Home

Een verkiezingsdag zou iets geweldigs zijn, als er geen verkiezingsavond achteraankwam

Het dichtstbijzijnde stembureau bevindt zich in de foyer van een theatertje. Erg druk is het er niet, loopt u maar door. Paspoort, stempas, ‘ja, u bent het inderdaad’, stemformulier ter grootte van een yurt, naam zoeken, rood kleuren, drie keer controleren, dichtvouwen, nog eens controleren, stemkliko, klaar.

Een choreografie van de democratie, een beetje als in het fragment dat dinsdagavond over het internet zeilde: die halve minuut aan het slot van het NOS-debat waarin presentatoren Simone Weimans en Rob Trip tijdens hun afkondiging werden omringd door alle lijsttrekkers die zich stilletjes achter hen opstelden, als eenden die naderbij komen wanneer je op een bankje een boterham eet. In het laatste shot stonden ze allemaal in beeld. Het had ook de kerstkaart van een accountantskantoor kunnen zijn. ‘Namens ons allemaal: Happy New Belastingyear!’

Eenmaal buiten is de zon gaan schijnen. Kiezers komen aangelopen, stempas in de hand. Ze hebben iets plechtigs over zich, vervuld van de overtuiging dat ze op het punt staan iets groots te verrichten. Het komt niet vaak voor dat je je, in het wild, omringd voelt door mensen die allemaal iets nuttigs gaan doen. En zelf ben je ook al zo lekker bezig geweest. Het kan niet op. Het is op dit soort dagen niet moeilijk om jezelf met jezelf te feliciteren. Kijk nou, wat mooi. Wat een animo. Zie nou, wat een hartelijkheid. Wat zijn we goed en hoopvol bezig. Van harte wij, ook namens mij.

Op de liveblogs gaat het er ook al opbeurend knus aan toe, een land van peperkoek. Een meisje dat op verkiezingsdag 18 is geworden, krijgt taart uit handen van burgemeester Hieltjes van Duiven. Of: hoe het nieuws soms wordt teruggesnoeid tot een regel uit een nog te schrijven Annie M.G. Schmidt-versje.

Het prettige aan zo’n verkiezingsdag is dat je je bijdrage hoe dan ook levert, dat alles wat je verder nog presteert bonus is. Stemmen is het meest bevredigende klusje dat je kunt klaren: een hele onderneming waar je je toch onmogelijk aan kunt vertillen. Verkiezingsdagen zouden iets geweldigs zijn, als er geen verkiezingsavonden achteraankwamen.

U weet het al. Hoe het is uitgepakt.

Ik niet. Komt door de deadline van deze column. Die deadline creëert een gat in de tijd. Aan de ene kant zit ik, onwetend, en aan de andere kant bent u, lezer. En u weet het al. Wat? Nou, wie de meeste zetels haalde, dat de opkomst toch weer tegenviel, dat Mona geen premier wordt, welke gemeente het eerst was uitgeteld, en welke lijsttrekker het meest, hoe deemoedig en toch strijdbaar Henri Bontenbal de winnaars feliciteerde, dat alle peilers ernaast zaten en toch gelijk hadden en dat het unieke verkiezingen zijn geworden.

Maar wat u, net als ik, nog niet weet: hoe het verder gaat. Wanneer klimaatbeleid eindelijk ophoudt een partijgebonden thema te zijn. Wat er van gesubsidieerde cultuur overblijft. Waar het op uitdraait als al die bedreigingen waaraan politici worden blootgesteld nog vaker tot acties leiden. Of er überhaupt nog sprake zal zijn van buitenlandpolitiek.

En: hoe hardnekkig en alomtegenwoordig xenofobie en gewetenloosheid nog kunnen worden. Want wat u ook al weet, lezer in de toekomst, is welke partijleden verzwolgen zijn in een kolkend ‘Simply the Best’-delirium en wie tot na het weekend zal hopen op die ene restzetel die de afgang een wat draaglijker aanzien geeft; de avond zal weinig hebben heel gelaten van het breekbare optimisme van de dag.

Over de auteur
Frank Heinen is schrijver en columnist voor de Volkskrant. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.

Source: Volkskrant

Previous

Next