Over de auteur
Julien Althuisius is schrijver en voor de Volkskrant columnist over het dagelijks leven.
En verdomme, alweer klonk er gestommel boven. Kleine voeten die de trap afdaalden. ‘Wat is dit?’, riep ik vanuit de keuken. Geen reactie. ‘Hallo! Wat gebeurt er nu weer?’ De stem van mijn oudste dochter klonk. ‘Ik moet even naar de wc.’ Het was een klein stemmetje, bijna fluisterend. Toen had ik al beter moeten weten. Maar ik denderde door. ‘Kom op, zeg. Het moet toch een keer afgelopen zijn met dat getreuzel.’ Dit was al de derde keer dat ze haar bed uit kwam. Ze moest luisteren en gewoon gaan slapen. ‘Oké’, zei ze zacht, ‘sorry.’ Toen pas hoorde ik dat ze huilde.
Ik trof haar op zittend op het toilet, haar blote lijfje iets naar voren leunend, waardoor haar lange, roestbruine haar langs haar gezicht viel. ‘Ik mis mama’, zei ze. Haar ogen kleurden bleekroze en tranen trokken een glanzend spoor over haar wangen. ‘Het gaat nog zo lang duren voor ze terug is.’ We hadden net mijn vrouw uitgezwaaid, die tien dagen op bezoek is bij haar zus in het buitenland. Ik hurkte en vertelde haar dat het nu nog heel lang leek, en morgen misschien ook nog, maar dat het over een paar nachtjes opeens heel snel zou gaan en mama weer terug zou zijn voordat ze het wist. ‘Gaat het echt zo?’, vroeg ze. Ja, echt.
‘Het spijt me’, zei ik daarna, ‘dat ik net zo streng tegen je deed.’ Maar het kwaad was natuurlijk al geschied. Terwijl ik buiten de badkamer wachtte tot ze klaar was, vroeg ik mezelf af waarom ik dat nou eigenlijk doe, streng zijn. Omdat, antwoordde ik mezelf, jij je kinderen wil opvoeden vanuit een zekere discipline en ze wil meegeven dat er nu eenmaal grenzen bestaan en waar die grenzen liggen. Voor hun eigen bestwil dus. Hm ja, meestal is dat het antwoord. Maar niet altijd, toch? Is het antwoord soms niet ook dat je streng doet omdat je gewoon wil dat ze doen wat jij zegt? Omdat je geen zin hebt in gedoe en verder rust aan je hoofd wil – zoals vanavond misschien?
Ja, in de oorverdovende machinerie van het dagdagelijkse had ik gemist hoe stil mijn dochter was geweest. Of op zijn minst onderschat, omdat ze de laatste tijd zo groot lijkt en grote dingen zegt, meer 13 lijkt dan 8. Maar ze is nog steeds pas 8. En op het moment dat zij me het meest nodig had, had ik haar afgeblaft.
Even later bracht ik haar naar boven, stopte haar in en kuste haar welterusten. De tranen waren opgedroogd, de toekomst was iets lichter. Ze viel snel in slaap. Onderweg naar beneden hoopte ik dat ze het allemaal zou vergeten. Iets dat mij niet zal lukken.
Source: Volkskrant