Dat blijkt uit het zogeheten Pisa-onderzoek, dat elke drie jaar wordt uitgevoerd in opdracht van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (Oeso). Het onderzoek, dinsdag gepubliceerd, werd in verband met de coronacrisis met een jaar uitgesteld. De leerlingen werden onderzocht in het najaar van 2022, in plaats van een jaar eerder.
Ook op het gebied van wiskunde en natuurwetenschappen presteren Nederlandse tieners slechter dan vier jaar geleden. De dalende prestaties gelden zowel voor jongens als voor meisjes, hoewel meisjes op het gebied van leesvaardigheid aanzienlijk beter presteren dan jongens.
Bij wiskunde doen jongens het juist iets beter dan meisjes. Dat is een trendbreuk: tussen 2000 en 2015 deden jongens het telkens beter dan meisjes, maar in 2015 en 2018 waren hun scores vrijwel gelijk.
In elk van de 81 deelnemende landen en regio’s werden tussen de 4- en 8 duizend leerlingen onderzocht. In Nederland ging het om vijfduizend 15-jarigen op 154 middelbare scholen, verspreid over alle schooltypes. Ongeveer driekwart van de deelnemende leerlingen zat in de vierde klas. Zij vulden een onlinetest in, waarin zij ongeveer twee uur lang vragen kregen over wiskunde, leesvaardigheid en natuurwetenschappen.
De leesvaardigheid ging in Nederland harder achteruit dan in andere landen. Het niveau van Nederlandse leerlingen is nu voor het eerst iets onder aan het Oeso-gemiddelde en aanzienlijk lager dan in deelnemende EU-lidstaten. Die snelle daling was onverwacht, zegt Martina Meelissen (Universiteit Twente), die als onderzoeker betrokken was bij het Pisa-onderzoek in Nederland.
Een verklaring voor de dalende lees- en rekenvaardigheid van Nederlandse tieners geeft het onderzoek niet. Na de publicatie van het vorige Pisa-onderzoek in 2019 werden vanuit het onderwijs verschillende verklaringen geopperd, zegt Meelissen.
Zo kan meespelen dat het leesonderwijs in Nederland is gericht op het leren doorgronden van de structuur van een tekst, in plaats van op de inhoud. Ook het gebruik van digitale middelen kan meespelen. ‘Leerlingen lezen op hun telefoon vooral korte berichten en worden nauwelijks gestimuleerd om langere teksten te lezen’, zegt Meelissen. Ten slotte heeft het Nederlandse onderwijs te maken met een lerarentekort, wat de leerprestaties niet ten goede komt.
De coronacrisis kan de dalende trend, die in vrijwel alle deelnemende landen te zien is, volgens het onderzoeksrapport slechts gedeeltelijk verklaren. In veel landen, waaronder Nederland, gaan de prestaties van leerlingen al langer hard achteruit. Bovendien is de leesvaardigheid in landen met maandenlange schoolsluitingen ongeveer evenveel gedaald als in landen waar de scholen korter of helemaal niet dicht gingen.
De uitkomsten van het vorige Pisa-onderzoek leidden tot veel beroering over de verslechterende leesprestaties van Nederlandse tieners. In de politiek en media klonk de oproep om onderwijshervormingen om de ‘leescrisis’ te bestrijden.
Er klonk echter ook kritiek op het Pisa-onderzoek. Zo zou het feit dat de test vanaf 2018 grotendeels digitaal wordt afgenomen, invloed hebben op de resultaten. Ook zou het onderzoek steeds meer nadruk leggen op onderdelen waar Nederlandse leerlingen relatief slecht op scoren.
Die kritiek moet niet afleiden van de zorgwekkende ontwikkeling die het Pisa-onderzoek laat zien, vindt onderwijsontwikkelaar Erik Meester (Radboud Universiteit). ‘De leerresultaten gaan in Nederland duidelijk bergafwaarts, dat blijkt ook andere (inter)nationale onderzoeken.’
Dat steeds meer kinderen onvoldoende geletterd van school gaan, heeft volgens Meester verstrekkende gevolgen. Hun maatschappelijke participatie neemt af, doordat zij moeite hebben met het lezen van bijvoorbeeld partijprogramma’s, kranten of brieven van de gemeente. Laaggeletterdheid wordt ook in verband gebracht met een slechtere gezondheid en een kortere levensverwachting.
Op termijn kan dat schadelijk zijn voor de Nederlandse economie, voorspelt Meester. ‘Nederland wil een kenniseconomie zijn, maar die kennis wordt steeds minder. Dat gaat uiteindelijk leiden tot welvaartsverlies.’ Ook de democratie, die afhankelijk is van actieve deelname aan het publieke debat, wordt door de afnemende leesvaardigheid bedreigd.
Kenmerkend voor het Nederlandse onderwijs is volgens Meester dat er weinig aandacht wordt geschonken aan achtergrondkennis. ‘Zaakvakken als biologie en aardrijkskunde zijn helemaal uitgehold. Het inhoudelijke niveau van lesboeken is heel laag en tekstvakjes zijn kort,’ zegt Meester. ‘Het zijn eigenlijk meer stripboeken dan lesboeken.’
Juist die achtergrondkennis en ervaring met het lezen van langere teksten zijn essentieel voor een goede score bij het Pisa-onderzoek, stelt Meester. Hij pleit voor meer sturing. ‘Het Nederlandse onderwijssysteem is een van de meest gedecentraliseerde van de wereld,’ aldus Meester. Een duidelijk afgebakend curriculum en goede nationale toetsen ontbreken.
Hoe komt Nederland er weer bovenop?
De Volkskrant onderzocht in 2021 hoe Nederland in 2030 weer goed kan lezen en schrijven. Lees hier ons verhaal.
Demissionair minister Mariëlle Paul (Primair en Voortgezet Onderwijs) noemt de uitkomsten van het onderzoek ‘zorgelijk’. ‘Het kan en moet echt veel beter’, schrijft Paul in een reactie. ‘Want juist deze basisvaardigheden heb je keihard nodig om mee te kunnen doen in de samenleving.’
Volgens Paul heeft het ministerie verschillende initiatieven opgezet om de basisvaardigheden van Nederlandse scholieren te verbeteren, maar wijst erop dat dit ‘een kwestie van lange adem is’. Ook zegt Paul ‘er alles aan te doen’ om het lerarentekort aan te pakken.
Afgeleid door smartphone
Het Pisa-onderzoek vroeg leerlingen ook naar het gebruik van digitale middelen op school en in hun vrije tijd. Een kwart van de leerlingen zegt hun notificaties van sociale netwerken en smartphoneapps nooit of bijna nooit uit te zetten tijdens de les.
Ook raakt één op de drie ‘in de meeste of alle lessen’ afgeleid door smartphones en andere digitale middelen. Een klein deel van de leerlingen, ongeveer 5 procent, ervaart ‘bijna altijd’ angst of druk om online te zijn en berichten te beantwoorden als ze in de les zitten.
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden