Naast Pakjesavond is 5 december ook Wereldbodemdag. Ter gelegenheid daarvan maakte het Nederlands Instituut voor Ecologie vandaag bekend hoeveel dieren er geteld zijn tijdens de Bodemdierendagen. Ruim 1.500 mensen telden eind september en begin oktober hoeveel bodemdieren zij tegenkwamen in hun tuin of een andere plek in de buurt.
87 procent van de deelnemers vond een regenworm in de de tuin. Ook vonden ze vaak spinnen (86 procent) en pissebedden (83 procent). Al deze dieren zijn in meer tuinen gezien dan vorig jaar. Naaktslakken, mieren en kevers werden ook vaker dan gemiddeld gespot.
De deelnemers vonden gemiddeld 42 bodemdieren in de grond. Dit is hoger dan het gemiddelde van eerdere tellingen. Dit komt volgens onderzoekers van de Bodemdierendagen door het koele, vochtige weer van dit jaar. Veel bodemdieren zijn gevoelig voor droogte.
De dieren werden niet precies geteld. Deelnemers werd gevraagd om de soorten die ze zagen bij te houden en een inschatting te maken hoeveel ze per soort waarnamen.
De Bodemdierendagen zijn een initiatief van het Nederlands Instituut voor Ecologie en de Wageningen Universiteit. De telling laat de deelnemers op twee manieren kennis maken met hun tuin, vertelt organisator Froukje Rienks.
"Ze helpen niet alleen bij het krijgen van kennis, maar maken ook kennis met wat er in hun tuin leeft. Het is goed om te beseffen dat er onder je voeten een heel universum is, dat essentieel is om de natuur gezond te houden."
De telling is bovendien erg nuttig voor wetenschappers. "Heel veel mensen helpen ons mee, op plekken waar wij ook niet zo snel komen. Die omvang kunnen wij zelf nooit bereiken."
Source: Nu.nl algemeen