Cabaret Dolf Jansen en Hans Sibbel, oftewel het duo Lebbis & Jansen, staan na zeventien jaar weer samen op het podium. Als vanouds zijn sterk engagement, een imponerend spreektempo en een lekkere dosis bravoure de ingrediënten.
‘Geen zorgen voor morgen, geen last op je rug, Lebbis en Jansen zijn terug”, aldus Hans Sibbel (65) en Dolf Jansen (60) in Subliem. Het is hun eerste gezamenlijke voorstelling sinds ze zich vanaf 2007 allebei op solowerk richtten. Hoe kan het ook anders dan dat deze nieuwe samenwerking wordt gevierd met een oudejaarsconference, het genre waarin het duo zich specialiseerde en waarvan het er bijna twintig heeft gemaakt.
Subliem, door Lebbis & Jansen.
Gezien: 09-12, Schouwburg Gouda
Tournee t/m 31-12-2023
(Op 28 t/m 30 december is de voorstelling in De Kleine Komedie ook te zien via een livestream).
Info: www.bunkertheaterzaken.nl
Op de vraag waarom ze terug zijn, geven de heren antwoord in een rap: „Omdat niemand zit te wachten op Rutte vijf, zes en zeven / en niemand wil dat Groningen nog onverwachts gaat beven […].” We hebben daarom redding nodig van Lebbis en Jansen, klinkt de onuitgesproken suggestie van het duo dat bekendstond om hun engagement, een indrukwekkend spreektempo en een flinke dosis bravoure.
Daar is niets in veranderd, zo blijkt wanneer Lebbis en Jansen inventieve oplossingen presenteren voor het personeelstekort, het vluchtelingenvraagstuk en de gezondheid van de jeugd. Ook voor de top van het bedrijfsleven hebben ze iets bedacht: ceo’s van vervuilende bedrijven worden, als het aan Lebbis en Jansen ligt, verplicht om met hun gezin „op maximaal 500 meter van hun eigen stinkende fabriek te gaan wonen”.
Hun fictieve partijprogramma bevat prettig sarcasme en een aantal komische hyperbolen. Daarnaast laat het weinig te raden over de standpunten van het duo over klimaat, multinationals en asielopvang. Spottend vertelt Jansen dat hij zijn agrarische beleid nog even voor zich houdt. Jansen – die zich in zijn vorige (solo) oudjaarsconference een „activistisch cabaretier” noemde – doet dat pas als hij zeker weet dat zijn adreswijziging niet is doorgedrongen tot bepaalde actiegroepen.
Subliem is geen objectieve terugblik op 2023. Dat is helemaal niet erg op de momenten dat het duo iemand grondig bekritiseert om een beslissing of uitspraak. Zo wordt Henk Kamp gefileerd om zijn argumentatie tijdens zijn verhoor over de Toeslagenaffaire. De voormalig minister verklaarde hierin „het gevoel” te hebben dat er meer met toeslagen werd gefraudeerd dan de cijfers lieten zien. Geestig en met de nodige woede legt het duo uit wat de gevolgen van dit gevoel zijn geweest, en wat nu een passend gevolg zou moeten zijn voor Henk Kamp.
Ook de gevoelsbesluiten van Caroline van der Plas worden komisch doorgelicht. Zo had ze aangekondigd dat de minima er wat haar betreft 1 procent bij moesten krijgen, maar wilde ze dat plan niet laten toetsen door het CPB. Jansen: „Als je het toch niet laat doorrekenen, zeg dan gewoon 85 procent.” Lebbis: „Ik heb vorige week op gevoel een appeltaart gebakken. Er zat veel te veel mosterd in.”
Saai is het ook een enkele keer, als Lebbis en Jansen hun engagement uiten met opmerkingen over uiterlijk, of zeggen dat niemand met een bepaalde politicus naar bed wil. Dit soort zinnen sorteren weinig effect en zijn niet grappig.
Gelukkig zijn dit uitzonderingen. Hun redenaties zijn vaak scherp: als het gaat over het nieuwe pensioenstelsel, over mensen die boos worden van vegetarische kip, woede over de nieuwe Transgenderwet. Geregeld worden deze tirades grappig door een crescendo in spreektempo en temperament – maar al te graag stoken ze het vuurtje bij elkaar op.
Het maakt Subliem tot een enerverende voorstelling, die wel wat inzakt op het moment dat Lebbis en Jansen beginnen aan een aantal particuliere verhalen: over hun activiteiten tijdens de 4 mei-herdenking, een gesprek met de schoorsteenveger en een rondje hardlopen in Engeland. Deze verhalen zijn niet interessant genoeg en nogal gekunstelde, niet zo veelzeggende voorbeelden bij hun terugkerende bewering dat de mensheid verdwaald is.
De mensheid die soms het spoor bijster is, wordt beter zichtbaar gemaakt in het sterke lied waarin Lebbis en Jansen zingen over het kiezen van een kant, en „hakken in het zand”. Verbeten zingen ze over groei als „redeloos gezwel” en de „mega barbecue” van de buren. „Ten aanval!”, klinkt het strijdlustig in het refrein. Een treffende samenvatting van deze energieke en begeesterde oudejaarsconference, die smaakt naar meer.
Source: NRC