wordt gevolgd, een type serie dat de laatste jaren aan populariteit wint. Zo lanceerde HBO in mei Angel City, dat gaat over het eerste officiële competitieseizoen van Angel City FC, een Amerikaanse vrouwenvoetbalclub die is opgezet door een grote groep investeerders onder leiding van actrice Natalie Portman. Eerder had Netflix succes met Sunderland ‘Til I Die, over het wel en wee van voetbalclub Sunderland – waarbij het wee trouwens overheerste; de club degradeerde meteen in het eerste seizoen van de serie.

De populariteit van Sunderland ‘Til I Die heeft het genre een flinke boost gegeven. De serie vormde de inspiratie voor Welcome to Wrexham, waarin we zien hoe Hollywood-acteurs Ryan Reynolds en Rob McElhenney samen Wrexham AFC kopen, een nietige club uit Wales die jarenlang werd geplaagd door financiële en sportieve tegenspoed. Het project is een groot succes: het tweede seizoen is nu te zien op Disney Plus, een derde seizoen is aangekondigd. Wat verklaart het succes van de series?

Dat Sunderland en Wrexham op sportief gebied niet direct succesvol waren, stond de populariteit van de documentaireseries niet in de weg, integendeel zelfs: een deel van de charme is dat het niet altijd goednieuwsshows zijn. In Welcome to Wrexham loopt Wrexham aan het einde van het eerste seizoen nét promotie mis. De serie zit vol met knipogen, grappen en ironische terzijdes, maar hier zien we de pure ontgoocheling bij eigenaren Reynolds en McElhenney: het doel waar ze het hele seizoen naartoe hebben gewerkt, wordt niet gehaald.

Volgens Robbie Peters, die namens televisieproducent Southfields meerdere voetbaldocumentaires regisseerde, moet er in een documentaireserie geen sprake zijn van ‘gelikte marketing’, maar oogst een club sympathie door ‘aanraakbaar’ te zijn. ‘Wat mij bindt aan een voetbalclub, is dat wat we zien echt en kwetsbaar is, en dat zo’n seizoen met vallen en opstaan gaat’, zegt hij. Het verklaart waarschijnlijk ook waarom de documentaireserie over het kwakkelende Sunderland meer aansloeg dan die over de weinig kwetsbare superclub Manchester City.

‘Je laat zien dat er in die best wel harde, zakelijke voetbalwereld met hart en ziel wordt gewerkt’, zegt Peters. ‘Als je als club toestaat dat zo’n documentaire dichtbij komt en accepteert dat daar ook falen of interne ruzietjes bij horen, kun je daar veel mee winnen.’ Door in zo’n serie ongefilterd de gedrevenheid van de medewerkers achter de schermen te tonen, kan een voetbalclub dus de sympathie van veel kijkers winnen.

In Welcome to Wrexham zien we spits Paul Mullin – die in de krochten van het Engelse voetbal een soort doelpuntengod is – op het strand spelen met zijn zoontje Albi. Mullin rent vlak langs het water achter het lachende jongetje aan en zet hem op zijn schouders. Ondertussen zien we beelden van de voetballer in zijn woonkamer, waar hij vertelt over Albi’s autisme-diagnose. ‘Uiteindelijk staat voetbal op de tweede plaats voor mij’, zegt de Wrexham-held zacht. ‘Hij is het belangrijkst voor me.’

Later in de serie praat Wrexham-keeper Ben Foster, die een razend populair YouTubekanaal heeft waarin hij kijkers meeneemt in het dagelijks leven van een voetballer, in de kleedkamer met teamgenoot Aaron Hayden. ‘Mensen willen een kijkje achter de schermen’, zegt Foster nadat zijn collega hem heeft gecomplimenteerd met zijn vlogs. Hayden reageert instemmend: ‘Dan zien ze dat we geen robots zijn.’

De documentaireseries tonen de voetballers als doodgewone jongens die op een vrije dag door de dierentuin lopen met hun kinderen of naar het park gaan, waarmee ze de spelers ook wat menselijker maken.

In De Spor ligt de focus niet alleen op het voetbalgedeelte. ‘Ze filmen eigenlijk alles’, zegt Jeroen Fissette, Sporting Hasselt-watcher namens de Vlaamse krant Het belang van Limburg. ‘Er hangt een vaste camera in de kleedkamer, zowel bij uit- als thuiswedstrijden. Daarnaast volgen ze twee spelers – ook bij hen thuis – en een paar vrijwilligers die echt tot het meubilair van de club behoren. En uiteraard de nieuwe eigenaren.’

