Home

Voor de Congolezen gaan de verkiezingen over corruptie, de economie en de veiligheid in het land

Er staat veel op het spel voor de 40 miljoen Congolezen die woensdag een nieuwe president mogen kiezen. Er heerst een diep wantrouwen tegen de overheid, en 60 procent van de inwoners leeft onder de armoedegrens. De grootste uitdagingen van het gigantische Centraal-Afrikaanse land op een rij.

Corruptie uitroeien, dat was de verkiezingsbelofte waarmee Félix Tshisekedi in 2018 begon aan zijn termijn als president van de Democratische Republiek Congo (DRC). Vijf jaar later blijkt daar maar weinig van terechtgekomen. Burgers moeten nog altijd vaak steekpenningen betalen om toegang te krijgen tot openbare diensten – zelfs voor hulp van de politie of de aanvraag van een paspoort moeten zij de portemonnee trekken. Op de wereldwijde corruptie-index scoort Congo, een land met 100 miljoen inwoners, belabberd: het land staat op plek 166 van de 180 geïndexeerde landen.

Tweederde van de Congolezen vindt dat corruptie in hun land nog altijd toeneemt. Hierdoor is een diepgeworteld wantrouwen ontstaan jegens de overheidsinstanties en de regering. Veel oppositieleden stellen bovendien dat ook de kiescommissie corrupt is, aangezien de voorzitter van deze commissie tot dezelfde etnische groep behoort als de president. Hoewel de kiescommissie de zorgen onterecht vindt, zeiden leiders van de invloedrijke Kerk van Christus in Congo (ECC) onlangs dat zij de zorgen van de oppositie delen.

Over de auteur
Joost Bastmeijer is correspondent Afrika voor de Volkskrant. Hij woont in Dakar, Senegal. Van 2017 tot en met 2022 woonde hij in de Keniaanse hoofdstad Nairobi.

De gevolgen van de wereldwijde coronapandemie en de effecten van de oorlog in Oekraïne worden in DRC nog altijd gevoeld. Door verhoogde inflatie is de koopkracht van het leeuwendeel van de Congolese burgers verminderd; basale levensmiddelen zijn fors duurder geworden. Volgens officiële cijfers is de waarde van de Congolese frank sinds het begin van het jaar met 15 tot 20 procent gedaald ten opzichte van de Amerikaanse dollar.

In hun campagnes kwamen meerdere presidentskandidaten met verschillende oplossingen om de Congolese economie uit het slop te trekken. Maar bij zo’n beetje elke kandidaat was het oplossen van jongerenwerkloosheid een belangrijke pijler: 70 procent van de bevolking is jong, ruim 80 procent van de Congolezen is werkloos. Uit cijfers van de Wereldbank blijkt bovendien dat 60 procent van de 100 miljoen inwoners leeft van minder dan 2,15 dollar per dag, de internationale armoedegrens (IPL).

DRC is het grootste land van Sub-Sahara Afrika en bestrijkt een gebied zo groot als West-Europa. Met name in het oosten zitten vele kostbare, natuurlijke hulpbronnen in de grond. Zo bevat het land 70 procent van de wereldwijde reserves aan coltan, een kostbaar mineraal dat onder meer wordt gebruikt in mobiele telefoons. Ook is het land rijk aan diamanten, kobalt, koper en bauxiet.

Hoewel Tshisekedi in zijn ambtstermijn het bruto binnenlands product (bbp) heeft versterkt door de hoger dan verwachte inkomsten uit de mijnbouw, merkt de Congolese bevolking daar nauwelijks iets van. Bij de winning van de bodemschatten worden bovendien vaak mensenrechten geschonden. In de zuidoostelijke provincies wordt een grondstof als koper vaak door onderbetaalde mijnwerkers en onder erbarmelijke omstandigheden uit de grond gehaald.

De grondstoffen worden geëxporteerd en pas dan verwerkt, bijvoorbeeld in batterijen. Hoewel de inkomsten uit mijnbouw onder president Tshisekedi wel zijn gestegen, zeggen meerdere presidentskandidaten dat Congo nog meer kan profiteren van zijn grondstoffen, bijvoorbeeld door ze zelf te verwerken.

In het grondstofrijke oosten van DRC woedt al dertig jaar een strijd tussen het Congolese leger en enkele rebellenlegers, die ook onderling met elkaar vechten. Van de 120 gewapende groepen die in het gebied actief zijn, is M23 op dit moment een van de belangrijkste. Die rebellengroep, die voornamelijk bestaat uit Congolese Tutsi (een etnische groep die ook leeft in Burundi en Rwanda), wordt volgens VN-experts en de Congolese regering gesteund door buurland Rwanda, wat door de rebellen en de Rwandese overheid nog altijd wordt ontkend.

Bij hun meest recente opstand tegen het Congolese leger, die begin vorig jaar begon, trokken de M23-rebellen steeds verder richting Goma, een grote stad aan de Congolees-Rwandese grens. Geschat wordt dat de afgelopen twee jaar een miljoen mensen door de opgelaaide strijd op de vlucht zijn geslagen. In totaal zijn er volgens de Verenigde Naties bijna 7 miljoen mensen in het oosten van DRC op drift geraakt, minstens 600 duizend van hen worden momenteel opgevangen in overvolle, geïmproviseerde kampen in de buurt van Goma. De meeste presidentskandidaten zeggen dat zij als president willen proberen om de situatie te deëscaleren, iets waar Tshisekedi tot nu toe niet in is geslaagd.

Door de opmars van rebellenbeweging M23 naar Goma is de veiligheid in Oost-Congo ernstig verslechterd. Vanwege de vermeende Rwandese steun aan de rebellen liepen de gemoederen tussen Kinshasa en Kigali de afgelopen jaren hoog op, waardoor een conflict tussen de twee landen op de loer ligt. Vooralsnog wordt de strijd tussen de twee landen echter uitgevochten middels een proxy-oorlog: ze vechten niet rechtstreeks met elkaar maar steunen elk een ander rebellenleger.

Om een einde te maken aan de gevechten en om verdere escalatie te voorkomen, waren er meerdere vredesmissies in het gebied. Na groeiende onvrede en felle protesten besloot president Tshisekedi echter om de missies te beëindigen. Zo vallen de verkiezingen in Congo samen met de terugtrekking van 14 duizend blauwhelmen van MONUSCO, een VN-vredesmissie die al 20 jaar actief was in Oost-Congo. Ook een Oost-Afrikaanse vredesmacht begon zich de afgelopen weken terug te trekken, nadat de overheid het mandaat van de ‘ineffectieve missie’ weigerde te verlengen.

Ondertussen rekende het Congolese leger op een coalitie van aan de regering verbonden milities, de Wazalendo (‘patriotten’ in het Kiswahili), om de M23-rebellen nog voor de stembusgang te verslaan. Dit plan mislukte echter, waardoor de slechte veiligheidssituatie in het oosten van Congo onveranderd blijft.

In een eerdere versie van dit stuk stond dat er in Congo 100 duizend inwoners wonen. Dat moet 100 miljoen zijn. Het stuk is daarom aangepast.

Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.

U bent niet ingelogd

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden

Source: Volkskrant

Previous

Next