De introductie van de Polestar 1 ging een paar jaar geleden niet ongemerkt voorbij. Vooral omdat het zo’n mooie auto was. De Volkskrant riep hem in een verkiezing uit tot mooiste van 2019 (voor de Toyota Supra en de Porsche Taycan) en nam daarbij het woord ‘Scandinavisch’ in de mond, omdat Polestar een submerk van Volvo was. Alleen was dat laatste merk toen al een tijdje in handen van Geely. Deze Chinese gigant had Volvo in 2010 overgenomen en laten uitgroeien tot een hernieuwd succes – vooral door in een marketingbombardement uit te stralen dat het een Zwééds automerk was.
Die Scandinavische vibe is blijkbaar goed bevallen, want nu is er Zeekr, een nieuw submerk van Geely. ‘Gebaseerd op een decennium van Europese ervaring’, introduceert het merk zich op de eigen site, waarop ook te lezen is dat de auto’s worden ontworpen in de Zweedse Volvostad Göteborg. Vooralsnog zijn dat twee modellen. Nog niet leverbaar is de X, waarvoor Zeekr een contradictio in terminis bedacht: stads-SUV.
De Volkskrantrubriek Blik test auto’s en fietsen, signaleert opvallende randzaken en doet daarvan elke twee weken verslag.
Blik mocht de 001 uitproberen, een zogeheten shooting brake, wat dan juist weer een oude aanduiding is voor een kruising tussen een coupé (want schuin aflopende daklijn) en een stationwagon (want achterklep die helemaal open kan), maar gezien de moderne omvang van de 001 noemen we hem liever een SUV-coupé, dat model dat SUV-hoog op zijn wielen staat en toch een coupé wil zijn, en dat ons nog altijd maar matig bekoort. Met uitzondering van de Citroën C5X lukt het merken maar niet bij die modellen de juiste balans te vinden tussen hoogte, lengte en lijnen.
Laat de Zeekr 001 nu wel iets weg hebben van de Citroën C5X. Van de zijkant bekeken dan, want loop je om de 5 meter lange en 2 meter brede auto heen, dan wordt het een minder verfijnd verhaal dan bij de Franse evenknie. Van voren zijn de contouren te herkennen van een ander Geely-bakbeest, de Lynk & Co, met de herkenbare, schijnbaar op de motorkap liggende koplampen. En achter zijn het lijnen- en lichtspel te druk voor een auto die wil concurreren met de uiterlijke distinctie van de (fors) duurdere Mercedes EQE en BMW i5.
Van binnen gaat het Zeekr beter af. ‘Nee, plastic zul je hier niet aantreffen’, zei de showroommedewerker trots. We hebben het inderdaad niet kunnen vinden. Mooie materialen, alles even chic en zorgvuldig afgewerkt, geweldige stoelen (met de beste massageprogramma’s die we tot nu toe in een auto aantroffen) en volop luxe en comfort voor de achterpassagiers. En alles veganistisch, met uitzondering van het leren stuur.
Knoppen ontbreken zo goed als helemaal, zelfs op het stuur zijn de gebruikelijke knopjes grotendeels vervangen door twee pads. Mwah, dat was op zijn minst wennen. In plaats van de knoppen prijkt een gigantisch beeldscherm waarop alles te bedienen is, maar niet eenvoudig en intuïtief. Blik reed in een pre-productiemodel, dus de software zal uiteindelijk beter functioneren, maar het is de vraag of ze alle onduidelijkheid en overbodigheid eruit zullen hebben als de eerste productiemodellen worden geleverd.
Het instellen van de stoelen door over het beeldscherm te vegen, in plaats van gewoon de knoppen aan de stoel te gebruiken: waarom? Een muzieklichtshow waarop je jezelf kunt trakteren als je de auto uitstapt: waarom? Als optie in de cockpit ouderwets motorgeluid, maar dan wel slecht en te zacht: waarom?
De rijhulpsystemen konden we in het pre-productiemodel dus niet testen, maar wel de meest onderscheidende eigenschap van de drie versies waarin de 001 verschijnt: de vering. Alleen de duurste heeft luchtvering en dat geeft de auto ontegenzeggelijk nog meer chic – en het rijdt heerlijk. Verder heeft alleen de goedkoopste versie achterwielaandrijving en één elektromotor. De andere twee doen het met vierwielaandrijving en twee motoren, wat resulteert in 500 kilo extra gewicht, twee keer zoveel vermogen (544 tegenover 272 pk) en een bijna twee keer zo snelle acceleratie.
Tussen de goedkoopste en duurste uitvoering zit desondanks slechts 8.000 euro prijsverschil. Wat ook wel aangeeft dat de batterij van een elektrische auto misschien wel prijsbepalender is dan de motor, want de drie uitvoeringen hebben hetzelfde batterijpakket: 100 kWh, waarmee je rond de 500 kilometer kunt rijden, al bleven wij in een koude herfstweek ver verwijderd van het opgegeven verbruik van 18,5 kWh per 100 kilometer. We verbruikten 22,8 kWh, wat de Zeekr 001 tot een van de minst zuinige elektrische auto’s maakt waarin Blik heeft gereden. De Chinezen concurreren op prijs, maar dat blijkt dan uiteindelijk toch ook zijn prijs te hebben.
Het Chinese concern Geely, dat in 1986 begon als koelkastenfabrikant, verkoopt in eigen land vooral auto’s onder de naam Geely. In Europa bezit het ook (deels) Smart, Lotus en Lynk & Co, en is het (groot)aandeelhouder van onder meer Mercedes en Aston Martin.
Prijs € 68.490 (vanaf € 60.490)
Gewicht 2.000 kg
LxBxH 496 x 200x 155 cm
Vermogen 544 pk (400 kW)
Accu 100 kWh
Verbruik 18,5 kWh/ 100 km (WLTP), (22,5 tijdens test)
Actieradius 580 km (WLTP)
Topsnelheid 200 km/u
1-100 3,8 sec.
Bagageruimte 539 l
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
Voor snelle wijzigingen en bezorging
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2024 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden