Dit jaar is Adelheid Roosen twee keer langdurig in Paramaribo geweest. Samen met Noraly Beyer en cabaretier Nina de la Parra werkte ze daar aan een Surinaamse versie van De WijkSafari. Dit theaterconcept dat Roosen onder de vleugels van haar gezelschap Female Economy voor het eerst in 2012 in de Amsterdamse wijk Slotermeer introduceerde, is intussen uitgegroeid tot een belangrijk cultureel exportproduct.
Tijdens zo’n safari duiken theatermakers onder in een wijk, logeren een tijdje bij de mensen daar, tekenen hun verhalen op en maken samen met die wijkbewoner vervolgens een voorstelling. De ‘adoptiemethode’ wordt dat genoemd. Het publiek dat ernaar toe gaat wordt op een vier uur durende theatrale reis mee de wijk ingenomen. Bewoners, theatermakers en publiek ontmoeten elkaar in deze unieke vorm van locatietheater, waarin kunst en het echte leven samenkomen.
Over deze auteur
Hein Janssen schrijft sinds 1987 voor de Volkskrant over theater en richt zich vooral op toneel en musical.
De WijkSafari is misschien wel het meest tot de verbeelding sprekende onderdeel van Female Economy, maar zeker niet het enige. De groep rond Roosen bestaat nu 25 jaar en vandaag wordt de noeste arbeid van dit gezelschap bekroond met de Cultuurfonds Prijs 2023, waaraan een bedrag van 100 duizend euro is verbonden.
In het Rotterdamse Zuidpleintheater zal koningin Maxima maandagmiddag de prijs (voorheen Prins Bernhard Cultuurfonds Prijs) uitreiken aan Roosen, haar mede-artistiek leider Ola Mafaalani en haar hele team, bestaande uit 23 vrouwen. De Cultuurfonds Prijs bestaat sinds 2010 en is bestemd voor personen of instellingen die zich op uitzonderlijke wijze verdienstelijk hebben gemaakt voor natuur of cultuur. Eerdere winnaars waren onder meer Johan Simons, Heddy Honigmann, Reinbert de Leeuw, ISH en de Anne Frank Stichting.
Het juryrapport van het Cultuurfonds formuleert de eervolle toekenning als volgt: ‘Female Economy neemt mensen letterlijk op cultureel sleeptouw. De verhalen zijn echt, de artistieke waarde heel hoog. En de werkwijze is uniek: werkelijk rondlopen in elkaars leven, je verdiepen in de ander om daarna kunstenaars en buurt- en stadsbewoners samen laten werken’.
Female Economy zelf omschrijft zich als een gezelschap van ‘mede-, Neder- en buitenlanders, buitenstaanders en wijknomaden, dat theater maakt om een diepgaande ontmoeting met de Ander te bewerkstelligen vanuit ieders autobiografie’.
Die doelstelling komt inderdaad perfect tot uiting in de WijkSafari, die na Amsterdam ook in andere steden was te zien. Het concept trok ook internationaal de aandacht.
Zo vertrok Roosen in 2014 naar Mexico Stad en later ook naar Juárez, op de grens van Mexico en de Verenigde Staten. In Juárez, een stad die bekend stond om de grote aantallen vrouwen die werden vermoord, trok ze met lokale theatermakers levensgevaarlijke wijken in. Ook in Tanger, Marokko werd een Wijksafari gehouden; volgend jaar zomer is Roosen daar opnieuw voor een uitgebreide versie daarvan.
WijkSafari’s vergen een lange voorbereidingstijd en zijn logistiek knap lastig. Maar Female Economy excelleert ook in kleinere producties met een grote impact, zoals Niet meer zonder jou.
Daarin ging actrice en theatermaker Nazmiye Oral de confrontatie aan met haar Turkse moeder. Met als resultaat een intrigerende, theatrale clash tussen generaties, culturen, traditie en vernieuwing, over onderwerpen als religie, vrijheid en seksualiteit. Ook deze voorstelling ging naar het buitenland: moeder en dochter Oral staken de oceaan over en speelden in New York.
Een ander bijzonder project is de film Mam waarin Roosen op hoogst persoonlijke wijze toenadering zocht tot haar aan dementie lijdende moeder. Die film wordt nog regelmatig vertoond op congressen en bijeenkomsten, waarbij Roosen los van de film een monoloog speelt, en in gesprek gaat met het publiek. Zoals onlangs in het Beatrixtheater in Utrecht, op een medisch congres voor 1500 mensen, maar ook in een collegezaal van de Vrije Universiteit in Amsterdam.
Onder de vleugels van Female Economy opereert al enkele jaren het fenomeen Wijkjury. Roedels worden ze ook wel genoemd: groepen mensen die normaal gesproken niet zo snel naar theater zouden gaan, maar nu twintig voorstellingen per jaar bezoeken, in gesprek gaan met de makers en spelers, en aan het eind van het seizoen hun favoriet kiezen. Momenteel functioneren er 22 Wijkjury’s in Nederland en België, in steden als Den Haag, Purmerend, Deventer, Assen en Antwerpen.
Adelheid Roosen heeft nadat ze begon als cabaretier en voorstellingen maakte met onder anderen Karin Bloemen en George Groot, altijd buiten het bestaande theatercircuit gewerkt. Ze trok vanaf de jaren negentig al de Bijlmer in waar in garageboxen vaak religieuze diensten werden, met veel muziek, ze ontdekte een Afrikaans vrouwenkoor dat zong in een Amsterdams hofje en waarmee ze ging optreden.
De theaterhit De Vagina Monologen bouwde ze om tot De Gesluierde Monologen omdat ze vond dat het ook over vagina’s uit de moslimgemeenschap zou moeten gaan. Het resulteerde uiteindelijk in die amalgaan aan producties, projecten, lezingen en voorstellingen die onderdak vonden bij Female Economy.
Lang voordat begrippen als diversiteit, veelkleurigheid en inclusie in het theater gangbaar werden, had Roosen ze werkende weg al omhelst, zoals ze veel omhelst. Adelheid Roosen, de vrouw waar je niet omheen kunt, de vrouw in die eeuwige rode jas, en met die altijd rood gestifte lippen. Geen muurbloem, maar bevlogen en bewogen. Naast de koningin van Nederland staat maandagmiddag de koningin van het theater op het podium.
Drie keer Adelheid Roosen
In de serie tv-documentairereeks Roosen & Borst doken Adelheid Roosen en Hugo Borst in samen de wereld van verpleeghuizen en dementie. Daar spraken ze met bewoners en verzorgend personeel.
In Vrouwen in bad, een ‘transformerend theaterritueel’ van regisseur Ola Mafaalani gaan actrices van Female Economy met veertig vrouwen in bad om in vijf sessies tot nieuwe inzichten te komen.
Onder de noemer ‘De Oversteek‘ brak Adelheid Roosen in 2014 met een groep van honderd wijkbewoners in bij de voorstelling Danton’s Dood (over de Franse Revolutie) die Johan Simons toen maakte bij Toneelgroep Amsterdam. Na afloop bleef de groep op het podium slapen. Het was haar manier om het theater met een ander, diverser publiek te confronteren.
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden