Home

‘Lebbis en Jansen zitten niet te wachten op oorlogen, aardbevingen en ultrarechtse tot mediumrechtse kabinetten’

Lebbis: ‘Toen we het idee hadden opgevat om na zeventien jaar weer samen een oudejaars te maken, dacht ik: ja, hoe deden we dat eigenlijk ook alweer? Ik heb een klein stukje zitten terugkijken van een oude show, maar ik heb het al snel uitgezet. We zouden het wel zien. Eenmaal samen op het podium ging het zó organisch. Het voelde voor mij alsof er puzzelstukjes de lucht in werden gegooid, en zodra ze neervielen zag ik meteen de puzzel weer.’

Jansen: ‘In juni zouden we zes keer spelen en moesten we ongeveer een uur ruw materiaal hebben. We hadden allebei van alles bedacht, en werden van bijna alles enthousiast. Dat werkt heerlijk. Je hebt iets verzonnen, je gooit het neer, en er komt meteen iets van de ander bij. Daarna merk je al spelende snel genoeg dat er behoorlijk wat goede ideeën bij zitten, maar ook veel dingen die je moet wegflikkeren.

‘Dat is de manier waarop wij vroeger werkten, en het blijkt nog steeds de enige manier te zijn. Wij kunnen niet gaan zitten om een script te schrijven, wij moeten gewoon gaan.’

Over de auteur
Gidi Heesakkers is verslaggever van de Volkskrant. Ze schrijft over stand-upcomedy & cabaret en over populaire cultuur en gewoonten in het dagelijks leven.

Lebbis: ‘Ik kan me eerlijk gezegd geen onderwerp herinneren uit onze oudejaars van 2006.’

Jansen: ‘Het was na zeventien jaar intensief samen spelen, samen werken en samen lachen onze laatste tournee.’

Lebbis: ‘Ik was er klaar mee om het wéér over de NS te hebben. Van mij mocht de oudejaars als vormpje wel even de koelkast in. Ik vond het leuk om eens een andere vorm te kiezen. Dolf is doorgegaan met oudejaarsvoorstellingen maken.’

Jansen: ‘We hadden altijd lol en altijd respect voor wat de ander deed tijdens de voorstelling, maar voor mijn gevoel geven we elkaar nu nog meer ruimte.’

Lebbis: ‘Omdat we meer ervaring hebben, snappen we denk ik nog beter waar de ander in z’n verhaal is. Je ziet sneller: hier kan ik klooien, hier moet ik hem even met rust laten, hier moet ik iets met mijn mimiek doen, hier even niet. Dat is geen continu gedachtenproces; je doet het automatisch beter, omdat je het gewoon beter aanvoelt. Soms doet hij iets waarvan ik denk: dat zou ik zo niet doen. Nou, dan is dat gewoon niet mijn terrein, daar moet ik hem lekker laten.’

Jansen: ‘Ik hou ervan om in grote zalen op een andere manier te timen, soms een iets te lange stilte te laten vallen. Dan gaat er iets gebeuren, achthonderd mensen gaan hoe dan ook reageren.’

Lebbis: ‘Daar heb ik wat meer moeite mee, maar ik zal me ertoe moeten verhouden.’

Lebbis: ‘Het is voor een oudejaars fijn als er in een jaar dingen gebeuren waar het hele publiek, het hele land mee bezig is. Daar zit je ingang tot humor die iedereen snapt. Dan zijn verkiezingen natuurlijk altijd goed.’

Jansen: ‘Maar laat ik het zo zeggen: Lebbis en Jansen zitten op geen enkele manier te wachten op oorlogen, aardbevingen en ultrarechtse tot mediumrechtse kabinetten.

‘Toen we in 1989 het Leids Cabaret Festival wonnen, viel het kabinet Lubbers II volgens mij in die week, en hadden wij in de halve finale grappen over Ruud Lubbers en Joris Voorhoeve.’

Lebbis: ‘Woensdag was het kabinet gevallen, donderdag speelden wij.’

Jansen: ‘Dit jaar speelden we op de dag van de verkiezingen in Deventer. We waren ongeveer een uur bezig toen we op het podium de exitpoll bekendmaakten. Mensen in de zaal dachten eerst dat we een grap maakten.’

Lebbis: ‘Daarna hebben we geïmproviseerd, en het grappige is dat alle restjes die we nog hadden ineens bij elkaar leken te komen. Het leek plotseling allemaal over die verkiezingsuitslag te gaan.’

Jansen: ‘Anderhalve week geleden zei Lebbis vlak voor we opgingen: ‘Ik heb twee nieuwe grappen.’ Ik zei: ‘O, leuk, ik hoor ze zo wel.’

Lebbis: ‘En die vielen dus alle twee dood. De eerste was een woordgrap over Wouter Koolmees. Nul reactie, niks. Dolf moest zo hard lachen.’

Jansen: ‘Want ik voelde: dit was de nieuwe grap. Later kwam er nog een die helemaal doodviel. Toen zei ik tegen de zaal: ‘Ja, Lebbis beloofde me daarnet in de coulissen twee nieuwe grappen, ik denk dat we ze nu wel gehad hebben.’

Lebbis: ‘Uit alles wat mislukt, kan een grap voortkomen. Als je zoiets maar niet expres doet. Het gebeurt of het gebeurt niet.’

Lebbis: ‘Over allebei gaat het, maar ik vind de reflectie van oud-minister Henk Kamp op zijn rol in het Groningen-dossier en het toeslagenschandaal véél erger. Zijn beleid heeft mensen kapot gemaakt. Dát weten, en dan nog steeds je fouten niet toegeven, vind ik verbijsterend.’

Jansen: ‘Uiteindelijk gaat het over mensen kapotmaken voor politieke belangen.’

