De formatie had niet slechter kunnen beginnen. Ronald Plasterk moet de boel nu redden, maar hij staat voor een heikel karwei.
Optimisme is een plicht, zeker als het gaat om een kostbaar bezit als de parlementaire democratie, maar de huidige generatie politici maakt het toeschouwers soms wel erg moeilijk om niet te vervallen in cynisme.
Wat bezielde de verzamelde fractievoorzitters vrijdag toen ze besloten dat het een goed idee was om PVV-senator Gom van Strien tot kabinetsverkenner te benoemen? Nog maar enkele weken daarvoor nam de Tweede Kamer zich in een uitvoerig debat plechtig voor om vanaf nu verkenners te zoeken ‘met afstand tot de politiek’.
De herinneringen aan de troosteloze formatie van 2021, toen de verkenners Annemarie Jorritsma en Kajsa Ollongren al binnen enkele dagen aan het sturen waren in het proces – waardoor ook de ‘positie’ van Pieter Omtzigt meteen een gespreksitem werd – lagen nog vers in het geheugen. De verkenner moest voortaan neutraler opereren en zich beperken tot een eerste inventarisatie van de formatiemogelijkheden. Daarna zou een informateur aantreden die het wat dwingender mocht gaan aanpakken.
In het Volkskrant Commentaar wordt het standpunt van de krant verwoord. Het komt tot stand na een discussie tussen de commentatoren en de hoofdredactie.
In plaats van zo’n figuur boven de partijen kregen we vrijdag een Binnenhofbewoner over wie binnen een half uur duidelijk was dat hij de Eerste Kamer een ‘nepparlement’ had genoemd. Nog geen 48 uur later bleek ook dat tegen hem aangifte van oplichting en omkoping was gedaan – een zaak die rond de universiteit Utrecht breed bekend was en waarvan Van Strien dus kon weten dat het snel bekend zou worden.
Dat hij toch werd aangewezen, valt in de eerste plaats hemzelf en Wilders te verwijten. Maar ook de andere fractievoorzitters van de grote partijen, plus kamervoorzitter Vera Bergkamp, die zo snel alweer vergaten hoe ze zo’n verkenning hadden willen aanpakken.
Een Kamer die van links tot rechts campagne voerde met de belofte dat problemen vanaf nu wél voortvarend worden aangepakt, had geen slechtere start kunnen organiseren. Als Wilders niet in staat is voor één functie iemand van onbesproken gedrag te vinden, doet dat bovendien het ergste vrezen voor de rol van de PVV in het landsbestuur.
Voormalig PvdA-bewindsman Ronald Plasterk mag de scherven nu bijeen gaan vegen. Hij heeft in elk geval alweer een jaar of zes afstand van het Binnenhof. Eenvoudiger is de verkenningsopdracht er niet op geworden. Vooral niet omdat alle hoofdrolspelers de afgelopen dagen publiekelijk campagne bleven voeren en zich daarmee nog wat dieper ingroeven voor de onderhandelingen.
Dat geldt in de eerste plaats voor Wilders, die als grootste partij nu toch een meerderheid moet zien te vinden, maar in plaats daarvan op zijn favoriete medium X zijn potentiële coalitiepartners de maat nam.
Wilders is slim genoeg om te weten dat hij zo niet bijdraagt aan de coalitievorming. Als hij de indruk wil wekken dat het hem menens is, met dat regeren als ‘premier van alle Nederlanders’, dan zal hij uit een ander vaatje moeten gaan tappen.
Source: Volkskrant