Nog geen acht maanden geleden keek Gerard van Velde naar filmpjes van een jonge onbekende tiener, schaatsend op een pupillentoernooi. Recentere langebaanbeelden waren er niet. Maar deze schaatser moest de trainer van Reggeborgh in zijn ploeg nemen, zo werd hem verzekerd. Van Velde nam de gok. Afgelopen weekeinde won Jenning de Boo, sinds kort langebaanprof, twee nationale titels in indrukwekkende tijden.
‘Eng goed’, zijn de woorden die ploeggenoot Kjeld Nuis gebruikt. Woorden die hij maar voor één ander inzet: het Amerikaanse schaatsfenomeen Jordan Stolz, toevallig een leeftijdsgenoot van De Boo. ‘En die jongen heeft ook nog eens iets over zich dat je het hem gunt ook’, zegt Nuis.
Over de auteur
Lisette van der Geest is sportverslaggever voor de Volkskrant en schrijft al ruim tien jaar over olympische sporten als schaatsen, tennis, judo, handbal en zeilen.
De Boo is naast ‘ontzettend sociaal’, ook de revelatie van dit seizoen. De pas 19-jarige man schoot zichzelf de afgelopen dagen naar een andere planeet met zijn eerste titel. Twee dagen later, op zaterdagavond, trok hij nog verder de Melkweg in, aldus zijn eigen omschrijving over het NK en de prestaties die ver zijn eigen verwachtingen overtroffen.
Een jaar geleden was hij nog shorttracker in een opleidingsteam in Heerenveen. Hij werd in 2022 wereldkampioen bij de junioren. Maar vorig jaar was het tijd voor verandering, vond De Boo. Hij wilde terugkeren naar de schaatsdiscipline die hij in zijn jonge jaren al beoefende: op zijn 7de begon hij ooit met langebanen.
Zijn kwalificatie voor de wereldbekerwedstrijden eerder dit seizoen kwam als een volslagen verrassing voor De Boo. Hij dacht op mistige ijsbanen landelijke competitie te rijden, maar mocht die periode met de besten ter wereld naar wedstrijden in Japan, China, Noorwegen en Polen. Hij verbeterde zijn persoonlijk record op de 500 meter binnen een paar maanden al met bijna anderhalve seconde – uiterst ongewone sprongen, zeker op de sprint. Op de 1.000 meter scherpte hij zijn tijd met bijna 3,5 seconden aan.
Zaterdagavond was zijn eerste ronde op de 1.000 meter van 24,45 seconden de snelste ooit op zeeniveau. Een record dat hiervoor op naam stond van de Amerikaan Jordan Stolz. De Boo prijst zijn coaches, zijn team en de sfeer. ‘Ik kan achter de toppers aan en word getraind door toppers.’
Zenuwachtig kwam hij de ploeg nog binnen in het voorjaar. Nuis, Femke Kok, Hein Otterspeer: allemaal grote namen, dacht hij. En niemand die mij kent. ‘Maar ik ben goed opgevangen.’ Vervolgens reden ze in de zomer, met relatief weinig ijsuren in de benen, in het Zuid-Duitse Inzell een tempotraining en schaatste De Boo op het persoonlijk record van Nuis. Of zijn tijd hard was, durfde hij Nuis vervolgens te vragen.
Een week geleden moest De Boo nog vragen of er op de NK eigenlijk één of twee 500 meters worden gereden (twee, beide omlopen was hij donderdag de snelste). Bij de start van het seizoen vroeg hij zich af of op de 1.000 meter in de buitenbaan starten ook buiten eindigen is (ja, daar startte en eindigde hij zaterdagmiddag).
‘Helaas moet ik melden dat dat waar is’, zegt hij nu, hardop lachend, geconfronteerd met die eerdere uitspraken. Daarna: ‘Dat kun je naïef noemen, maar het is ook gewoon onwetendheid.’
Het lukt hem aardig om alleen met zijn wedstrijden bezig te zijn en zich af te sluiten voor randzaken, stelt hij. Zo zit hij in elkaar, ‘wat komt dat komt’. Anderzijds gaat zijn ontwikkeling ook sneller dan hij ooit had kunnen bedenken.
Alles is dit jaar nieuw voor De Boo. In de opleidingsploeg van het shorttrack werd hij begeleid door één trainer die tegelijkertijd materiaalman is. Nu is er ‘vet veel staf’ om hem heen. De Boo voelde zich in eerste instantie bezwaard om hulp te vragen, gewend als hij was zijn eigen schaatsen dagelijks te slijpen.
Een week in een hotel in voorbereiding op een wedstrijd. Leven uit een koffer. Uitslagen in de top tien van de wereld, en dan ook nog eens uitgezonden worden op tv; alles is nieuw voor hem. En voorlopig is De Boo nog niet uitgereisd.
Als enige mannelijke sprinter verzekerde hij zich met zijn twee titels op de NK al van tickets voor de EK van volgend weekeinde in Heerenveen, voor een nieuwe serie wereldbekerwedstrijden in Noord-Amerika en voor de WK’s afstanden en sprint in respectievelijk Calgary en Inzell.
Gezien zijn progressie en de wetenschap dat hij naar de snelste banen ter wereld gaat, kunnen nieuwe records bijna niet uitblijven. Maar vraag hem niet het huidige nationale record op te noemen. ‘Eh poeh, nee, daar heb ik me nog niet mee beziggehouden.’
Geboren in Groningen-stad verhuisde hij op zijn vijftiende naar een gastgezin in Heerenveen, de plaats waar hij traint. Sinds een paar weken woont De Boo er op kamers en deelt een huis met een meerkampster in de schaatshoofstad. ‘Nu Facetime ik mijn moeder om te weten op welke stand de wasmachine moet.’
Zijn achterneef is oud-wielrenner Jenning Huizenga, die in 2008 op de achtervolging WK-zilver bemachtigde op de baan, maar zijn carrière uiteindelijk na de ziekte van Lyme beëindigde. ‘Die is wat ouder, dus daar zouden mijn ouders mijn voornaam van kunnen hebben’, zegt De Boo. Meer topsporters bevat de familiestamboom overigens niet.
Hij meet 195 centimeter, daarmee is hij de langste van zijn ploeg. Maar niemand vouwt zijn lijf in zulke kleine, effectieve hoeken als hij. Hoe lager een schaatser ‘zit’, des te kleiner de luchtweerstand. Ooit dacht De Boo in zijn shorttracktijd: ik ben dan wel de langste van het veld, maar ik maak er een doel van om onder de kleine jongens door te kijken. Nu zegt hij: ‘Het blijft lastig om met zo’n groot lichaam de bochten te controleren en mij lukt dat gewoon goed. Ik denk dat ik door het shorttrack hier sta.’
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
Voor snelle wijzigingen en bezorging
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden