Je kon erop wachten, dat complotdenkers hun koortsige brein ook aan het werk zouden zetten over de afgrijselijke oorlog in Gaza. En jawel, inmiddels duikt online en in ‘alternatieve media’ de verdenking op dat Israël de slachtpartij van 7 oktober heeft georganiseerd, deels zelf heeft aangericht of heeft laten gebeuren. Als excuus voor een oorlog tegen Gaza.
De hatelijkheid wordt uiteraard aangejaagd door de stroom van weerzinwekkende beelden uit Gaza, waar het Israëlische leger bereid blijkt als collateral damage duizenden Palestijnse burgers te doden om Hamas te treffen. Met hulp van een AI-systeem dat, cynisch, ‘The Gospel’ wordt genoemd.
In dezelfde alternatieve kringen wordt tegelijk betwist dat antisemitisme is opgelaaid; ook dat zou een alibi zijn, om kritiek op Israël verdacht te maken. En jawel, deze week nam het Amerikaanse Huis van Afgevaardigden een Republikeinse resolutie aan die antizionisme zonder meer gelijkstelt aan antisemitisme, een vorm van ideologische knevelarij.
In de pas verschenen bundel Wie over vrede spreekt, heeft moed, die korte, soms emotionele opstellen bevat van achttien vooral Joodse schrijvers, noteert Marcel Möring grimmig: „Onder alles wat wordt gezegd en gedacht over de Palestijns-Israëlische kwestie schuilt een perverse subtekst.”
Inderdaad, en dat is precies het probleem hier aan de zijlijn: dit conflict is symbolisch overbelast geraakt. Met funeste gevolgen: in links-activistische kring de neiging om antisemitisme te reduceren tot niet meer dan een uiting van een veel groter kwaad, racisme. En bij activistisch-rechts pogingen het begrip juist zover op te rekken dat louter een kanttekening bij het zionisme of Israël er al onder valt.
Het is een wrange strijd om definitiemacht. Erdoorheen speelt dan nog het verwarrende gebruik van ‘Joods’ als naam van een volk, religie of natie (zie in deze krant: kleine letters voor de religie, hoofdletters voor het volk). En, ook dat nog, de ambivalente status van Israël, gesticht als staat voor de Joden maar ook, en allengs meer, een Joodse staat.
Tijd voor een Godwin? Zelfs de nazi’s worstelden met de terminologie. In een poging de Arabische wereld te paaien deden zij hun best ‘antisemitisme’ waar nodig te vervangen door ‘anti-Judaïsme’; Arabieren waren tenslotte ook semieten. Ook wel zo helder: antisemitisme is specifieke haat jegens Joden, het Gegenrasse. Niet hetzelfde als kritiek op Israël of het zionisme, maar wel met overlappingen.
Is er een weg uit dit symbolische doolhof? Niet met de stationshal-slogan dat dekolonisatie ‘geen metafoor’ is. Of met de drift om kritiek op Israël verdacht te maken. Als die polarisatie aanhoudt, rest straks maar één gelijk: dat van de winnaar. Die toxische dialectiek moet nodig worden gedekoloniseerd. De feiten op de grond zijn al erg genoeg.
Source: NRC