Lebbis: ‘Of over onverschilligheid.’

Jansen: ‘De planeet kapotmaken voor je economische belangen is hetzelfde verhaal. Het zijn systemen die we aanvaard hebben; we geloven nog steeds in economische groei en in dit soort politiek. Maar feitelijk zijn het failliete systemen zodra ze ten koste gaan van mensen. Daar zit meer slechtheid in dan in denken dat je de agrobelangen overeind moeten houden, tegen alle winden in.’

Jansen: ‘Voor ons is de oudejaars nooit een tv-vorm geweest, ook al hebben we ’m ook voor de Vara gemaakt. Het is vooral een voorstelling die je in ons geval tachtig keer of meer in het hele land speelt. Nu is er een livestream als we eind december drie avonden in de Kleine Komedie staan, zodat mensen Subliem ook thuis kunnen zien.

Lebbis: ‘Tv geeft extra druk waar ik niet meer zo op zit te wachten. Het is gewoon anders om een voorstelling te maken voor ‘de hele natie’. Dan zou ik een wat lievere, zachtere oudejaars maken, denk ik, met een hoopvollere boodschap. Al is het feit dat we in dit verdrietige jaar nog om zo veel dingen kunnen lachen per definitie hoopgevend.’

Jansen: ‘Claudia de Breij en Peter Pannekoek hebben een grotere likeability dan ik, of dan wij. Daar zit geen enkele zuurheid bij van ‘o, hadden wij maar de kans gekregen’, helemaal niet. Dit jaar heeft de NPO met Micha Wertheim een verrassende keuze gemaakt, waarop ik me zeer verheug.’

Jansen: ‘Voor mij heeft de laatste avond dat we ’m spelen de meeste emotie, en de meeste waarde, want dan stáát het er, waar je de afgelopen zes maanden aan hebt gewerkt. Ik ben op 31 december altijd verdrietig dat het weer voorbij is.’

Lebbis: ‘Voor mij de eerste. Ik geniet altijd het meest van de voorbereiding op een nieuwe voorstelling in comedyclub Toomler, waar ik in januari weer mee begin. Een kwartier, twintig minuten spelen, elke keer wat nieuws uitproberen.’

Lebbis: ‘Ik was nooit met cabaret begonnen als ik het in mijn eentje had moeten doen.’

Jansen: ‘Wat je nu ziet, is de over vijfendertig jaar geëvolueerde vorm van wat we toen al deden. Ik zou dit onmogelijk met iemand anders kunnen doen.’

Lebbis: ‘Iemand vinden die je bij je past is zeldzaam, dat heb ik in de samenwerking met anderen wel gemerkt. Bij ons klikte het meteen, qua denksnelheid, qua interesses. Iemand met wie je continu afspraken moet maken, ‘als jij dat doet, dan doe ik daarna dat’, dat zou niks voor mij zijn.’

Jansen: ‘Er zijn duo’s die alles vastleggen, zelfs de ‘spontane’ heen-en-weertjes. En er zijn mensen in ons vak die anderhalf jaar lang dezelfde voorstelling kunnen spelen, tot op de komma precies. Wij kunnen niet eens twee avonden precies dezelfde voorstelling spelen.’

Lebbis: ‘Maar als ik moet kiezen…’

Jansen: ‘Ik moet nu echt weg.’

Lebbis: ‘Alleen en samen is allebei leuk, maar ik zou voor mezelf kiezen. Als-ie dood is. Alleen als-ie dood is.’

Jansen: ‘Oudejaars. Waar zijn we? Waar gaan we naartoe? De vorm vind ik fijn, aan de hand van de gebeurtenissen in een jaar iets vertellen over de tijd waarin wij leven. Het ritme dat erbij hoort ook; de tweede helft van het jaar heel veel spelen, en daardoor ruimte hebben om in het voorjaar andere dingen te doen.’

Lebbis: ‘Dat vier keer in de week spelen wat hij al jaren doet, dat is niks voor mij. Ik ben ook meer van de kleine, intiemere zalen dan de grote waar we nu staan. En kijk, als je zo vaak in de week speelt is er geen enkele ruimte meer om alcohol te nuttigen – voor mij niet in elk geval. Dat mis ik wel een beetje. Ik heb in deze periode nauwelijks gedronken. Ik verheug me op kerstavond. Dan mag ik weer een glas wijn, want met Kerst zijn we drie dagen achter elkaar vrij.’

Lebbis: ‘Dat is voor mij geen dilemma. Vooruitzien!’

Jansen: ‘Achterom kijken is een fijne theatervorm die ons veel lol oplevert en prachtige avonden. Maar vooruitzien, verandering, dat is waar het in het leven om gaat.’

Lebbis: ‘Dat zien we in de toekomst wel. In ieder geval is gebleken dat samen optreden nog net zo leuk is als het altijd was.’

Jansen: ‘Lebbis is natuurlijk ook aan het aftellen, die heeft nog maar een paar jaar deze energie, dus áls we nog eens iets willen samen, moet het binnen twee, drie jaar.’

Lebbis & Jansen, Subliem. Tournee t/m 31.12. Livestream 28 t/m 30/12.

1989 Leren elkaar kennen op een atletiekvereniging, doen als Lebbis en Jansen i.o. (in oprichting) mee aan het Leids Cabaret Festival, winnen jury- en publieksprijs
2000 Eerste oudejaarsconference op tv (Vara)
2006 Stoppen hun samenwerking om zich te richten op soloprogramma's
2023 Maken weer samen een oudejaarsconference Subliem, tournee t/m 31/12

Dolf Jansen woont in Utrecht, Hans Sibbel in Amsterdam.

Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.

U bent niet ingelogd

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden

Source: Volkskrant

Previous

Next