Daar zijn twee redenen voor. Ten eerste zouden investeerders minder interesse kunnen hebben in nieuwbouw, omdat ze er minder aan kunnen verdienen. Ten tweede kunnen verhuurders besluiten om hun huizen te verkopen, waardoor minder huurwoningen overblijven.
Momenteel is er een groot tekort aan betaalbare huurhuizen, onder meer in de vrije sector. Dat zijn woningen met een maandhuur van minimaal 809 euro. Door dat grote tekort zijn huurprijzen voor dat soort woningen flink opgelopen.
Demissionair minister Hugo de Jonge (Volkshuisvesting) wil daarom strengere regels voor hoe hoog de huren mogen zijn. Hij kwam daarom met de Wet betaalbare huur. Die houdt in dat huizen in de vrije sector met een maandelijkse huur tot 1.123 euro ook onder het puntenstelsel moeten vallen.
In dit stelsel krijgen woningen punten voor allerlei onderdelen, zoals de oppervlakte en de energiezuinigheid. Dit systeem geldt nu al voor sociale huurwoningen, maar moet dus worden uitgebreid.
Vanuit de woningsector is volop weerstand tegen dit plan, onder meer bij verhuurders, investeerders en projectontwikkelaars. De afgelopen tijd is een deel van de nieuwbouwprojecten stilgelegd en dat zou mede komen door onzekerheid over de maatregelen van De Jonge.
Nu komt de Raad van State met een advies hierover en dat is ook kritisch. "Het is een reëel risico dat het wetsvoorstel leidt tot verkoop van huurwoningen en minder nieuwbouwhuurwoningen. Het is onduidelijk hoe dit risico wordt beheerst."
Het adviesorgaan snapt dat het kabinet iets aan de problemen wil doen. Maar het aangekondigde plan pakt de oorzaken van de problemen niet aan, namelijk een grote vraag naar huurhuizen en een klein aanbod. De Raad van State adviseert om te kijken naar het oplossen van die problemen.
Eerder deze maand werd al duidelijk dat De Jonge zijn plannen wat aanpast. Zo mogen verhuurders toch iets meer huur vragen dan in het eerdere voorstel.
In een reactie op de bevindingen van de Raad van State schrijft De Jonge dat het kabinet al werkt aan maatregelen die moeten zorgen voor meer huizen. Hij zegt de wet nu verder gereed te maken, om straks voor te kunnen leggen aan de Tweede Kamer.
Die moet de plannen nog goedkeuren, net als de Eerste Kamer. Het is zeer de vraag of die beide akkoord gaan. Zo zijn onder meer de VVD en de BBB tegen. Toch is De Jonge hoopvol en houdt hij vast aan invoering medio 2024.
Source: Nu.nl economisch