Home

Waarom klantenauto's sleutelrol kunnen spelen in Hypercar-klasse WEC

Het World Endurance Championship beleeft momenteel een nieuwe glorietijd. Nadat de Hypercar-reglementen werden geïntroduceerd hebben de autofabrikanten de weg naar het kampioenschap weer gevonden. Daardoor zijn er in 2024 maar liefst negen merken vertegenwoordigd in de hoogste klasse - het hoogste aantal sinds de oprichting van het WEC in 2012 - en gezamenlijk zetten ze maar liefst negentien auto's in. Daarmee lijkt een nieuwe gouden tijdperk voor de endurance aangebroken te zijn, maar Thomas Laudenbach beseft dat het tijd snel kan keren als de fabrikanten besluiten om het kampioenschap weer te verlaten. De vice-president van Porsche Motorsport vreest dat er dan niet genoeg privateers zijn die de Hypercar-klasse dan kunnen redden.

"Ik vind het jammer dat niemand anders klantenauto's levert. Als je kijkt naar het deelnemersveld kun je stellen dat we geen klantenauto's nodig hebben, omdat er genoeg fabrikanten zijn. Maar ik zit al wat langer in deze business en ik vind het lastig voor te stellen dat we over tien jaar nog steeds zoveel fabrikanten in het kampioenschap hebben", zegt Laudenbach. "Er komt een moment dat we er allemaal voor willen zorgen dat de enduranceracerij nog lange tijd voortleeft, omdat we van de sport en de endurance houden. Dan zal iedereen blij zijn dat we klantenauto's hebben. Daarom vind ik dat we ze goed moeten behandelen op het moment dat het goed gaat. Wij zijn de enigen die dat doen."

Onder de LMP1-reglementen maakte het WEC al eens een leegloop mee, binnen korte tijd verlieten Nissan, Audi en Porsche het kampioenschap. Destijds waren er met Alpine, Glickenhaus en Rebellion enkele privateers die ervoor zorgden dat Toyota niet als enige overbleef. Komend seizoen staan er slechts drie klantenauto's op de grid: Jota zet twee Porsche 963's in, terwijl Proton Competition eveneens een bolide van het Duitse merk inzet. Ook Ferrari levert in 2024 een klantenauto, maar deze derde 499P op de grid wordt – ondanks het ontbreken van fabriekssteun – wel gerund door fabrieksteam AF Corse.

Tegelijkertijd stelt Laudenbach dat het er voor fabrikanten niet eenvoudiger op wordt zodra ze aan klantenteams leveren. "We moeten onze klanten service leveren en dat vereist een inspanning, maar ze willen ons natuurlijk ook graag verslaan. Toch doen we er alles aan om ze een goede auto te leveren", legt hij uit. Zo krijgen de klantenteams de beschikking over precies hetzelfde materiaal als de fabrieksteams. "Ik denk dat we een heel goede filosofie hebben, want ik denk dat we onze klanten echt eerlijk behandelen. Als er veranderingen zijn qua prestaties, dan hebben de klanten altijd dezelfde specificatie als wij. Dat staat vast en volgens de reglementen moet dat ook. Daarnaast is het ook een duidelijke filosofie, dus dat past behoorlijk goed."

Afgelopen jaar reden twee klantenteams al met de Porsche 963. Antonio Felix da Costa, Will Stevens en Yifei Ye reden namens Jota weliswaar acht ronden aan de leiding van de 24 uur van Le Mans, maar er werd geen enkele podiumplek behaald. In de laatste drie raceweekenden kreeg men gezelschap van Proton, maar de #99 behaalde geen successen en gebruikte de races vooral om te leren voor de toekomst.

Source: Motorsport

Previous

Next