Home

Rotterdam is een van de hoofdpersonages in dramaserie ‘Santos’. In gesprek met het locatieteam dat de ‘ziel’ van de stad zocht – én vond

Hoe vind je pakkende, niet platgetreden locaties voor een dramaserie? De Volkskrant sprak met drie scouts die de ziel van de stad vonden op plekken ver van de Erasmusbrug.

Wie café Terminus binnenstapt, heeft vermoedelijk niet direct een Hollywood-gevoel. Het café, aan de 1e Middellandstraat in Rotterdam-West, is typisch zo’n plek waar tijd en vooruitgang nooit echt greep op hebben gekregen. Zo’n kroeg waar de gokkast eens per uur voorzichtig rinkelt, maar nooit hard genoeg. Waar de bonnetjes nog handmatig worden uitgeschreven en waar de stamgasten een biljartspel spelen dat voor de eenmalige indringer onmogelijk te doorgronden is. Een plek die je nooit helemaal kunt vangen in woorden of foto’s, maar vooral moet ervaren.

Geen wonder dus, dat het sfeervolle café zich perfect leende als opnamelocatie voor de achtdelige dramaserie Santos (BNNVara, ontwikkeld door regisseur Giancarlo Sánchez en schrijver Ashar Medina). Deze mix van onderwerelddrama en Romeo & Julia-achtig liefdesverhaal draait om de jonge geliefden Yola (Yootha Wong-Loi-Sing) en Glenn (Yannick Jozefzoon), die een normaal leven proberen op te bouwen in Rotterdam. Met de nadruk op ‘proberen’, want Yola en Glenn worden voortdurend ingehaald door hun verleden. In het geval van Glenn is dat vooral zijn verleden in de drugshandel; in dat van Yola van haar manipulatieve moeder (Romana Vrede), die met haar twee zoons een succesvolle Rotterdamse drankenhandel bestiert en ook niet vies is van wat illegalere nevenactiviteiten.

Over de auteur
Alex Mazereeuw schrijft voor de Volkskrant over film en televisie.

De voortreffelijke acteurs, de sfeervolle muziek, het intelligente scenario: het zijn allemaal ingrediënten die Santos tot een van de beste Nederlandse series van het jaar maken (de serie won eerder dit jaar een Gouden Kalf voor Beste Dramaserie). Toch is de stiekeme uitblinker vooral de setting, want wat Santos uiteindelijk écht een ziel geeft, is Rotterdam. De stad is niet slechts een setting, maar een bruisende, dynamische, cultureel diverse hoofdpersoon op zichzelf. We zien het in het immer kolkende Rotterdam-West, in scènes in de haven, in groezelige postkantoren en drankenhandels, en in karakteristieke steegjes, huizen en kroegen.

Café Terminus is een van de plekken die de serie zo veel sfeer geeft, en dus is het toepasselijk om hier af te spreken voor een rondetafelgesprek met drie van de mensen die eigenhandig hebben gezocht naar de ‘ziel’ van de stad: locatiescout Hans van den Berg, locatiemanager Ruud Blokzijl en cinematograaf Gregg Telussa. Zelf blijven ze normaal gesproken het liefst op de achtergrond, maar op een koude novemberdinsdag hebben de drie mannen toch gebroederlijk plaatsgenomen op een doorleefde bank in café Terminus om te praten over hun werk. Want hoe doe je dat eigenlijk, ‘de ziel van een stad’ vangen in een serie?

Volgens locatiescout Van den Berg begint het ‘allemaal met letters in een script’, waar hij ‘plekken bij moet zoeken’. ‘Het scouten van locaties is meestal een kwestie van op pad gaan, om te kijken of ik nieuwe plekken kan ontdekken in de stad die niet in mijn bestand zitten. Dat gaat vooral om kijken, van het ervaren van plekken. Op een foto kan een plek misschien niet filmisch overkomen, maar tijdens een locatiebezoek kun je zomaar een sfeer voelen die goed aansluit bij het verhaal dat we in de serie willen vertellen.’

Telussa, verantwoordelijk voor de cinematografie van de serie, gaat in die scoutingsfase ook mee, om de beelden zo ‘serie-proof’ mogelijk vast te leggen. ‘Zo’n zoektocht begint vaak met een moodboard, waarin ik met behulp van allerlei kleuren en beelden alvast probeer te vangen naar welke sfeer en paletten we precies op zoek zijn in de locaties. Je gooit bij het scouten vooral een sleepnet uit waarin je met een bepaald filter op zoek gaat.’

Blokzijl, als locatiemanager onder meer verantwoordelijk voor het regelen van locaties en alles wat er op zo’n locatie moet gebeuren, vult aan: ‘Daarbij is alles wel altijd scriptgedreven: soms vinden jullie de meest schitterende locaties, maar kunnen we die niet of nauwelijks gebruiken omdat scènes op het laatste moment worden geschrapt of herschreven.’

Telussa laat op zijn laptop beelden zien van een Rotterdamse brouwerij. Blokzijl zucht: ‘Die locatie was zó mooi. We zochten een drankenhandel, maar er was één groot probleem: er was geen kantoor waarin we iemand konden neerknallen, haha.’ Telussa : ‘Uiteindelijk vonden we een rauwe, gruizige loods waarin dat wél kon, maar toen was het team van productiondesigners wel dagen bezig om die ruimte om te vormen tot drankenhandel.’

En dan is er nog iets waarmee het locatieteam rekening moet houden tijdens het scouten: de ruimtelijke logica. Ook de kijker die weinig kennis heeft van Rotterdam, mag nooit verdwalen. Telussa: ‘Alles moet logisch op elkaar aansluiten. Daarvoor maken we meestal een kaart van de stad met alle locaties, die zo kloppend mogelijk moet zijn. Daarom hebben we ook veel in Rotterdam-West gedraaid, zodat alle locaties aanvoelen als één logisch geheel.’

Van den Berg: ‘Gelukkig was het aanbod in Rotterdam-West ook enorm. Kijk alleen maar naar de straat waarin we nu zitten, met allerlei winkels en cafeetjes waarvan je benieuwd bent wat er binnen precies gebeurt, waar je even naar binnen wil gluren. Dat gevoel van nieuwsgierigheid en veelzijdigheid wilden we ook in de serie stoppen.’

Maar zelfs als je al die locaties eenmaal op een logische manier in kaart hebt gebracht, kunnen de omstandigheden regelmatig tegenzitten, vertelt Van den Berg: ‘Ik heb de eerste locatiefoto’s gemaakt in januari, maar de serie is pas opgenomen in de zomer. In die tijd kan er van alles veranderen, zoals locatiehouders die ineens niet meer willen meewerken, of buren die niet willen dat er naast hen wordt gedraaid. En dan heb je nog locaties die productioneel onhandig zijn, omdat het er veel te druk is. Het huis van Yola is daarvan een goed voorbeeld: een schitterende locatie, maar ook op een van de drukste kruispunten in de stad. Je moet het zo zien: bij een script heb je de kant van de droom, en de kant van de daad. Ik zit vooral aan de droomkant, Ruud aan de daadkant, en Gregg zit er wat meer tussenin.’

Blokzijl: ‘Hans heeft bij het scouten vaak een bepaald beeld voor ogen, en dat beeld moeten wij realiteit maken. Daarbij wil je alle locaties zo rijk mogelijk aankleden. Je wil de duivenstront zien, je wil afvalcontainers zien uitpuilen, je wil in een steeg nog net geen poep en pies zien. En als de perfecte steeg op een onmogelijke plek ligt, ga je er alles aan doen om zo’n plek tóch geschikt te maken voor filmopnamen. Als je niet de hele wereld naar jouw hand wil zetten, moet je dit werk niet gaan doen.’

Van den Berg noemt het voormalige Rotterdamse postkantoor – waar een deel van de criminele acties van Yola’s familie zich afspelen – een van zijn betere vondsten.

Blokzijl begint te lachen.

Van den Berg: ‘Ja ja, ik weet dat die aan de daadkant misschien moeilijker was…’

Blokzijl: ‘Moeilijker? Die locatie heeft de crew bijna vermoord! Dat kwam vooral omdat de locatie tijdens het productieproces van eigenaar veranderde en daardoor een bouwplaats werd. Dan moet je ineens opnieuw gaan onderhandelen met de nieuwe locatiehouders, en komen er allerlei extra moeilijkheden bij kijken. Ook dat gebeurt vaker in dit werk: je vaart ergens op, en onderweg worden ineens de bakens verzet. Maar die locatie had zó veel te bieden, en klopte perfect bij het script. Dan neem je die slapeloze nachten maar voor lief.’

Telussa: ‘Zeker in de nacht was die ruimte echt fantastisch. Ze leende zich bijvoorbeeld perfect voor een gijzelingsscène in een van de latere afleveringen. Maar ja, toen hadden de nieuwe eigenaren ineens niet genoeg beveiligers, en mochten we maar tot 12 uur ’s nachts filmen. Dan moet je voortdurend blijven improviseren.’

Improviseren moet het locatieteam ook om de dynamiek in de stad op een manier te vangen die niet hinderlijk is voor de kijker. Blokzijl: ‘Op het moment dat een personage oversteekt hier op de Middellandstraat, wil je het geluid en de drukte op straat vastleggen. Je wil de tram laten zien, de mensen, de oversteekplaats, maar wat je absoluut níét wilt vastleggen, zijn de rinkelende belletjes van zo’n tram. We zijn dan wel een week bezig om te regelen dat zo’n tram precies tijdens de opnamen stilletjes voorbij rijdt.’

Van den Berg: ‘Toch leveren de moeilijkste locaties vaak het meeste op. Santos kan alleen zo’n energiek gevoel teweegbrengen doordat we op dit soort plekken hebben gefilmd. De energie op straat is er, en die moet je zo veel mogelijk uitbuiten.’

Telussa: ‘En soms lukt het niet. We wilden in deze straat bijvoorbeeld een arrestatie filmen, maar dat kon uiteindelijk niet doorgaan omdat volgens het locatieteam mensen mogelijk in paniek zouden raken. Maar juist die drukte is voor een arrestatiescène eigenlijk perfect.’

Van den Berg: ‘Het zou te veel gaan lijken op een situatie die ze hier dagelijks zien, en daarom moesten we het toch verplaatsen.’

Blokzijl: ‘Het nadeel van deze buurt is dat het zo druk is dat je de straat tijdens opnames zelden écht onder controle kunt krijgen, terwijl dat voor sommige scènes wel moet.’

Dat er tegelijkertijd zo veel scènes in het drukke straatleven wel zijn gelukt, is volgens de mannen voor een belangrijk deel te danken aan de medewerking van de gemeente Rotterdam. Blokzijl: ‘Soldaten! Al onze ambities konden alleen worden verwezenlijkt omdat de gemeente het zo’n mooi project vond.’

Toch is die medewerking niet altijd vanzelfsprekend. Blokzijl: ‘We wilden voor de slotaflevering draaien in de metro, maar vervoersbedrijf RET had niet genoeg geld en mankracht om opnamen mogelijk te maken. Daarom moesten we uiteindelijk uitwijken naar een oefenterrein van Defensie in Brabant. Voor filmen in het openbaar vervoer, ziekenhuizen en havens is het vaak bijzonder ingewikkeld om toestemming te krijgen voor opnamen.’

Telussa: ‘Draaien in de haven is altijd lastig. Je komt bijna nergens binnen.’

Blokzijl: ‘Zeker op het moment dat je vertelt dat de serie deels gaat over drugshandel, schiet iedereen meteen in een paniekmodus.’

Van den Berg: ‘In de haven hebben ze er dagelijks mee te maken. Dan willen ze vervolgens niet óók nog op tv geassocieerd worden met drugshandel.’

Blokzijl: ‘Omdat we toch moesten draaien in de haven, kwamen we uiteindelijk uit bij een bedrijf dat handelt in lege zeecontainers. Dat bedrijf wilde wel volledig meewerken, en als kijker zie je toch niet dat die containers leeg zijn.’

Telussa: ‘Ik ging ervan uit dat we vooral ‘s nachts zouden moeten filmen, maar een kennis die in de haven werkt vertelde me dat alle schimmige dingen juist overdag gebeuren. Voor ons is de keuze dan snel gemaakt: dan moeten die scènes dus overdag. Criminaliteit in het volle daglicht maakt alles juist nog vervreemdender en authentieker.’

Blokzijl: ‘Suggestie kan veel doen. Een leuk voorbeeld is de vishandel (in de serie ook een dekmantel voor criminele activiteiten, red.). In de straat waar die vishandel gesitueerd is, zitten normaal alleen autodealers. Maar wij hebben die straat zo aangekleed dat het lijkt alsof die vishandel zich midden in de haven bevindt. Op de achtergrond stond toevallig een bouwkraan, die dat beeld nog versterkte. Eigenlijk wilden we dat die kraan nog even zou gaan draaien, maar ook het kranenbedrijf hing de telefoon meteen op toen bleek dat het ging om ‘die drugsserie’. Maar die kraan stond er wél, en zo wek je toch de indruk dat je midden in de haven staat.’

In café Terminus overstemmen de anekdotes over de serie inmiddels zelfs de gokkasten en biljarters. Ondanks alle uitdagingen overheerst vooral de trots over het eindresultaat, waarin ‘droom’ behoorlijk dicht bij ‘daad’ kwam. Van den Berg, vrolijk opgewonden om zich heen wijzend: ‘Jongens, kijk waar we hier zitten! Kijk wat deze stad ons allemaal heeft geboden, en hoe goed al die locaties hebben uitgepakt! Het hele verhaal van Romeo en Julia en de onder- en bovenwereld grijpen geweldig in elkaar. Dat past zo goed bij deze stad.’

Telussa: ‘Het is vooral leuk om van andere Rotterdamse makers te horen hoe goed de stad naar voren komt, omdat zij vaak extra kritisch zijn op producties over Rotterdam.’

Van den Berg: ‘Als er grote producties worden gedraaid in de stad, komen ze vaak onvermijdelijk uit op de Erasmusbrug, toch een beetje de kaas en klompen van Rotterdam. In Santos hebben we echt diepere lagen van de stad aangeboord.’

Blokzijl: ‘De Erasmusbrug is niet eens goed in beeld geweest!’

Is Rotterdam steeds meer in trek als filmlocatie? Volgens Van den Berg valt dat wel mee: ‘Het is niet zo dat een filmmaker ineens de stad heeft ontdekt. Maar het verplaatst zich misschien langzaam wat meer naar hier. En dan moet je maar hopen dat een wijk als Rotterdam-West niet te veel in trek komt en gentrificeert. Dan kunnen ook plekken als dit café misschien wel ophouden te bestaan.’

Telussa: ‘Dat is wel een gevaar: dat de populariteit van de stad als filmlocatie de gentrificatie verder versterkt. Je ziet nu al dat er authentieke plekken verdwijnen uit de stad. Verderop in deze straat wordt gebouwd aan een nieuwbouwwijk, en je ziet langzaamaan steeds meer fancy restaurantjes oppoppen.’

Blokzijl sluit liever positief af: ‘Jongens, jongens! Ook over een stad in opkomst kunnen we verhalen blijven vertellen. En voordat een club als Feyenoord ooit is gegentrificeerd, zijn we echt wel een paar eeuwen verder.’

Straatcultuur

Santos werd bedacht door regisseur Giancarlo Sánchez en scenarist Ashar Medina, die eerder meewerkten aan misdaadserie Mocro Maffia. Bang voor kritiek dat personages van kleur ook in deze serie vooral weer worden geassocieerd met criminaliteit, is Sánchez niet. In een interview met NRC: ‘Als je een serie over straatcultuur maakt, dan is misdaad aanwezig. Dít zien en horen wij, dít hebben mensen meegemaakt. Ik voel me niet geroepen om kijkers een utopie voor te schotelen.’

Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.

U bent niet ingelogd

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden

Source: Volkskrant

Previous

Next