Zo zien we de kersverse clubeigenaar Kerkhofs in De Spor zes uur voor aanvang van een wedstrijd zenuwachtig door zijn woonkamer ijsberen. ‘Ben je nerveus?’, vraagt zijn partner Sophie, maar de heen en weer lopende Kerkhofs lijkt het niet te horen. ‘Ik hoop wel dat hij een beetje leert relativeren. Niet altijd zijn sterkste kant’, zegt Sophie kort daarna. Ook maken we kennis met conciërge Gilbert, die naar eigen zeggen ‘al 67 jaar bij de club rondloopt’. ’s Avonds laat veegt hij de kleedkamers nog schoon en doet hij, schuifelend door de gangen, alle lichten uit.

De documentaireseries laten alle facetten van een club zien. Ze kunnen daarmee ‘de fanbeleving verrijken’, zegt Ruud Koning, bijzonder hoogleraar sporteconomie aan de Rijksuniversiteit Groningen. ‘Je zorgt er als club voor dat de fan een beetje over de schouder kan meekijken. Daarmee bied je iets extra’s aan.’

Veel van de clubs uit de series bevinden zich in bescheiden steden als Wrexham, Sunderland en Hasselt. Dat maakt het makkelijker om de gemeenschap in beeld te brengen dan in pakweg Londen of Parijs. Bovendien lijken de resultaten van de clubs in kleinere steden zowel in goede als slechte tijden meer effect te hebben op het algehele gemoed van de inwoners, zoals ook te zien is in Sunderland ‘Til I Die.

Aan het einde van het eerste seizoen van die serie, als de aankomende degradatie als een donderwolk boven de club hangt, zien we een pastoor in de St. Mary’s Church, in de binnenstad van Sunderland. ‘De vrees voor degradatie is een grote zorg voor iedereen in de stad’, vertelt hij terwijl hij kaarsjes aansteekt in de kerk. ‘Frustraties op het voetbalveld leidden tot een toename in het aantal kerkbezoekers.’ Kort daarna zien we hoe fans met Sunderland-sjaals om in de kerkbankjes aandachtig naar de pastoor luisteren. Het geeft perfect weer hoe de voetbalclub verweven is met de stad.

In de eerste maand na de première van de serie kreeg Wrexham bijna 150 duizend nieuwe volgers op de socialemediakanalen. Bovendien namen in die periode 185 duizend nieuwe bezoekers een kijkje in de onlinewebshop van de club, een ongekend aantal voor een vijfdedivisionist.

De documentaires boren dus een compleet nieuwe fanschare aan, maar kunnen er tegelijkertijd ook voor zorgen dat trouwe supporters meer binding krijgen met hun favoriete club. Het maken van zo’n serie kan daardoor uiteindelijk ook leiden tot ‘financieel gewin’, vertelt Koning. ‘In de zin dat fans zich meer verbonden voelen met de club en misschien ook eerder geneigd zijn om een shirt te kopen of hun seizoenkaart te verlengen.’

Daarnaast zijn er ook gegarandeerde, makkelijker meetbare inkomsten: het geld dat een zender of streamingdienst aan een club betaalt om de serie te mogen uitzenden. Het eerste seizoen van Welcome to Wrexham leverde de club en haar eigenaren naar verluidt zo’n 3,2 miljoen euro op (enkele tonnen per aflevering). Het vooruitzicht van inkomsten op de korte én lange termijn verklaart waarom steeds meer kleine clubs zich wel willen wagen aan een documentaireserie.

Ook De Spor moet uiteindelijk voor meer fans en inkomsten gaan zorgen. De serie kent – met twee bekende eigenaren die een club uit een lagere divisie overnemen – opvallende gelijkenissen met Welcome to Wrexham. Bovendien is er nog een overeenkomst: ‘Ze zijn meesters in het creëren van een hype. Het was afgelopen zaterdag bij de wedstrijd van Sporting Hasselt net alsof je in een showprogramma zat’, zegt journalist Jeroen Fissette lachend.

Hoeveel impact De Spor op de lange termijn heeft, is nog even afwachten. ‘Het is pas de eerste keer dat zoiets in Vlaanderen gebeurt’, zegt Fissette. ‘Als we er hier in Hasselt allemaal zot van zijn, wil dat nog niet zeggen dat ze er in Kortrijk of Brugge ook naar gaan kijken.’

Netflix richt zich steeds meer op sportcontent: de streamingdienst bracht in 2023 veelgeprezen documentaireseries uit over voetbal (Beckham), tennis (Break Point) en golf (Full Swing). Ook was er een nieuw seizoen van het populaire Drive to Survive (over de Formule 1). Het valt op dat Netflix minder geïnteresseerd is in de (vaak peperdure) rechten van grote live-sportevenementen. ‘We zijn niet anti-sport, we zijn gewoon pro-winst’, zei ceo Ted Sarandos daar in 2022 over.

Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.

Voor snelle wijzigingen en bezorging

U bent niet ingelogd

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2024 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden

Source: Volkskrant

Previous

Next