Robert de Hoog wordt in eerste instantie afgewezen voor de toneelschool, maar na een Gouden Kalf voor zijn rol in de film Skin is de ‘acteur van wereldklasse’ overal welkom. Van Hollywood droomt hij niet meer, wel van een imperium.
Amsterdam-Noord, een dinsdagochtend in november. Robert de Hoog (35), corduroy petje op, staat achter een meterslang kookeiland in zijn lichte, open keuken. Hij maakt koffie met een percolator en schikt de koekjes die hij bij patisserie Holtkamp heeft gehaald op een schaal. Het is half 12 in de ochtend, de regen slaat onophoudelijk tegen de hoge ramen, zoon Kees is naar de crèche, honden Pop en Siep scharrelen door het huis, de geurkaarsen van Byredo branden al.
De Hoog is net terug uit de Surinaamse jungle voor opnamen van het zesde seizoen van de hitserie Mocro Maffia, waarin hij wederom ‘Tatta’ speelt, de kille, genadeloze kamper met het luie oog. ’s Avonds werkte hij in Suriname verder aan de postproductie van Sleepers, de succesvolle en door hem bedachte Videolandserie waarin hij zelf de hoofdrol heeft als Martin Oudkerk, een corrupte rechercheur bij het Utrechtse politiekorps – en waarvan vanaf 15 december het tweede seizoen is te streamen.
‘Ja, omdat... ik ben veel meer een doener, weet je wel? Iedereen geeft tegenwoordig maar over van alles z’n mening, maar ik weet niet zo goed wat ik moet vertellen, ik dóé gewoon dingen.’
‘In 2017 speelde ik nog bij Internationaal Theater Amsterdam. Met Halina Reijn en Gijs Scholten van Aschat maakten we Ivo van Hoves Obsession. Gastacteur was Jude Law. Acht keer per week traden we op in Londen, waar we toen ook tijdelijk woonden. Bij Jude stonden dag in dag uit fans voor zijn huis en als we een vliegveld op liepen, moest hij rennen naar de viplounge. Toen dacht ik: jezus, je zou maar zo moeten leven, dat iedereen altijd iets van je wil. Mij heeft het nooit getrokken, en nu ik een kind heb al helemaal niet meer. Voor mijn gezin vind ik de aandacht op straat vervelend. Mijn vrouw heeft er zelfs voor gekozen áchter de camera te staan.’
Als een paar uur later zijn vrouw binnenkomt, Sophie Dros, maker van documentaires als Sisterhood, King of the Cruise en het recente Blozende oortjes, zegt ze: ‘Wij zijn allebei best saai. We vinden ons werk erg leuk en kunnen daar eindeloos over praten, maar het liefst zitten we elke avond met z’n tweeën op de bank. Haard aan, kopje thee erbij en om 10 uur naar bed.’
De Hoog: ‘Heerlijk.’
‘Voor mijn werk sta ik inderdaad ’s ochtends vroeg al het bloed van mijn schoenen te vegen of ren ik met een automatisch wapen over daken. Regelmatig bel ik met Sophie: ‘Sorry, even kort, we zijn net iemand aan het vermoorden.’ Als je mijn zoekopdrachten op Google bekijkt, zie je de meest verontrustende dingen. En daarna doe ik dan gewoon weer de was en maak het huis schoon.’
Dros: ‘Wij doen voor ons werk zoveel spannends, dat het thuis juist niet meer hoeft.’
De Hoog: ‘Dat contrast vind ik ook de charme van acteren. Dat je iets heel heftigs of emotioneels speelt en tien minuten later een tosti zit te eten en grappen maakt met de crew. Het is door Hollywood nogal populair om ‘method’ te acteren, maar ik geloof er niet zo in dat je zelf eerst heroïne moet gebruiken om een geloofwaardige heroïnejunk te kunnen neerzetten. En ik vind het ongemakkelijk als ik op het toneel iemand z’n eigen verdriet zie inzetten om een emotionele scène te spelen. Juist de controle die je hebt om een bepaald gevoel aan of uit te zetten, maakt het spannend. Maar goed, voor mijn rol in Instinct, de film van Halina Reijn, heb ik ook gevraagd of ik een nacht mocht worden opgesloten in een isoleercel om te ervaren hoe dat voelt.’
Hap van een koekje: ‘Het mocht niet.’
‘Dat zit voor mij niet in repeteren, dat doe ik het liefst zo min mogelijk, maar in juist vooraf een personage helemaal doorgronden. Of zoals nu, met Sleepers, dan weet ik álles van die wereld. Ik heb talloze boeken over de onderwereld gelezen, ben langs plekken geweest waar liquidaties hebben plaatsgevonden, bestudeer in bepaalde kroegen hoe mensen zich gedragen, ik heb op het bankje gezeten waar Willem Endstra en Willem Holleeder samen overlegden en de uitzending die Peter R. de Vries over Endstra maakte, heb ik honderd keer bekeken, op zoek naar details.
‘Ik verdiep me obsessief, omdat ik hou van hyperrealisme. We maken drama, maar ik wil dat alles zo echt mogelijk lijkt. In het laatste seizoen van Mocro Maffia zie je een minister die bij een nieuwsuitzending zit. Goed gespeelde scène, maar ik geloofde het niet. Dus voor Sleepers wilde ik opnemen in de échte studio van Opsporing Verzocht, met Anniko van Santen in plaats van een actrice.’
Pup Siep komt aanrennen. Dros: ‘Niet plassen, niet plassen!’
De Hoog: ‘Te laat.’
Dros: ‘Hij is nog niet opgevoed, hadden we geen tijd voor. Soms doen we eerst iets en denken we er later pas goed over na.’
De Hoog, stoïcijns: ‘Ik wilde bij dit interview liever geen theatrale foto’s. Bij Internationaal Theater Amsterdam was ik ooit een bepaalde scène heel sentimenteel aan het spelen, omdat ik bezig was met het effect op de zaal. Toen zei Ivo van Hove: ‘Jíj moet niet huilen, het públiek moet huilen.’ Dat was een goede les.’
De Hoog groeit met zijn zusje en ouders op in Alphen aan den Rijn, gaat naar het vmbo en de havo in Gouda. Zijn vader was het hoofd personeelszaken van de politie Amsterdam, maar ook gemeenteraadslid namens de PvdA en werkte lang bij de Raad van State. Tegenwoordig studeert hij filosofie. De Hoogs moeder had een studiebegeleidingscentrum en geeft nog steeds twee dagen per week Italiaanse les op de Volksuniversiteit. Als kind loopt De Hoog ‘niet in de maat’: hij heeft moeite met autoriteit, wordt meermalen geschorst van school, zoekt spanning, heeft ‘foute vrienden’, steelt regelmatig. Hij wordt gepest met zijn rode haar en krijgt ritalin terwijl hij geen ADHD heeft. De Hoog: ‘Sommige docenten zeiden tegen me dat het nooit iets met mij zou worden.’
Er is maar één plek waar hij zijn energie kwijt kan: de Jeugdtheaterschool. Als 9-jarige krijgt hij voor het eerst een rolletje in een televisieserie, Zeeuws Meisje van Villa Achterwerk, waar ook Paul de Leeuw en Roos Ouwehand in meedoen.
In 2008 speelt De Hoog zijn eerste hoofdrol. Net afgewezen voor de Toneelschool, doet hij als 16-jarige auditie voor de Telefilm Skin. Regisseur Hanro Smitsman ziet wel wat in het recalcitrante ventje, al verloopt de samenwerking in het begin stroef: ‘Ik durfde me niet aan hem over te geven, maar gelukkig vond Hanro de perfecte manier om mij zover te krijgen: door me weg te sturen. ‘Als je niet durft, ga ik iemand anders zoeken’, zei hij. Wat al regelmatig in mijn leven was gebeurd, dat ik werd weggestuurd. Omdat ik boos was, of dwars. Hanro prikte daar doorheen en sprak me aan op iets waar ik heel bang voor was: wéér iets dat zou mislukken. Ik voelde aan alles dat ik dat niet moest laten gebeuren. Hij hielp me over een grens, als acteur en als mens, voor het eerst zei iemand: ‘Ik geloof in jou.’’
De Hoog woont nog bij zijn ouders als hij in 2008 een Gouden Kalf wint voor zijn rol in Skin. Het juryrapport jubelt: ‘We hebben een acteur ontdekt van wereldklasse.’ Later krijgt hij ook nog een nominatie voor de prestigieuze Emmy Award. En dit keer willen zowel de Toneelschool Amsterdam als Maastricht hem wél aannemen.
‘Ik ben iemand die ontzettend op zijn gevoel af gaat. Zonder dat iemand me had uitgelegd hoe ik dat moest doen, mailde ik de makers van Skin. En toen Reinout Oerlemans Nova Zembla ging maken, een 3D avonturenepos dat mij heel vet leek, heb ik hem ook gewoon een bericht gestuurd: ‘Ik wil in jouw film.’ Hij vond die bravoure leuk en antwoordde: oké, is goed.’
In datzelfde jaar 2012 staat De Hoog op de set van Steven Spielbergs War Horse: hij had zijn agent een kopie van Skin naar Spielbergs productiebedrijf laten opsturen.
Twee jaar later krijgt hij zijn eerste hoofdrol in een buitenlandse productie. Aanvankelijk alleen ingehuurd om bij de audities tegenspel te geven aan een Nederlandse actrice die in de Iers-Nederlandse film Love Eternal zou meedoen, wordt hij ineens zelf gebeld: de regisseur vindt de tegenspelacteur zo interessant, wil hij geen auditie doen voor de hoofdrol?
De bekendheid bij een nog breder publiek komt in 2018, als hij een van de hoofdkarakters wordt in de keiharde misdaadserie Mocro Maffia, bedacht door acteur (en vriend) Achmed Akkabi. De Hoog, met een grijns: “Ik wil ook in die serie’, zei ik tegen Achmed. Oké, zei hij, dan schrijf ik een rol voor je.’
Sinds anderhalf jaar is De Hoog als acteur alleen nog via RTL’s streamingdienst Videoland te zien, waar hij een exclusiviteitscontract tekende. ‘Ik zag bij Achmed wat er nog meer mogelijk was behalve acteur zijn. Je kunt een serie dus ook zelf bedenken en maken. Toen ben ik het idee voor Sleepers gaan uitwerken en naar Videoland gestapt. Zij zagen het meteen zitten, al moest er nog veel aan het verhaal gebeuren. Simon de Waal kwam erbij, die parttime rechercheur is, maar ook scenarist: vroeger voor Baantjer, later ook van series als Het gouden uur.’
‘Tja, ook nu weer: ik ben het gewoon gaan dóén. Het is net als op het toneel staan en dan merken dat iets niet helemaal lekker loopt. Daardoor ontdek je hoe het anders moet.’
‘Na dat Gouden Kalf dacht ik: nou, ik ben er wel. Maar op een gegeven moment merkte ik dat ik als acteur steeds hetzelfde aan het doen was. Wat ik van Hanro had geleerd, was het enige wat ik kende. Een vriend van me, acteur Marwan Kenzari, zei toen: ‘Je hebt het geluk met een groot talent, maar dat moet je wel blijven voeden. Er zijn namelijk honderd anderen die het net zo graag willen als jij en misschien nog wel harder werken.’ Dat heb ik ter harte genomen. Vervolgens besloot ik dat ik naar het toneel moest. Omdat je daar avond aan avond met de besten in je vak kunt werken en jezelf voortdurend kunt verbeteren. Het was doodeng, maar tegelijkertijd vind ik dat een fijn gevoel.’
‘Na zeven jaar begon dat te knellen, ja. ITA is een fantastisch gezelschap, waarmee ik de hele wereld over ben gegaan en we overal staande ovaties kregen, waardoor je voortdurend in een soort high zit, maar het is ook een beetje sektarisch.
Je wordt gedwongen op hun trein mee te gaan, hebt geen sociaal leven meer omdat de werkdruk zo achterlijk hoog is, krijgt geen inspraak en verdient weinig. Ik merkte dat ik weer die bozige jongen van vroeger werd. Dus heb ik, met Sophie naast me omdat ik niet goed durfde, Ivo gebeld dat ik niet meer wilde. Het voelde als breken met je ouders, omdat Ivo het echt niet begreep, maar ik ben blij dat ik het heb gedaan. Ook omdat ik steeds vaker dacht: ik sta alleen maar in de ideeën van anderen, terwijl ik zelf zo veel ideeën heb.’
Later, vanachter het kookeiland voor een tweede ronde loeisterke koffie: ‘Ik hoop dat ik over vijf jaar een bedrijf heb waar meerdere producties tegelijk lopen en ik allemaal toffe makers om me heen heb verzameld. Zelf aan het roer staan bevalt me goed. Ik wil echt een imperium opbouwen.’
‘Ik ben altijd constructief, ja. Ik ben degene die bij Sleepers uiteindelijk alles bepaalt, maar dat betekent niet dat ik als een gek sta te schreeuwen dat het op míjn manier moet gaan. Als we onder grote druk staan, zeg ik wel regelmatig tegen de regisseur: ‘En nu moet je gewoon naar mij luisteren.’ Alleen doe ik dat wel op een normale manier.’
‘Het zit in me, én ik heb een vrouw die me daar veel over leert. Ik vind het heel belangrijk dat de sfeer op onze set veilig is. Dus als we met z’n allen vergaderen, zeg ik het een paar keer per seizoen heel duidelijk: ‘We behandelen elkaar normaal en ik tolereer geen geschreeuw of pesterijen.’ Maar natuurlijk ben ik ook weleens geïrriteerd en vraag ik: ‘Waarom sta ik al twintig minuten te wachten op iets dat maar vijf minuten hoeft te duren?’ Als je dat op een normale toon doet, hoeft niemand meteen 112 te bellen.’
‘Ik heb haar meteen gevraagd of er bij ons iets was voorgevallen, maar gelukkig is dat niet zo. Vervolgens heb ik haar bedankt voor haar verhaal, omdat het ons de kans geeft ervan te leren. Het is moedig dat ze zich heeft durven uitspreken, maar ook heel erg dat een goede, gevierde actrice zich genoodzaakt voelt te stoppen. We moeten zorgen dat zoiets nooit meer gebeurt.’
‘We werken in een wereld waar de man het nog steeds vaak voor het zeggen heeft en vrouwen zich vaak onveilig hebben gevoeld. Ik vind dat niet alleen vrouwen zich daartegen moeten uitspreken, maar juist ook mannen.’
‘Dat is een heel goede ontwikkeling. Tegelijkertijd herinner ik me dat ik zelf ooit een intieme scène moest spelen en dat heel ongemakkelijk vond, maar dat er geen enkele keer aan mij werd gevraagd hoe ik me voelde. Al begrijp ik dat ook: het zijn vooral vrouwen die onwenselijke dingen hebben meegemaakt, dus de focus ligt nu op hen.’
‘Ondanks dat ik daar scherp op ben, zag ik toch dat we in het eerste seizoen soms weer in clichés waren vervallen. De vrouw van mijn personage Martin heeft ook een goede baan bij de politie, maar toen ik terugkeek, zag ik: nu staat ze toch weer te koken en is zíj degene die thuis blijft bij het kind. Kut, heb ik dat toch gemist.’
‘Ik heb ook gewoon een mannenbrein, hè. Dus vroegen we voor het nieuwe seizoen vrouwen in de writer’s room. Dat was best confronterend, omdat je wordt aangesproken op dingen waarvan je je misschien niet bewust bent. Maar waardoor dit keer de heftigste scènes door een vrouwelijk personage worden gespeeld.’
‘Ik liep met Sophie over straat en hoorde een stel jongetjes enorm lopen schelden met dat woord. Toen ik op het punt stond ze erop aan te spreken, zei Sophie: ‘Van wie denk je dat ze dat geleerd hebben? Waarschijnlijk van jou.’ En toen dacht ik: ik maak Sleepers, dus ik kan het ook veranderen. Waardoor in seizoen twee geen enkele keer het woord kanker wordt gebruikt. Ik heb het er gewoon helemaal uitgehaald; zo simpel is het soms ook.’
Dros: ‘Het argument is vaak dat dat woord door jonge mensen nu eenmaal veel wordt gebruikt, dús dat het realistisch is. Maar als filmmaker heb je ook de macht om het narratief te veranderen. Als jouw personages het niet meer zeggen, breng je misschien teweeg dat jongeren op straat het ook minder gaan gebruiken.’
‘Aan de ene kant begrijp ik dat, tegelijkertijd is er met die serie een gigantisch podium gecreëerd voor veel nieuwe talenten met een andere culturele afkomst. Maar om die reden vond ik het interessant om bij Sleepers het omgekeerde te laten zien: in mijn serie zijn alleen de Nederlandse personages slecht en de Nederlands-Marokkaanse en Nederlands-Turkse personages staan aan de goede kant. Overigens word ik zelf ook alleen maar voor criminele rollen gevraagd, terwijl ik best graag eens komedie zou willen spelen.’
Terwijl hij opstaat om het zoveelste ongelukje van pup Siep op te ruimen: ‘De kracht van Mocro Maffia is dat we lieten zien hoeveel goeie acteurs met een andere afkomst er zijn. Bij ITA heb ik zó vaak gesprekken gevoerd over diversiteit, maar werd steevast gezegd: ‘We zoeken ze wel, maar vinden ze niet.’ ‘O ja?’, antwoordde ik dan: ‘Waarom ken ik er dan wel twintig? Ga eens kijken bij toneelscholen of locatietheaters, waar mensen uit allerlei culturen rondlopen die waanzinnig goed spelen maar de kans niet krijgen, omdat er wordt volgehouden ‘dat ze er niet zijn’. Bullshit; ze zijn er wél – en dat zie je nu in onze series.’
‘Maar intussen heb ik bij anderen gezien hoeveel je daarvoor moet opgeven. Ik heb dat het niet waard gevonden. Bovendien: in de VS moet je eerst een superster zijn voordat je mag gaan produceren. Ik vind de uitdrukking ‘on-Nederlands goed’ ingewikkeld, omdat we hier ook veel goede makers hebben.
‘Toen ik in War Horse speelde, werd ik elke dag opgehaald in een Bentley. Mijn chauffeur was normaal gesproken de vaste driver van John Travolta. Steven Spielberg leidde me rond op de set. Ik wist echt niet wat me overkwam, en toch was het na vier dagen normaal geworden.
‘Ja, de filmset is veel groter en iedereen heeft een eigen trailer, maar je zit ook daar gewoon hele dagen te wachten tot je aan de beurt bent, en vervolgens kwamen ze ’s avonds zeggen: ‘Sorry, we gaan je vandaag toch niet gebruiken.’’
Hardop lachend: ‘Op een gegeven moment dacht ik: ik wil naar huis!’
‘Precies. Sleepers is nu ook aan de VS verkocht, na Engeland, Ierland, Canada, Australië en Nieuw-Zeeland. Dus als ze willen, vinden ze je wel.’
‘Ik omschrijf mezelf als iemand die nooit zou rennen voor een tram.’
Lachend: ‘Ik ga dan gewoon aan, ja. Als ik met mijn zoon ben, kan ik me ook als een clown gedragen. Dansen, rare liedjes zingen.’
Dros: ‘Hij is een gekkie. Laatst hadden we in een restaurant een serieus gesprek, ik zei dat hij de dingen niet altijd zo zwaar hoeft te maken, en vervolgens begon hij keihard te lachen, onophoudelijk. Dan kent-ie gewoon geen schaamte. Daarom heb ik hém ook ten huwelijk gevraagd, omdat ik wist dat hij er iets heel theatraals en grotesks van zou maken. Daar had ik geen zin in.’
‘Dat zijn dingen waar je gaandeweg achter komt. Dit is een heel nieuwe carrière voor me, ik doe het pas tweeënhalf jaar. Vlak voor de zomervakantie, aan het eind van ons eerste seizoen, was ik helemaal kapot. Ik voelde me slecht, werd angstig, bang om dood te gaan, kon niet meer relativeren. Ik heb een burn-out altijd iets voor losers gevonden, maar nu zat ik zelf op het randje. Je moet zoiets dus eerst zelf ervaren om écht te weten hoe het voelt.’
Dros: ‘Er wordt in onze industrie eigenlijk verwacht dat je altijd werkt en niet geeft om je privéleven. Als je zegt dat je vrij houdt omdat je partner jarig is, wordt er een beetje op je neergekeken.’
De Hoog: ‘Wat dat betreft is het een ingewikkeld wereldje, ja. En ik heb er ook aan meegedaan, door om 11 uur ’s avonds nog op te nemen als er werd gebeld. Terwijl: doe eens normaal, je hoeft mensen echt niet nog om die tijd te bellen. Dat doe ik dus nooit, zoals ik er ook streng op ben dat afspraken worden nagekomen. Als er voor een draaidag tien uur staat, worden dat er niet stiekem toch twaalf.’
‘Binnenkort ga ik weer met iemand praten, dat heb ik in het verleden vaker gedaan. Op aanraden van Halina, die zei dat het alleen al voor je acteurschap fijn is. Omdat je jezelf gewoon veel beter leert kennen. En dat is zo, ik merk dat het me heeft verrijkt. Bovendien is het goed om te erkennen dat je soms hulp nodig hebt, omdat je zelf even niet meer weet hoe het moet. Ik heb er met mijn rol binnen Videoland ineens een heel grote verantwoordelijkheid bij gekregen, dan is het fijn als iemand je handvatten kan geven.’
Dros: ‘Soms wil je meer dan je kan. De honden en onze zoon brengen ons terug naar de realiteit, omdat we anders altijd maar door blijven gaan.’
De Hoog: ‘Ik werkte vier weken lang zestien uur per dag en kreeg daardoor van alles voor elkaar wat Sleepers beter maakte, maar ik lag er wel helemaal vanaf.’
Dros: ‘Dan zeg ik tegen hem: ‘Hé, je maakt ook gewoon maar een politieserie, hè, doe eens even rustig.’’
De Hoog: ‘Wij doen ons werk op leven en dood, maar inderdaad: we zijn ook geen vrede aan het stichten, ofzo.’
Dros: ‘Ik heb hem dat ook gevraagd: waarom nou zó luguber? We zaten pasta te eten op de bank toen hij me een aflevering van Sleepers liet zien, waarin heel expliciet een tong werd afgesneden. Ik voelde me helemaal misselijk worden, maar hij moet dan weer heel hard lachen.’
De Hoog: ‘Ik heb een nogal levendige, rare fantasie en vind Nederlands drama vaak te lievig. Ik wil dat iets écht bij je binnenkomt, dat het een ervaring is. Zoals de film Buried, met Ryan Reynolds. Hij ligt begraven in een grafkist, terwijl de batterij van zijn mobiel leegloopt, maar ze zoeken hem via gps-coördinaten. Als kijker ben je de hele film met hem in die kist. Ik vond het vreselijk, kreeg bijna een paniekaanval, stopte met ademen. Tegelijkertijd doet het iets met je. Maar goed, zó erg maak ik mijn serie niet, hoor.’
Met een grijns: ‘Je moet er alleen niet bij eten.’
18 november 1988 Geboren in Alphen aan den Rijn. Opleiding vmbo, daarna havo, in Gouda.
1997 Eerste rol, in televisieserie Zeeuws Meisje.
2003-2007 Jeugdtheaterhuis Zuid-Holland.
2006 Gastrol in televisieserie Keyzer & De Boer Advocaten.
2008 Hoofdrol in film Skin, waarvoor hij een Gouden Kalf wint en een Emmy Award-nominatie krijgt.
2008-2012 Amsterdamse Toneelschool & Kleinkunstacademie (niet afgemaakt).
2010 Hoofdrol in film Schemer.
2011 Films War Horse en (hoofdrol) Nova Zembla, waarvoor hij een Rembrandt Award-nominatie krijgt, serie Lijn 32.
2012 Serie Van God Los.
2013 Hoofdrol film Love Eternal, serie Feuten.
2013–2020 In dienst bij ITA (voorheen Toneelgroep Amsterdam), speelt daar voorstellingen als The Fountainhead, Obsession (coproductie met The Barbican), Othello, Husbands and Wives, De dingen die voorbijgaan.
2014-2015 Serie Heer en Meester, films De Helleveeg en Homies.
2018 Start serie Mocro Maffia op Videoland en te zien in Soof: een nieuw begin.
2019 Films Baantjer: het begin, Instinct en Huisvrouwen Bestaan Niet 2.
2020 Thrillerserie Red Light.
2022 Dramaserie De Stamhouder.
2022-nu Hoofdrolspeler, scenarist en creative producer Videolandserie Sleepers.
2023 Nominatie Gouden Televizier Ring-acteur voor zijn rol als ‘Tatta’ in Mocro Maffia.
Robert de Hoog is sinds mei dit jaar getrouwd met Sophie Dros. Ze wonen met hun zoon Kees (2) in Amsterdam.
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden