Een titel is een titel, vindt Marijke Groenewoud. Waar ze die wint, maakt de tweevoudig wereldkampioene massastart niks uit. Dat de Olympische Winterspelen in 2030 op gelegenheidsijs plaatsvinden, op een ijsbaan die na het belangrijkste sportevenement verdwijnt: het is dan maar zo.
Turijn, Vancouver, Sotsji, Pyeongchang en Beijing; van de vijf oorden van de afgelopen vijf olympische winteredities, wordt alleen de ijsbaan van Beijing nog permanent voor wedstrijden gebruikt. Ook in 2026, twintig jaar na Turijn, komt er geen baan bij. In Milaan wordt over twee jaar geschaatst in een congreshal.
Met de onofficiële toewijzing van de Winterspelen van het Internationale Olympische Comité (IOC) aan de Franse Alpen lijkt er in 2030 weer te worden gekozen voor een tijdelijke voorziening. Volgens het Franse Le Monde zijn er geen plannen een nieuw stadion te bouwen. Er wordt gekeken naar een tijdelijke hal in Nice, aan de Middellandse Zee.
Over de auteur
Lisette van der Geest is sportverslaggever voor de Volkskrant en schrijft al ruim tien jaar over olympische sporten als schaatsen, tennis, judo, handbal en zeilen.
Jordan Stolz, de 19-jarige Amerikaanse meervoudig wereldkampioen, reageert in eerste instantie even doelgericht als Groenewoud. ‘Als het met een tijdelijke baan werkt om het evenement te organiseren, werkt het. Het belangrijkste is dat de ijscondities voor iedereen hetzelfde zijn.’ En toch draaien beide schaatsers in Stavanger, waar ze zijn voor de derde wereldbekerwedstrijd van het seizoen, al snel om.
‘Het is zonde’, zegt de 24-jarige Groenewoud. ‘Een baan uit de grond stampen kost ook wat, kun je er niet beter een goede baan inleggen die kan blijven staan?’ Het is goed voor de internationale ontwikkeling van het schaatsen, denkt ze. Stolz, na zijn vraag of Frankrijk over een 400 meterbaan beschikt: ‘Niet? Oh. Dan zouden ze ’m moeten laten staan. Als je de Olympische Spelen wilt organiseren, hoort daar een ijsbaan bij.’
Irene Schouten, drievoudig olympisch kampioen in Beijing sluit zich daarbij aan. Haar terugkeer naar de Chinese baan, twee weken geleden, was op sportief gebied geen succes; ze stelde in de wereldbekerwedstrijd teleur met haar achtste plaats op de 3.000 meter. ‘Maar het is mooi om terug te zijn op de plek waar je kampioen werd. Ik vond het echt bijzonder om dezelfde plekken te zien, maar nu met een andere bril op, omdat de oogkleppen af waren.’
De 31-jarige schaatsster is zich bewust van de geschiedenis van een baan, zelfs als die ver voor haar tijd werd geschreven. Schouten haalt Salt Lake City, onderkomen van de Spelen van 2002 en Calgary uit 1988 aan. Het internationale schaatscircuit keert daar nagenoeg elk seizoen terug. ‘Dat zijn banen waar je weet; hier is in het verleden iets gebeurd dat er toe doet. Nu zijn we in Stavanger, een fijne baan hoor, maar hier is het anders dan op een baan waaraan een bijzondere geschiedenis hangt.’
Juist een land als Frankrijk moet geen tijdelijke baan hebben, vindt zij. ‘Je wil dat de stap voor mensen om te gaan schaatsen kleiner wordt. En misschien kun je die stap op die manier ook kleiner maken voor mensen uit Spanje. Zij moeten nu allemaal naar Inzell, of naar Nederland. Maar ik snap ook dat het kostenplaatje van de Spelen laag moet blijven en dat er wordt gekeken naar goedkopere en duurzamere opties. Maar als de sport internationaler moet worden, is een tijdelijke baan zonde.’
Frankrijk kent geen rijke langebaangeschiedenis. Voor Nederlanders is het vast moeilijk te begrijpen, denkt Alexis Contin. De Fransman en winnaar van meerdere WK-medailles op de massastart stopte in 2018 met schaatsen. In zijn tijd als sporter keek hij vol ontzag naar het aanbod aan ijsbanen in Nederland. ‘Daarom is het voor ons altijd geweldig om naar Nederland te gaan’, zegt hij.
Het bouwen van een permanente hal brengt hoge kosten mee. ‘Kijk naar Milaan’, zegt Contin. Daar werd het oorspronkelijke plan om de buitenbaan van Baselga te overkappen eerder dit jaar afgeschoten; de kosten werden te hoog. ‘Maar ik zie waar wij vandaan komen, hoe wij hebben moeten worstelen met geld en wetende dat wij nog geen schaatscultuur hebben. Ook een tijdelijke baan zou al een goede ontwikkeling zijn voor de sport in ons land.’
Het langebaanschaatsen in Frankrijk is sowieso in ontwikkeling. Sinds dit seizoen is de tak ondergebracht bij de bond van het inline-skaten, apart van kunstschaatsen en shorttrack. Contin: ‘Ze willen beide disciplines vaker combineren en stimuleren. Je ziet het effect nu al: er zijn meer Fransen bij de wereldbekerwedstrijden van dit seizoen. Eindelijk is er weer een Franse achtervolgingsploeg. En dan is er ook het vooruitzicht van 2030. Alles komt mooi samen.’
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden