Een tiental mannen duwt de toeschouwers met stokken naar achteren. Ze banen een weg door de menigte voor het kleurrijke wezen in hun midden. Het wezen schudt zijn lichaam en strijkt ritmisch met zijn voeten over de grond. Het opstuivende zand hult hem in een stofwolk. Jonge mannen verdringen zich om dichterbij te komen en een selfie te nemen, terwijl de muziek doordendert en de menigte host en danst.
Dit bijzondere wezen is Gbekie (uitgesproken als ‘Bekie’ – de ‘g’ is stil), de duivel van Yele. Gewoonlijk is Yele een rustig plaatsje op het met oliepalmen bezaaide platteland van Sierra Leone, maar op 1 januari staat het dorp op zijn kop. Dan komt Gbekie naar buiten. Slechts één keer per jaar laat de duivel zich zien, om samen met zijn gemeenschap het nieuwe jaar in te luiden.
Over de auteur
Carlijn van Esch is buitenlandredacteur van de Volkskrant. Ze woont en werkt in Sierra Leone.
Volgens de overlevering woont Gbekie in de rivier die langs Yele stroomt. Daarom begint Nieuwjaarsdag met een ceremonie aan de oever, nabij het oude hart van het dorp, waar de oudste boom staat en de chief woont. ‘Ze gooien rijst, water en andere dingen in de rivier om de duivel te waarderen’, vertel Julius Turay (38), geboren en getogen in Yele. ‘Daarna komt de gemaskerde Gbekie naar buiten om te laten zien dat hij gelukkig is en dat hij het jaar zegent.’
Sinds mensenheugenis zijn dansende duivels de gangmakers op ceremonies en feesten in Sierra Leone en enkele andere West-Afrikaanse landen. Ze vinden hun oorsprong in de zogeheten secret societies, genootschappen voor mannen en vrouwen van verschillende stammen. Eeuwenlang vormden deze verenigingen de belangrijkste sociale structuur en autoriteit in de samenleving. Jongeren kregen er training in de leefwijzen en tradities van de stam en werden zo klaargestoomd voor volwassenheid.
Tegenwoordig gaan jonge mannen en vrouwen niet meer twee jaar de jungle in, maar moet de inwijding in twee weken kerst- of paasvakantie gebeuren. Volgens hoogleraar Afrikaanse geschiedenis Joe A. D. Alie hebben de geheime genootschappen door invloeden van buitenaf – zoals de invoering van een westers schoolsysteem – een deel van hun macht verloren. Toch zijn ze onverminderd populair. Vooral op het platteland maakt lidmaatschap het verschil tussen een buitenstaander en een zogeheten ‘son of the soil’.
‘Twee weken is te kort om alle tradities van de gemeenschap te leren’, zegt Alie. Hij woont en werkt in de Sierra Leoonse hoofdstad Freetown, maar zorgt dat hij regelmatig terugkeert naar het geheime genootschap in zijn geboortedorp. ‘Telkens als er een nieuwe generatie jongeren wordt ingewijd, zorg ik dat ik erbij ben. Ik wil mijn geheugen opfrissen en nieuwe kennis opdoen, ook al heb ik een westerse opleiding genoten.’
Binnen de gemeenschappen vormen de gemaskerde duivels een brug tussen de spirituele en fysieke wereld. Ze leiden bijvoorbeeld de inwijding van nieuwe leden en de kroningsceremonie van een nieuwe chief. Er zijn allerlei verschillende duivels, voor elke stam en regio, en voor verschillende gelegenheden. Maar ze blijven onzichtbaar voor buitenstaanders.
Dat geldt niet voor Gbekie: hij overstijgt de geheime genootschappen. Het is de duivel van het hele chiefdom, van Yele en de omliggende gemeenschappen. Iedereen mag met hem te dansen.
Eigenlijk is ‘duivel’ een slechte vertaling. ‘Het is geen slecht wezen. Het is een geest die liefde heeft voor zijn kinderen, voor zijn gemeenschap’, zegt Julius Turay. Volgens hem geloven steeds minder mensen in het bestaan van zulke geesten, maar is de traditie op Nieuwjaarsdag daarom niet minder belangrijk. ‘We moeten Gbekie elk jaar herdenken. Het is onze connectie met het verleden, met de tradities van onze voorouders.’
Na de offerceremonie trekt de commissie die de festiviteiten organiseert zich terug om een van hen als Gbekie te verkleden. Het kostuum is een enorme constructie, die er elk jaar anders uit ziet. Van de man die het aanheeft zijn alleen de witte – al snel roestbruine – sokken nog zichtbaar.
Dit jaar is het een grotendeels donkerbruin pak, versierd met dierenvellen, geweven touwen, schelpen, kralen en glitters in allerlei kleuren. Op zijn rug en schouders zijn enorme beschilderde ballen, krullen en stekels aangebracht. Het hoogtepunt is een uit hout gesneden geitenkop met scherpe tanden en een gevorkte tong, in zwart en felrood beschilderd.
De gemaskerde duivel loopt de hele middag door het dorp, langs alle verschillende wijken. Intussen groeit de stoet achter hem gestaag. Een auto met enorme speakers op het dak zweept de massa op. Vrouwen in sportbroekjes en wijde shirts dansen de benen uit hun lijf. Mannen in gescheurde kleren met franjes of met jurken aan en pruiken op, joelen en springen.
Al gauw zitten de feestvierders onder het zweet en stof. Nieuwjaarsdag valt midden in het droge seizoen; het heeft al twee maanden niet geregend. Er gaan flink wat plastic zakjes met goedkope gin en rum doorheen. De meeste mensen lopen in paartjes, om elkaar niet kwijt te raken en niet te vallen in het wilde feestgedruis. Sommigen hebben hun kleren aan elkaar geknoopt.
Voor velen is het meer dan zomaar een feestdag. Uit alle hoeken van het land zijn mensen gekomen om het spektakel te aanschouwen, zelfs vanuit de diaspora in Engeland en Amerika. Mariatu Jalloh (29) heeft maanden uitgekeken naar de hereniging met haar hele familie.
Wel vallen er elk jaar familieleden weg door ziekte en armoede. ‘Daarom moet je dansen. Je moet vieren dat God mogelijk heeft gemaakt dat je nog leeft en dat het goed met je gaat.’
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
Voor snelle wijzigingen en bezorging
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2024 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden