In een krant (niet deze) las ik een ingezonden wijsheid van een lezer, hij reageerde op de stelling ‘Leren leven met hoge waterstand’, de naam werd er niet bij vermeld, op basis van langjarige ervaringsdeskundigheid met lezerspost vermoed ik dat het een hij is: ‘Het water waar we nu last van hebben komt uit België en Duitsland, en Nederland moet het allemaal verwerken. Die landen zouden hun waterbeheer beter op orde moeten hebben.’
Het is een troostrijke gedachte dat het niet aan ons ligt. Dat het buitenlandse water gewoon dáár had moeten blijven waar het hoort, in het buitenland, opgevangen door buitenlandse mogendheden, die daar niettemin te labbekakkerig voor zijn. Waardoor wij met de instroom zitten.
Een andere reactie op de stelling over leren leven met hoge waterstanden luidde: ‘Natuurlijk ga ik hier niet meer verzekeringspremie voor betalen. Laat de overheid hiervoor opdraaien, want die heeft gefaald in beleid.’
Ook dat is troostrijk: dat er altijd weer falend beleid is om de schuld te geven. Welk beleid precies doet er niet toe – je zou in dit geval misschien denken: jarenlang subsidies op fossiele brandstoffen toestaan, jarenlang alles onbelemmerd laten walmen, maar iets in toon en aard van de reacties doet vermoeden dat er niet in die richting wordt gedacht, eerder tegengesteld.
Er stroomt ongenoegen door het land, soms staat het hoog. Het zoekt naar schuldigen, bij voorkeur schuldigen ver weg in het buitenland of hoog over bij ‘de overheid’.
Het Sociaal en Cultureel Planbureau, dat elk kwartaal het humeur in het land opneemt door grote groepen mensen te vragen naar hun vertrouwen in en opvattingen over democratie en samenleving, doet in de jongste stemmingsmeting wederom pogingen dit ongenoegen te doorgronden. Dat leverde vrijdag nieuwskoppen op vol revolutionair elan, over misnoegde burgers die ‘harde acties’ willen tegen ‘de overheid’, en ‘het systeem omver willen werpen’, een klein deel wil dat ‘desnoods met geweld’ doen.
Klinkt razend spannend, alsof we terug zijn in de vroege jaren tachtig, toen je pas links was als je alles wat een uniform droeg voor fascist uitmaakte, en toen krakers klinkers uit de straat trokken om slag te voeren met de oproerpolitie, want ook toen waren de vooruitzichten op de woningmarkt gebrekkig.
Bij nadere lezing van het onderzoek blijkt het nieuwe revolutionaire elan tegen te vallen: de respondenten verzuimen duidelijk te maken wat ze concreet verstaan onder ‘hard aanpakken’ en het ‘omverwerpen’ van het overheidssysteem. Voor een deel van de respondenten, denken de onderzoekers, is het systeem al ‘omvergeworpen’ door het aftreden van het kabinet-Rutte – waarmee de polderdefinitie van het begrip omverwerpen tamelijk ver af is komen te staan van de betekenis die het in de grote wereldgeschiedenis heeft.
Fascinerender in het onderzoek is de zoektocht naar de motor die het ongenoegen voortstuwt. Ook na meer dan twintig jaar handenwringen over ‘het onbehagen’ blijft het tasten in de schemering. Er is vooral misnoegen over een overheid die ‘niet luistert’. Interessant is de notie dat het ongenoegen ‘gedrag versterkt dat binnen de eigen ideologie te plaatsen is’. Wie boos is en vóór de opvang van vluchtelingen is, komt in het geweer als vluchtelingen tekort worden gedaan. En wie boos is en niks van vluchtelingen moet hebben, trekt er op uit bij het vermoeden dat ze royaal worden toegelaten. Oftewel: gedrag volgt opvattingen.
Het ongenoegen gaat mee, 2024 in. Er zal een nieuwe regering komen die veel warme woorden zal wijden aan de misnoegden. En het ongenoegen zal blijven, zich vasthaken aan een nieuwe boeman.
Sheila Sitalsing is podcastpresentator en columnist voor de Volkskrant. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Source: Volkskrant