Het water staat Nederland aan de lippen. De Rijn, de Maas, de Waal. In Deventer staat de IJssel, net als de plaatselijke eredivisieclub, ontzagwekkend hoog. Het hoogwater krijgt de volle aandacht, omdat we al geruime tijd niet hebben gehoord of onze Grondwet straks nog wel de Grondwet is, of omdat de andere ellende al weer lang genoeg ellende is.
Het zal misschien net aan goed gaan, natte kelders, natte voeten, zoals het in Nederland wel vaker piept en kraakt maar net niet écht misgaat.
De NOS had tussen de aardrijkskundelessen door tijd om ons te melden dat het hoogwater behalve overlast ook mooie plaatjes opleverde. Ik prijs mezelf gelukkig dat dit waterpeil in Nederland nu nog zeldzaam is en die opmerking maar half toondoof klinkt. Ik zag beelden van mensen die over het water leken te fietsen in Breda, van snelwegen en wandelpaden die de kustlijn leken.
Maar hét beeld was toch wel de stier die op een schiereilandje in de Maas gestrand was, grazend op de grens tussen Nederland en België.
De stier staat er al sinds de kerstdagen. Hij is in de media al de eenzame stier genoemd, moederziel alleen, de koppige stier van Itteren, wat toch meer klinkt als een bijnaam voor een wielrenner. Waarom doet niemand iets, vroeg Hart van Nederland onze onderbuik.
Nog net geen grensconflict over een dier dat gewoon lekker staat te staan, zoals hij dat ook zou doen als hij niet omringd was door water. De Belgen waren boos dat het beest niet gered werd, de Nederlanders waarschuwden dat een redding te gevaarlijk zou zijn en dat de stier prima kon zwemmen én genoeg voedsel had.
Hij bleek zelfs al gelokt met hooi, zo zei de beheerder van de oude stier, maar ging daarna gewoon weer in het water staan, kauwde rustig verder, liever nat alleen dan droog in de drukte van de kudde.
Terwijl ze in Deventer nog wat zandzakken richting IJssel slepen om te voorkomen dat huizen onderlopen, lijkt er voor het lot van de stier veel minder reden tot zorg, ook al gaan ze alsnog een nieuwe reddingspoging wagen. Hij is in de marge hoe dan ook het aaibare gezicht van het hoogwater, de grensstier in niemandsland tussen België en Nederland, een beetje Max Verstappen, een beetje Mathieu van der Poel. Als alles goed gaat, is-ie ongetwijfeld van ons. Als het misgaat, is hij vast al snel maar een Belgisch beest.
Source: NRC