‘Bijna een voetbalelftal’, zegt Ken Loach glimlachend over zijn tien kleinkinderen. ‘We zoeken alleen nog een keeper.’ De 87-jarige Engelse filmmaker oogt fragiel en spreekt met zachte stem. Maar wie hem recht in de ogen kijkt, ziet ook: daar brandt nog vuur.
‘Ik maak me zorgen om ze, en om hún kinderen. We zitten nu in een eindspel, met de klimaatsituatie. We stevenen af op een catastrofe. En ondertussen zeggen onze politici – die van de rechtse Conservatieve Partij én die van het eveneens rechtse Labour – nog steeds dat de economie moet groeien. Dat we meer moeten produceren. Terwijl we wéten dat het de planeet verwoest.’
Tot zijn toehoorders, die in een half cirkeltje om hem heen zitten: ‘Wat denken jullie dan?’
Over de auteur
Bor Beekman is sinds 2008 filmredacteur van de Volkskrant. Hij schrijft recensies, interviews en langere verhalen over de filmwereld.
Als er één regisseur is die werkelijk alles eraan heeft gedaan om de wereld te verbeteren door middel van zijn films, dan toch Loach. Van zijn BBC-televisiedrama Cathy Come Home, dat midden jaren zestig door een kwart van de Britse bevolking werd bekeken en de inspiratie vormde voor een landelijk debat over dakloosheid, tot zijn alom bejubelde voorlaatste speelfilm Sorry We Missed You (2019), over de verregaande uitbuiting van pakjesbezorgers. Een goede vijftig bioscoop- en tv-films telt zijn sociaal-realistische oeuvre, dat veelal handelt over de in de verdrukking geraakte gewone mens.
Heeft het geholpen? Loach is de eerste om de impact van zijn werk te relativeren. ‘Uiteindelijk ben je maar één stem in een kakofonie van stemmen. En die andere stemmen zijn veel sterker: de populaire dagbladen, de televisie. Hoe het nieuws wordt gepresenteerd, iedere dag weer, dát genereert een maatschappelijk bewustzijn. Daarbij vergeleken is alles wat individuele schrijvers en filmmakers kunnen doen heel beperkt, denk ik.’
The Old Oak, zijn nieuwe speelfilm, speelt zich wederom af in het noorden van Engeland, iets onder Newcastle. Net als Sorry We Missed You en net als I, Daniel Blake (2016), zijn met de Gouden Palm bekroonde drama en aanklacht waarin een afgekeurde oudere hartpatiënt wordt gedwongen naar (niet bestaand) werk te solliciteren.
Loach: ‘Het voelde alsof daar nog iets onafgemaakts lag, na die twee films. Iets wat met deze regio van Engeland te maken had. I, Daniel Blake ging over armoede, over honger. Sorry We Missed You ging over de onzekerheid van werk en de gig economy (het vrijemarktsysteem met uitgeklede nulurencontracten, red.). In deze film wilden we iets doen met de gevolgen daarvan: de opkomst van uiterst rechts. En wat maakt dat het best zichtbaar? Als er een groep vluchtelingen arriveert. Dan speelt het racisme op. De woede, het gevoel belazerd te zijn.’
In The Old Oak ontfermt een pubeigenaar uit County Durham zich over een buslading Syrische vluchtelingen, die zeer tegen de zin van een deel van zijn vaste clientèle in de buurt wordt ondergebracht. Het op de werkelijkheid geïnspireerde scenario is geschreven door Loach’ vaste kompaan Paul Laverty.
Ooit floreerde in deze regio de mijnwerkersgemeenschap, nu heerst er armoe, leegstand en drugsoverlast, en zijn de met hypotheken behangen arbeiderswoningen van de uitgedunde bevolking in waarde gekelderd. ‘En juist die regio’, zegt Loach, ‘nam per hoofd van de bevolking méér Syrische vluchtelingen op dan welke andere ook in Engeland. Het armste deel, zonder infrastructuur, waar de kaalslag eerder al had toegeslagen: de nabijgelegen scholen sloten, de kerken verdwenen.’
En ook de laatste pub, de enige publieke ruimte die nog over is, staat in Loach’ film bijna op het punt van sluiten. ‘Het was Pauls idee om hem The Old Oak te noemen. Zo zien de Britten zichzelf graag: sterk en robuust als eikenbomen. Ooit leefde er in deze buurten onder de mijnwerkers een enorme traditie van solidariteit. Zeker in de kolenmijnen was die solidariteit ingebouwd: je was letterlijk afhankelijk van de persoon naast je.
‘Nu zijn de mensen die er wonen wanhopig, kwetsbaar en onzeker. Ze voelen zich bedrogen. Ze wéten dat ze bedrogen worden, maar ze weten niet exact hoe. Een machteloos gevoel. Dan gebeurt het soms dat ze racistisch worden, of ontvankelijk raken voor de propaganda van uiterst rechts. Wat hebben ze te verliezen? Niks. En dan zegt een extreem-rechtse politicus: weet je wat jij moet doen? Jij moet de schuld zoeken bij de mensen die net iets onder je staan. Bij de vluchtelingen.’
Lees ook onze recensie
‘The Old Oak’ is een klassieke Loach-film over de uitwassen van het kapitalisme, maar wel een met ruimte voor hoop ★★★★☆
Loach laat zich interviewen door een groepje journalisten in Cannes, waar The Old Oak afgelopen mei in wereldpremière ging. ‘Het festival heeft me ondergebracht in het Marriott-hotel. Als ik daar drie nachten slaap, kun je van dat bedrag ook een woning kopen in de buurt waar we hebben gefilmd: zo’n 6.000 euro.’
Hij is de luxe gewend, als vaste gast in Cannes. ‘Wat ik van die glamour vind? Onzinnig en irrelevant. Maar het festival is veel meer dan dat. Hier kun je echt waardevolle gesprekken voeren.’ Hij lacht. ‘Gesprekken ook waarin ik niet de hele tijd zelf het woord voer, zoals nu hier bij jullie.’
De films die hij tegenwoordig maakt, zeg ik tegen Loach, zou je ook strijdkreten kunnen noemen, oproepen tot actie. Bij zijn vroegere films lag de boodschap er soms minder dik bovenop. Heeft het er ook mee te maken dat de tijd opraakt, voor de wereld en voor hemzelf?
‘Ja, dat laatste is zeker zo. Wat we nu meemaken, is het resultaat van de onder Margaret Thatcher ingezette kapitalistische tendens, die vervolgens ook school maakte in de rest van Europa. De vernietiging van vakbonden, vaste lonen en vaste arbeidsafspraken. Het einde van de achturige werkdag, waarvoor we ooit hebben gevochten. Het einde van de uitkering bij ziekte, van vakantiegeld. Er zijn nog wel mensen die het krijgen, maar het wordt allemaal steeds maar minder.
‘Dat hele idee ook van een economie waarin je geen werknemer meer bent, maar een ‘contractant’, zonder rechten. We hebben een economisch systeem opgetuigd dat gebaseerd is op conflict. Om maar te kunnen concurreren dienen almaar grotere bedrijven de kosten van arbeid voortdurend te verlagen. We zien wat het heeft opgeleverd: het aantal mensen dat naar de voedselbank gaat is de afgelopen jaren verdubbeld. Een half miljoen Engelse kinderen zou zonder de voedselbank niet te eten hebben. Twintig jaar geleden was zoiets ondenkbaar.’
Bij de vraag of de boodschap van een film soms ook belangrijker kan zijn dan de film zelf, trekt Loach een vies gezicht. ‘Dan zou het geen goede film zijn! Die boodschap moet in zekere zin toch impliciet zijn. Ik bedoel: anders zou je ook gewoon een speech kunnen opnemen, om die dan in de bioscoop te draaien.
‘Maar het gevaar bestaat wel, denk ik: dat je naarmate je wanhopiger wordt, ook films gaat maken die alleen nog tweedimensionaal zijn. Als Paul en ik aan een film werken, spreken we dat vooraf altijd duidelijk uit: dat we van elkaar weten hóé we denken over de wereld, en welke ideeën we graag willen overbrengen. Maar dat de film moet gaan over de menselijke relaties ín die film. Hoe zouden deze mensen echt op elkaar reageren? Dat gegeven mag je als filmmaker nooit uit het oog verliezen, anders maak je propaganda.’
Loach kondigde al vaker zijn pensioen aan, maar The Old Oak betreft vermoedelijk echt zijn zwanenzang. ‘De jaren eisen hun tol’, erkent de regisseur. ‘Het is fijn hoor, om hier te zitten en zo wat met jullie te praten. Maar een film maken, al die draaidagen, de emotionele energie die het vraagt... Er komt een moment waarop het lichaam zegt: genoeg is genoeg. Trouwens: ook mijn echtgenote wil dat ik ermee stop.’
Zijn er films die hij eigenlijk nog had willen maken?
Loach veert op, die vonk weer in zijn ogen. ‘O ja, heel veel films! Als ik nu eens twintig jaar jonger was... Ik denk dat het Palestijnse verhaal nog niet verteld is. En dat het alleen maar urgenter wordt om dat verhaal te vertellen, omdat de onrechtvaardigheid ervan al zo lang voortduurt (de Volkskrant sprak Loach voor de huidige oorlog in Gaza, red.). De overheden, van alle landen, hebben hun rug naar de Palestijnen gekeerd, ze doen net alsof hun lijden niet bestaat. Dát verhaal had ik willen proberen te vertellen.’
Met berusting: ‘Maar daar ben ik te oud voor.’
Veteraan Ken Loach (1936) won in Cannes al tweemaal de Gouden Palm, voor The Wind That Shakes the Barley (2006) en voor I, Daniel Blake (2016). En op het Franse festival werd hij ook al driemaal geëerd met de juryprijs: voor Hidden Agenda (1990), Raining Stones (1993) en The Angels’ Share (2012). Hij zag zijn hoofdrolspeler Peter Mullan in Cannes bekroond worden als beste acteur voor diens rol in My Name Is Joe (1998). Op de lijstjes met ‘beste Britse films ooit’ eindigt Loach’ vroege drama Kes (1969) vaak in de toptien.
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden