Dit land heb ik opgegeven. Met elke nieuwe verkiezing stemt een steeds groter deel van de bevolking idioter en wordt Nederland steeds walgelijker. De ontwrichtende werking die inmiddels van de nationale onderbuik uitgaat, maakt eigenlijk elke opbouwende maatschappelijke activiteit zinloos, omdat zij vervolgens bij de stembus weer teniet wordt gedaan. Zolang dat niet verandert, ben ik dan ook niet van plan daaraan nog veel energie te verspillen.
Een groot deel van de kiezers is zwevend geworden, en loopt elk half jaar weer de volgende valse Messias achterna. De verkiezingen zijn een soort achtbaan, waarbij de winnaar bepaald wordt door ieders populariteitscurve op het toevallige moment waarop de stembus opengaat. Drie maanden geleden stond Pieter Omtzigt in de peilingen op veertig zetels, nog weer drie maanden eerder de BBB. Voor de eerste is daarvan inmiddels maar de helft over, voor de tweede nog geen kwart.
Over de auteur
Thomas von der Dunk is cultuurhistoricus en (gast)columnist voor de Volkskrant. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
De zwevende kiezer zweeft ook niet meer gewoon tussen ideologisch verwante partijen, tussen CDA en CU, of PvdA en SP. Nee: hoe vaak bleek niet het antwoord iets in de geest van ‘ik twijfel tussen D66 en PVV? Tussen GroenLinks en BBB?’ Wel, ík twijfel derhalve voor de Nederlandse kiezer tussen verplichte gezinstherapie, levenslange opsluiting in een inrichting of megastal (vrij naar eigen keuze), disciplinering in een Russisch strafbataljon (duurt meestal wat korter) of definitieve verbanning naar eerst Noord-Korea en dan Afghanistan.
Er wordt dezer dagen veel gesproken over de wens van ‘de’ kiezer, die graag een rechts kabinet wil hebben. Het grootste deel van de aanhang van VVD, NSC en BBB ziet geen been in samenwerking met Geert Wilders.
Van BBB, dat niet verder kijkt dan de dichtstbijzijnde mestuitrijplek, verwacht je niet veel anders. Ook over het electoraat van de VVD maak ik mij weinig illusies: eigen bankrekening eerst. Maar de NSC-kiezers, die Omtzigt vereren vanwege zijn opkomen voor de gas- en toeslagenslachtoffers van overheidswillekeur en discriminatoire schending van de rechtstaat?
Wie dat ziet, kan maar één ding concluderen: als dat ‘de’ Nederlandse kiezer is, dan is die Nederlandse kiezer ofwel een warhoofd ofwel hypocriet. Als het gaat om klimaat, geeft een overgrote meerderheid in enquêtes aan zich daarover veel zorgen te maken. Als het gaat om bestuurlijk en maatschappelijk fatsoen idem, dito. De rechtstaat? Zijn we voor. En vrijwel niemand wil uit de Europese Unie.
Ammehoela! Je kunt niet voor de EU, het klimaat, fatsoen en de rechtstaat zijn, en dan Wilders stemmen − een volksmenner die zijn aanhang ophitst tegen een ‘nep-parlement’, tegen ‘nep-rechters’, tegen een ‘nep-pers’, die grote groepen Nederlanders tot tweederangsburgers wil maken, die lak heeft aan elke fatsoensnorm, die de klimaatverandering ontkent en die de EU uit wil.
Wat we nu even zien, nu Wilders de macht ruikt, is een nep-Wilders, en velen stinken er gretig in. Kijk echter naar zijn langdurige rechts-extremistische haatprogramma, niet naar zijn tijdelijke mooipraterij.
Maar het geldt natuurlijk niet alleen voor een stem op de PVV. Je kunt ook niet het klimaat serieus nemen en dan VVD stemmen, de zelfbenoemde ‘vroempartij’ die dit probleem jarenlang heeft genegeerd, vrijwel elke noodzakelijke verandering tegenhoudt en ons jarenlang met een premier heeft opgezadeld die de verlaging van de maximumsnelheid als zijn grootste ‘rotmaatregel’ beschouwde.
Wat hebben kiezers die tussen partijen twijfelen die volstrekt elkaars tegenpolen zijn, voor wereldbeeld en moreel fundament? Vermoedelijk weinig meer: als product van het neoliberalisme, dat de samenleving in een markt heeft veranderd en de burger in een consument, laten zij hun keuze volgens cafetariamodel bepalen door dat ene programma-element dat hen even het beste bevalt, en negeren zij de rest. Vandaag dit, morgen dat. ‘En we zijn erg voor... vult u maar in, als ik er maar geen last van heb en het mij niets kost.’
Op 22 november is het cynische nihilisme van de VVD dat, speculerend op de xenofobe onderbuik en aan het opblazen van Rutte IV ten grondslag lag, in haar eigen gezicht ontploft. Dat laatste is geen ramp. De ramp is dat heel Nederland onder haar electorale opportunisme lijdt. De enige profiteurs van die plof zijn Mark Rutte en Wopke Hoekstra, want de kabinetscrisis bezorgde beiden een carrière-boost.
Het meest verontrustend is de snelheid − we zagen het eerder na Wilders’ vorige verkiezingszege in 2010 − waarmee nu een deel van media en maatschappelijk middenveld deze ontwikkeling al normaliseert. Daarmee indirect het fundamenteel ondemocratische en antirechtstatelijke karakter van de PVV − een eenmanspartij − bagatelliserend. Het geldt voor menig commentaar: als nu bij de formatie maar de juiste procedures worden gevolgd.
Verontrustend leerzaam was in dit opzicht het dubbelinterview in Buitenhof afgelopen zondag. Met regeltjesjurist Piet Hein Donner en werkgeversbaas Ingrid Thijssen gaat de beschaving dit niet winnen. Beiden bleken op geen enkele wijze tegen de uitdaging opgewassen. Donner: hetzelfde naïeve legalisme dat Nederland in 1940 de das omdeed. Thijssen: hetzelfde naïeve ‘kijken waarmee ze komen’ dat Duitsland in 1933 de das omdeed. Beide keren dacht men ook toen: de soep wordt niet zo heet geheten. De neiging tot accommodatie zit diep in ons nationale dna. Intussen klopt Poetin aan de poorten van een sluimerend Europa en Nederland.
Aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog liet de Britse ambassadeur zich eens over Nederland ontvallen dat een volk dat zulke leiders kiest, niet anders verdient dan tot slaaf gemaakt te worden. De vraag is nu of dat een slavenhouder van eigen of van vreemde makelij zal zijn.
Source: Volkskrant