Het is niet van dezelfde orde van grootte, maar de verkiezingswinst van de PVV van Geert Wilders deed me bijna net zo schrikken als de politieke aardschokken van 2016: de Brexit en de verkiezing van Trump. Het rechts-populisme roerde weer zijn staart en deelde een harde dreun uit. Het blijft een kracht van betekenis die niet van wijken weet, ook al omdat zijn tegenstanders er alsmaar niet in slagen de populistische energie te neutraliseren. Haar zelfs onbedoeld aanwakkeren.
In veel westerse democratieën ontregelen populisten nu al tientallen jaren de politiek. Als ze aan de macht komen. Maar ook als ze niet regeren, zetten ze het systeem onder druk door het politieke veld zo te versplinteren dat het voor gevestigde politici heel lastig is om werkbare meerderheden te vormen. Dat leidt vaak tot coalities die zoveel partijen omvatten en zo heterogeen zijn, dat het ten koste gaat van doelmatigheid en stabiliteit.
In Frankrijk moet president Macron regeren zonder vaste meerderheid in het parlement. In Duitsland zijn de coalities al jaren dermate verdeeld dat het lusteloze regeringen oplevert. In Amerika zijn de marges zo smal dat men door toedoen van een klein clubje Trumpiaanse rebellen kampt met een bijna onhandelbaar Huis van Afgevaardigden. En in Nederland komt er opnieuw een uiterst ingewikkelde formatie aan.
Over de auteur
Arie Elshout is journalist en columnist voor de Volkskrant. Eerder was hij correspondent in de VS en Brussel. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Mark Ruttes tijd was op, ruimschoots, maar misschien krijgen we nog eens heimwee naar hem als ongeëvenaarde balkunstenaar in onstuimige populistische tijden. Als geen ander kon hij in een gefragmenteerd politiek landschap veel ballen tegelijk in de lucht houden, hoe verschillend ook in kleur en grootte. Hij is weg en prompt vliegen de ballen in het rond. Zijn opvolger, Dilan Yesilgöz, is voor links de zondebok.
Zij zou Wilders de winst hebben bezorgd door a) de deur naar samenwerking met hem open te zetten en b) door immigratie als hoofdthema van de verkiezingen te maken. Voor het eerste verwijt valt iets te zeggen, het tweede is ondemocratisch. Want waarom zou een partij migratie niet tot verkiezingsinzet mogen maken? Zeker als volgens een onderzoek van EenVandaag acht op de tien kiezers de asielinstroom wil beperken. Acht op de tien.
Het is links niet op zijn sterkst. Wilders’ triomf kan niet worden afgedaan als een bedrijfsongeval veroorzaakt door een onervaren VVD-lijsttrekker. Het laat vooral zien hoezeer links gevangen zit in een staat van ontkenning als het gaat om immigratie in het bijzonder en de populistische dynamiek in het algemeen. Links lijkt niet meer te weten, of wil niet weten, wat er onder een groot deel van de bevolking leeft.
Het heeft (op de SP na) afscheid genomen van zijn vroegere arbeidersachterban. Erger nog, er wordt gezegd dat er geen klassieke arbeidersklasse meer is. Wat sneu voor de stratenmakers uit Zundert die vanaf zeven uur ‘s ochtend dik ingepakt regen en wind trotseren in mijn Bredase straat.
Ze lijken op mijn opa en vader, ooit polderjongens met klei aan hun laarzen en eelt op hun handen, maar de arbeiders van nu krijgen te horen dat zij niet meer bestaan. En als ze verdomme toch de brutaliteit hebben om een teken van leven te geven en hun stem laten gelden, worden ze uitgescholden voor decadente onbenullen. Over uitsluiting gesproken, overigens.
Het speelt overal. Het links-intellectuele milieu heeft de arbeidersklasse in de steek gelaten, zei de Franse socioloog Didier Eribon in de Volkskrant. In Amerika schrijft publicist David Brooks over de belerende bovenlaag van hoogopgeleiden in stedelijke gebieden. Ze zetten veelal de toon in de wetenschap, het onderwijs, de cultuur, de media en de techsector. Ze vinden zichzelf slimmer, rationeler, toleranter en beter dan de rest. Als zij zeggen, zoals in Nederland, dat immigratie geen probleem is, dan is het geen probleem.
Zelfkritiek, ho maar. Hebben we ons niet te veel afgesloten voor de zorgen van veel kiezers, ook over de snelle sociaal-culturele veranderingen? Hadden we niet beter moeten luisteren om te voorkomen dat miljoenen kiezen voor een extremist kozen onder het motto: wie niet horen wil, moet voelen?
Dat zijn de vragen die links en ook de VVD zich moeten stellen, willen ze een kans maken eindelijk eens de angel uit het populisme te halen. Ik zie echter nog weinig zelfonderzoek.
Source: Volkskrant