Wekelijks neemt Bor Beekman, Robert van Gijssel, Joris Henquet, Merlijn Kerkhof, Anna van Leeuwen of Herien Wensink stelling in de wereld van film, muziek, theater of beeldende kunst.
Een liedje zingen, dat had ik Micha Wertheim geloof ik nog niet eerder zien doen. Maar daar stond hij op oudejaarsavond, strak in het pak, met een vlinderdasje en een snorretje in een decor van klokken en met een pianist aan zijn zijde. Ik moest hard lachen toen er een zwaar ironisch liedje werd gestart, waarin Wertheim als een conferencier uit vervlogen tijden zingt: ‘Sigrid Kaag moest voor haar leven vrezen / Dus heb ik weer heimwee naar Rutte zijn bewind.’ De zin uit het refrein die het publiek mag meezingen is: ‘Want je weet wat je kwijtraakt, maar niet wat je vindt.’
Deze cliché-oudejaarssetting klopt helemaal niet bij de eigenzinnige cabaretier die Micha Wertheim is, en toch klopt het ook weer wél. Wertheim speelt namelijk altijd met de verwachtingen van de kijker, en stopt zijn shows vol dubbele bodems. Logisch dus, dat hij dat ook zou gaan doen in zijn eerste oudejaarsconference. Al snel in Voor twaalven (terug te kijken via NPO Start) wordt er geschakeld met een heel andere theatervoorstelling, opgenomen in een ander theater. Daarin zien we Micha Wertheim in een blauwe oliebollentrui, zonder snor, in een decor van zijn eigen huiskamer zitten. Hij zit er voor een groot beeldscherm naar zijn eigen oudejaarsconference te kijken. Het is een waar Droste-effect.
Er wordt nog een paar keer heen en weer gezapt tussen de parodie op de oudejaarsconference en de voorstelling waarin we Wertheim meer in zijn vertrouwde stijl horen praten en grappen maken. Hij vertelt daarin een verhaal rond een thema dat hij ook al in eerdere shows aansneed: onze verslaving aan het beeldscherm, het kwijtraken van ware sociale interactie en de mogelijkheid om weer eens goed te verdwalen.
Wertheim blikt terug op de tijd van Wim Kan, die zijn oudejaarsconferences voor radio en tv maakte tussen 1954 en 1982. Die conferences zorgden voor saamhorigheid, simpelweg omdat er verder niks anders te doen was. ‘Het was niet Wim Kan, het was Wim Moet.’ In het huidige medialandschap zijn de opties zo massaal dat je al wegzapt wanneer een halve zin van de spreker op je scherm je niet aanstaat.
Wertheim verwacht dan ook geen hoge kijkcijfers voor zijn oudejaars, en draait de zaak handig om: ‘Hoe lager de kijkcijfers, hoe groter mijn succes zal zijn.’ Wertheim pleit ervoor om het scherm uit te zetten en een goed gesprek aan te knopen met de mensen in de huiskamer.
Nu is dat ook wel een grap uit voorzorg, omdat Wertheim de bui van een laag kijkcijfer van tevoren al zag hangen. Hij weet dat hij op oudejaarsavond niet het miljoenenpubliek zal gaan trekken van Youp van ’t Hek, Claudia de Breij en Peter Pannekoek. De gewaagde beslissing van BNNVara om Wertheim het jaar te laten afsluiten op NPO 1 is dan ook te zien als een experiment. Wertheim valt in het rijtje cabaretiers die de oudejaars waarschijnlijk maar één keer zullen doen, net als Herman Finkers (2015) en Marc-Marie Huijbregts (2018).
Persoonlijk vind ik het erg verfrissend om cabaretiers als Wertheim het podium op NPO 1 te geven. Het houdt het genre levendig en biedt ruimte voor vernieuwing. Wertheim heeft zijn taak knap volbracht. Hij brengt een originele vorm die past bij zijn theaterstijl, maar daarnaast heeft Voor twaalven ook een inhoudelijk sterk verhaal. Er zijn goede grappen en enkele rake tirades, zoals die over de onzinnigheid van smartphones toestaan op scholen.
Via diverse omwegen en verrassingen werkt Wertheim toe naar een muzikale finale waarin de losse onderdelen uit zijn voorstelling samenkomen, waaronder de Gemene Deler in hoogst eigen persoon. Ondanks de grote drama’s van het nieuwsjaar 2023 weet Wertheim er toch nog een min of meer optimistische boodschap uit te slepen: ‘De toekomst is altijd anders dan je verwacht en kan ook hoopvol zijn.’
Zo weeft Wertheim in Voor twaalven een ingenieuze vertelling rond de thematiek van het weggaan van het scherm, weg van de oprukkende artificiële intelligentie, op zoek naar het onbekende. ‘Geluk is dat je iets vindt waar je niet naar op zoek was.’
Oudejaarsexperiment meer dan geslaagd.
Source: Volkskrant