Natuurlijk wilden haar fans afscheid nemen van Gladys Knight. De Amerikaanse zangeres (79) kwam in de zomer van 2023 naar Koninklijk Theater Carré in Amsterdam, om zich daar eens grondig te laten uitzwaaien. Bij haar ‘Farewell Tour’ speelde zij uiteraard oude hits. Baby, Don’t Change Your Mind bijvoorbeeld, uit 1977. Nog één keertje dan.
Maar dat pakte anders uit. Gladys Knight was het land nog niet uit, of haar concertpromotor liet al weten dat zij in 2024 nóg een keer afscheid komt nemen. Weer in Carré. En daarna ook nog in het Muziekgebouw in Eindhoven. Weer die oude hits. Weer uitzwaaien. De liefhebbers die zich hadden gemeld bij het eerste afscheid mochten zich best een tikje bekocht voelen.
Over de auteur
Robert van Gijssel is sinds 2012 muziekredacteur bij de Volkskrant, met speciale interesse voor elektronische muziek en dance en de hardere muziekgenres.
Wie de agenda’s van de concertzalen een beetje in de gaten houdt, moet het de laatste jaren zijn opgevallen: het aanbod van oude artiesten die hun net zo oude popsuccessen nog eens onder de aandacht willen brengen, al dan niet voor de – zogenaamd – allerlaatste keer, is overweldigend. Ze lopen even energiek als in hun jongste jaren de deuren plat van de megazalen, de theaters en de stadions. In Nederland en uiteraard in de rest van de wereld, want de meeste reuzen van vroeger zijn op tournee.
Die afscheidstournees zijn voor het publiek nauwelijks bij te benen. En ze gaan maar door, zie Gladys Knight, maar bijvoorbeeld ook de hardrockband Kiss, die in 2001 al een ‘Farewell Tour’ voltooide, maar in 2023 voor de zoveelste keer gedag kwam zingen. De bandleden maakten bij hun show in de Ziggo Dome, onderdeel van de tournee die dit keer End of the Road was genoemd, niet echt een punt van deze vrolijke volksverlakkerij.
Ook artiesten die nog van geen ophouden willen weten, komen steeds vaker met nostalgische setlijsten vol ‘greatest hits’. Madonna, nog niet eens verbijsterend oud (65), bracht vorige maand een avond vol oud popgoud naar de Ziggo Dome: uitsluitend succesnummers. Ze had altijd gezegd dat ze nooit in de val van de terugblikpop zou trappen. Madonna wilde relevant blijven, bracht met regelmaat nieuw werk uit en liet dat ook plichtsgetrouw door de stadions knallen. Tot vorig jaar dus.
De rapper Snoop Dogg maakte er vorig jaar ook een herkenningsfeestje van. Hij speelde in een volle Ziggo Dome, in een armoedig decor van welgeteld één picknicktafel en drie palen, voor de paaldanseressen. En hij vertolkte oude hits – nieuwe hits maakt hij al een tijdje niet meer. Zijn publiek keek vreemd op toen een week na zijn show al een volgende werd aangekondigd, zes maanden later, in Ahoy in Rotterdam. Deze concertpraktijk begon zelfs voor de meest hardnekkige fans toch verdacht veel op schaamteloos cashen te lijken.
Het aandeel oude muziek in de concertzalen wordt steeds groter. En de hits van vroeger lijken de nieuwe muziek, en dus de eventuele hits van de toekomst, een beetje weg te duwen. De concertzalen dreigen op die manier te veranderen in een soort mausoleums, musea van levende muziek. Kijk bijvoorbeeld wat het komende muziekjaar te bieden heeft.
De liefhebbers van de ‘classic rock’ mogen zich verheugen. We verwelkomen Rod Stewart, ZZ Top, Simple Minds, Bruce Springsteen, Scorpions en Judas Priest, en dat is maar een kleine greep uit het aanbod. Het zal niemand verbazen dat al deze artiesten oude hits over hun publiek zullen uitstorten. Waarschijnlijk ook omdat hun nieuwe hits niet bestaan. En omdat het trouwe publiek hun laatste liedjes ook helemaal niet wil horen – daarover later meer.
Je kunt allerlei oorzaken aandragen voor het verouderingsproces in de livesector, en sommige liggen voor de hand. De popmuziek zelf wordt onherroepelijk steeds ouder: er wordt iedere dag nieuwe muziek gemaakt, dus de voorraad oude muziek groeit. De pionierende generatie sixties-helden is momenteel bezig met het laatste rondje, denk aan Paul McCartney, Diana Ross, Bob Dylan en Neil Young. Maar daar komen de volgende generaties al overheen. Volop spelende bands en artiesten uit de jaren tachtig (Pet Shop Boys) en zelfs negentig (Green Day, Lenny Kravitz) mag je nu best een dagje ouder noemen, al denken zij daar zelf misschien anders over. En ook deze categorie van middelbare leeftijd maakt goede sier met het eigen muziekverleden.
Het muziekpubliek wordt uiteraard ook steeds ouder, en groeit met de favoriete artiesten mee. Bijna alle generaties zijn inmiddels opgegroeid met popmuziek. En veel fans van vroeger vinden het nog altijd leuk om de artiesten uit de jeugd op te zoeken, als ze toch in het land zijn (veelgehoord argument: het kon weleens de laatste keer zijn). Ook omdat de faciliteiten tegenwoordig optimaal zijn. Concertzalen als de Ziggo Dome of Afas Live, de belangrijkste grote zalen voor het klassieke popsegment, zijn gerieflijk, met goede zitplaatsen, cocktailbarretjes, vipruimtes, garderobes en keurige sanitaire voorzieningen. Je hoeft als liefhebber niet meer in een plas bier en met je jas nog aan naar je bandje te kijken. Dat was een paar decennia geleden wel anders.
Het is dus een kwestie van vraag en aanbod. Zolang The Rolling Stones, Cher en The Beach Boys merken dat de zalen vollopen voor muziek van vroeger, zullen zij in dat tourvliegtuig blijven stappen. En dat vooral om geld te verdienen. Heel veel geld.
Want inderdaad, het zal weer eens niet zo zijn: de belangrijkste factor voor de veroudering van de levende popmuziek is geld. En dan vooral de bakken geld die binnenstromen bij de ticketkantoren.
Een jong poppubliek heeft vaak minder te besteden dan de al wat oudere fan. Die heeft al die baan, dat huis, die auto, en kan 200 euro neerleggen voor het goedkoopste Madonna-ticket. Vergelijk zo’n entreeprijs met die voor bijvoorbeeld de opkomende, en dus jonge sterren Olivia Rodrigo en Billie Eilish in dezelfde concertzaal (een euro of 60) en begrijp hoe de buit hier zo’n beetje wordt verdeeld. Een oudere artiest kan bij het publiek een flink bedrag loskloppen. En dat zonder al te veel artistieke investeringen, want het basismateriaal, de oude hits, ligt al jaren op de plank.
Toeren is lucratief. De muziekmarkt is door de opkomst van de streamingcultuur drastisch veranderd. De fysieke verkoop van muziek stortte vanaf de jaren nul compleet in: volgens recente cijfers van de Recording Industry Association of America (RIAA), een vooraanstaand muziekinstituut dat geld- en muziekstromen onderzoekt, daalde de verkoop van de cd, tot de eeuwwisseling veruit het belangrijkste fysieke muziekproduct, met een schokkende 95 procent. De inkomsten uit streaming (en een verheugende opleving van de verkoop van vinyl) konden de financiële verliezen voor artiesten nauwelijks opvangen. Dus verlegden die de aandacht naar het live-circuit. Daar bleek het geld te halen.
De cijfers zijn verbluffend. Volgens het Amerikaanse hitlijstenbedrijf en magazine Billboard halen de grootste artiesten tegenwoordig zo’n 75 procent van hun inkomsten uit optredens. Maar er zijn uitzonderingen. De hardrockband Guns N’ Roses bijvoorbeeld, verdient 96 procent van het jaarlijkse inkomen (van een miljoen of veertig per jaar) met spelen. En dus een schamele 4 procent uit de verkoop of streaming van hun liedjes. Niet verwonderlijk dat de band niet van de festivalweiden is weg te slaan – waar ze, inderdaad, met koffers vol oude hits aan zijn komen lopen.
Bruce Springsteen is een andere livekampioen. Hij topt Guns N’ Roses, want haalde de afgelopen jaren, de coronajaren uitgezonderd, 97 procent van zijn inkomen uit optredens. Vandaar dus dat Springsteen in 2024 maar weer een wereldtournee op poten heeft gezet. Hij speelde vorig jaar nog in de Johan Cruijff Arena, maar treedt in mei 2024 doodleuk wéér op in Nederland, in het Nijmeegse Goffertpark. Twee avonden achter elkaar.
De goedkoopste kaarten, voor achter in het enorme veld, zijn 125 euro. En de concerten zijn bijna uitverkocht. Ook interessant: van de 28 nummers die Springsteen vorig jaar speelde, kwamen er twee van zijn nog enigszins recente album Letter to You, uit 2020.
Het is het nieuwe verdienmodel geworden voor de gevestigde artiesten, en dus blijven ze onophoudelijk rondtoeren. Of organiseren ze afscheidstournees, waarna ze uit elkaar gaan om daarna een ‘comebacktournee’ te kunnen vieren. De Nederlandse band Kane bijvoorbeeld viel in 2014 uiteen, maar kondigde vorig jaar aan tóch maar weer te gaan spelen. En dat maar liefst vijf avonden na elkaar, in de Ziggo Dome. Nieuwe muziek heeft Kane nog niet uitgebracht. De band beveelt de shows zelf aan als ‘een aaneenschakeling van Kane-hits’.
Ook een optie voor de gesettelde popster: een residentie organiseren in bijvoorbeeld Las Vegas, waar je avond aan avond, jaar in, jaar uit, kunt binnenlopen met je klassieke repertoire. Dat scheelt ook nog transportkosten – niet voor je publiek, wel voor jou.
Andere truc: een jubileum vieren van een geliefd album, waarmee je jezelf ook ontslaat van de plicht af en toe nog eens een nieuw liedje te laten horen. De Duitse band Scorpions komt dit jaar in Nederland langs met een show die is opgehangen aan het volgens henzelf ‘iconische album’ Love at First Sting, dat veertig jaar bestaat. Scorpions gaat het volledige album uitvoeren, beloven ze. ‘Aangevuld met andere grote hits.’
Zit al die oude muziek de nieuwe muziek in de weg, vraag je je dan af, als bezorgde popliefhebber. Of kan het klassieke oeuvre bestaan naast gezond en splinternieuw popwerk? Het is een lastige kwestie.
Volgens een onderzoek uit 2022, van het Amerikaanse muziekdatabureau MRC Data, gebeuren er vreemde dingen in de muziekindustrie. Het bureau ontdekte dat de tweehonderd populairste nieuwe popliedjes slechts 5 procent van het totale aantal streams voor hun rekening nemen. Oude liedjes heersen, ook over Spotify en Apple Music. Greatest hits zijn goed voor maar liefst 70 procent van de totale muziekconsumptie. Best alarmerend, constateerde MRC Data: de markt voor nieuwe muziek krimpt en die voor oude muziek, ook wel de ‘back catalogue’ genoemd, groeit.
Een andere eyeopener was een onderzoek van vijf jaar geleden, door het Amerikaanse bureau Audience Net. Deze club ontdekte dat het veruit populairste muziekgenre niet pop was, of hiphop, maar – jawel – classic rock. Is oude muziek de nieuwe muziek om zeep aan het helpen, vroegen verschillende muziekmedia zich af.
Ja en nee, waarschijnlijk. Zorgwekkender is de wilde handel in muziekrechten, een fenomeen van de laatste jaren. Grote artiesten als Bob Dylan, Bruce Springsteen, Sting en Phil Collins verkochten vanaf 2020, niet toevallig gedurende of net na de minder lucratieve coronajaren, hun muziekrechten, voor honderden miljoenen. Een probleem bij deze bedrijvigheid is dat de opbrengsten van de oude muziekrechten vaak verdwijnen in de zakken van heel dikke investeringsfondsen. Deze bikkelharde zakenbedrijven gaan de verdiensten niet gebruiken voor de ontwikkeling van nieuw poptalent, zoals voorheen – als het goed was – wel gebeurde bij de platenmaatschappijen.
In dat opzicht zit de oude muziek de nieuwe dwars: de ouderwetse platenlabels hebben minder te vertellen en de muziekconsumptie wordt beheerst door techbedrijven als Spotify en Apple Music.
Je kunt net zo goed zeggen dat oude muziek nieuwe muziek helpt. Een gezonde livesector, die floreert bij oude muziek, is ook goed voor nieuwe bands en artiesten. Het is voor zowel Scorpions als Olivia Rodrigo fijn dat er mooie nieuwe muziekzalen als de Ziggo Dome worden gebouwd.
Het is daarbij ook helemaal niet erg dat we zo verknocht zijn aan oude hits. Want oude muziek werkt als een tijdmachine en is een helende kracht. The River van Bruce Springsteen brengt veel liefhebbers terug naar een mooie tijd, toen alles beter leek. Muziek laat zwelgen in nostalgie, en maakt een belangrijk deel uit van ieders identiteit. Muziek uit je jonge jaren heeft je gevormd: je hield van disco of punk, van hiphop of metal. Die keuzes bepaalden wie je toen was, en het liefst nog steeds wilt zijn. Muziek van toen verklaart nu nog waarom je de dingen doet zoals je ze doet, en veel mensen vinden het fijn om het eigen ik nog maar eens bevestigd te zien. Desnoods bij die oude metalband. Dit ben ik, denk je bij die dikke riff van Metallica, van dat nummer uit 1983. En dat voelt goed.
En ook om die reden wíl het publiek meestal oude hits horen. De vraag bepaalt hier mede het aanbod: iedere artiest met een paar decennia ervaring weet dat de eventuele nieuwe liedjes, van die laatste plaat die niemand wil kopen, een beetje verstopt moeten worden in de setlist − áls je ze al wilt opvoeren. Veel bands doen ergens halverwege de show een klein blokje van twee nieuwe songs, dat ze ook nog eens enigszins besmuikt aankondigen. ‘Sorry, maar we gaan nu die twee nieuwe liedjes spelen.’ Het publiek loopt dan meestal naar de bar of begint een goed gesprek.
Er zijn uitzonderingen, van die stronteigenwijze artiesten die juist weigeren hun oude hits te spelen. Omdat ze die zelf niet meer kunnen aanhoren. Van Morrison is een beruchte hitsweigeraar. Hij bestookt zijn publiek het liefst met óf volledig nieuw werk, dat vaak niemand kent, óf met een paar handenvol covers van liedjes die hij zelf vroeger leuk vond. Als hij Brown Eyed Girl (1967) al een keer speelt, dan loopt hij daarna meestal direct en zonder commentaar van het podium. Om niet meer terug te keren.
De zanger en gitarist Josh Homme van de rockband Queens of the Stone Age heeft voor dat gedrag geen goed woord over, liet hij blijken in een interview voor de muziekpodcast Tuna on Toast With Stryker. ‘Net doen alsof een liedje dat veel mensen leuk vinden voor jou voelt als een enorme last, is een beetje hufterig. Want dat liedje heeft je gemaakt als artiest, en je moet je fans dankbaar zijn. Het lijkt wel of deze artiesten boos zijn op hun eigen succes’, zei hij.
‘Fans hebben is cool’, voegde Homme daar filosofisch aan toe. ‘Ze willen dingen. Die moet je ze geven.’
In het segment van de klassieke pop hoeft zelfs de dood geen spelbreker te zijn. In 2021 overleed bijvoorbeeld de zanger en bassist Dusty Hill van de rockband ZZ Top. Een onvervangbare figuur in deze charismatische band, zou je denken. Maar dat valt te bezien.
Dit jaar komt ZZ Top langs in de Amsterdamse Afas Live, als onderdeel van een concertreeks die de prachtige naam Elevation Tour heeft gekregen. Mooi verhaal: Dusty Hill wordt op het podium vervangen door Elwood Francis, de oude gitaartechnicus van de band. ZZ Top vervulde daarmee de laatste muziekwens van Hill.
Veel bands spelen gewoon door na het overlijden van voorname bandleden. The Rolling Stones touren bijvoorbeeld zonder drummer Charlie Watts. En Queen speelt al jaren zonder Freddie Mercury. Mocht een hele band overlijden, dan kan altijd nog worden gegrepen naar het hologram, een oprukkend fenomeen in de concertzaal. De hardrockband Kiss – gelukkig niet dood – maakte na het afscheid in 2023 bekend tóch door te gaan. Als hologramband.
Afscheid nemen bestaat niet, volgens de Britse zanger en pianist Elton John. Hij maakte in 2017 aanstalten voor een definitief afscheid van de concertpodia, maar rekte dat vervolgens jarenlang op. John speelde een uitzwaaitournee van zes jaar – al was hij gedurende corona even overgelaten aan livestreams.
Elton John speelde 330 concerten, over de hele wereld. En hij verdiende er een al net zo onwaarschijnlijk bedrag mee. De Farewell Yellow Brick Road-tournee bracht volgens het Amerikaanse muziekmagazine Billboard 850 miljoen euro op, en de concertserie gold jarenlang als de meest lucratieve aller tijden. Pas vorige maand ging een artiest over John heen: Taylor Swift incasseerde al bijna een miljard euro met haar nog voortdurende The Eras Tour.
De Amerikaanse metalband Metallica had vorig jaar een probleem, vonden ze zelf. Ze hadden zó veel greatest hits: die pasten nooit meer in één concert. De band kwam met een nieuw concept: zij smeerden hun successen uit over twee avonden in hetzelfde stadion, met twee verschillende setlists. Leuk, maar ook best prijzig voor de fans, die ineens twee tickets mochten afrekenen.
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
Voor snelle wijzigingen en bezorging
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2024 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden