Home

Kunstenaar Vera Molnár (1924-2023) koppelde de willekeur van de computer aan de intuïtie van de mens

Toen de eerste computers op universiteiten verschenen, oefenden deze bakbeesten een grote aantrekkingskracht uit op een selecte groep kunstenaars. Ze wilden de rekenkracht niet inzetten voor wiskundige vraagstukken, maar om kunst te maken. Donderdag overleed op 99-jarige leeftijd Vera Molnár. Ze wordt beschouwd als de eerste vrouwelijke kunstenaar die vanaf de jaren zestig de artistieke mogelijkheden van computers zag.

De ‘grande dame van de digitale kunst’ werd in 1924 geboren in Hongarije. Als kind tekende ze elke dag de zonsondergang boven het Balatonmeer. Toen ze merkte dat haar rode en blauwe viltstiften het snelste leeg waren terwijl ze de andere kleuren nauwelijks gebruikte, besloot ze haar stiften elke avond te laten roteren volgens een vast systeem. Voortaan maakte ze elke dag een zonsondergang met een nieuw kleurschema, zodat ze alle stiften evenveel gebruikte.

Over de auteur
Bart Dirks schrijft voor de Volkskrant over kunst en cultuur. Eerder was hij onder meer verslaggever in Den Haag en Rotterdam en correspondent in Brussel.

Het zoeken naar combinaties en variaties, naar orde en wanorde, bleef haar een leven lang fascineren. Ze volgde een klassieke kunstopleiding in Budapest. Voordat ze ‘computerkunst’ ging maken, maakte ze collages, schilderijen en foto’s die schatplichtig waren aan het Russische constructivisme en aan de abstracte kunst van Paul Klee en Piet Mondriaan.

In de jaren zestig en zeventig kwam de interesse voor de artistieke mogelijkheden van de computer vooral van filosofen en wiskundigen. Ze gebruikten onder meer plotters, tekenmachines die met een geautomatiseerde pen lijntekeningen, grafieken, diagrammen en andere afbeeldingen kunnen maken. Pioniers van deze ‘generatieve kunst’ waren, naast Vera Molnár, de Japanse filosoof Hiroshi Kawano (1925-2012), de Duitse kunstenaar Manfred Mohr (1938) en de Nederlander Peter Struycken (1939).

Allemaal konden ze, vaak bij nacht en ontij, gebruikmaken van universitaire computers. In Parijs, waar ze sinds 1947 woonde en werkte, wist Vera Molnár in 1968 het hoofd van het rekencentrum van de Sorbonne ervan overtuigen haar ‘rekentijd’ te geven. Een groot voorecht, vertelde ze in een interview, want destijds werd de schaarse computercapaciteit nog in seconden beschikbaar gesteld.

Ze maakte zich de vroege programmeertaal Fortran eigen, en maakte zo haar eerste algoritmische tekeningen. Sceptici vonden echter dat je met computers geen kunst kunt (laten) maken. Wat is er artistiek aan als niet de kunstenaar, maar een plotter de pen vasthoudt? Dat stigma gaat volgens Molnár uit van een romantisch idee. ‘Een kunstenaar heeft talent, gaat zitten, drinkt en schept. En de intuïtie doet wat het doet, soms goed, soms niet. Maar er is iets wat intuïtie kan vervangen. Het is willekeur.’

Maar waar een mens moe is na het uitproberen van tien, twintig varianten, kan de computer miljarden geometrische abstracties laten zien die de mens met zijn beperkte verbeeldingskracht niet kan bedenken. ‘Het verrijkt de zintuigen’, aldus Molnár. Het ging haar er niet om dat álles kunst kan zijn, zoals de Dadaïsten zeiden, maar het helpt juist iets nieuws te ontdekken. ‘De computer ontmenselijkt de kunst niet, integendeel. Dankzij al die technologie kunnen we juist heel dicht in de buurt komen van wat we ons hadden voorgesteld.’

Zoals het oeuvre van de Japanse kunstenaar en generatiegenoot Yayoj Kusama (1929) wordt gekenmerkt door rode stippen, zo zit het werk van Molnár vol met lijnen en rechthoeken. Met de hand getekend, of door de computer.

Haar werk is te vinden in museale collecties van onder meer Tate (Londen), het Lacma (Los Angeles) en het MoMA (New York). Toch kwam de echte erkenning pas de laatste tien, vijftien jaar van haar leven. Tijdens de hype in 2021 rond nft-kunst werd ze herontdekt. Veilinghuis Sotheby’s bood deze zomer vijfhonderd werken van haar aan – door de computer gegenereerd, maar door Molnár geselecteerd. De kopers kregen willekeurig een van de vijfhonderd unieke generatieve kunstwerken toegewezen. De veiling bracht 1,1 miljoen euro op.

In 2022 toonde ze, voor het eerst, werk op de Biënnale in Venetië. Op het Venetiaanse eiland Murano legde ze een link tussen haar computerkunst uit 1972 en een veel ouder ambacht, dat van de glasblazers. Het was, op haar 98ste, een nieuwe wending in haar carrière. Of die late erkenning Molnár goed deed? ‘Eerlijk gezegd denk ik niet dat ze echt veel geeft om roem of prijzen’, zei curator Francesca Franco, die de expositie op de Biënnale met haar samenstelde. ‘Ze is iemand die elke dag wakker wordt en denkt: ‘Wat als ik dit doe of wat als ik dat doe?’ Het is een constante zoektocht naar uitdagingen, nieuwe materialen, verrassingen.’

Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.

U bent niet ingelogd

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden

Source: Volkskrant

Previous

Next