‘Ik denk dat ik verliefd ben en ik heb hulp nodig want ze is gek.’ In deze simpele zin uit de Britse theaterhit Cock heeft toneelschrijver Mike Bartlett maar liefst drie dramatische bommen verstopt. Verliefd? Gek? En vooral: ze?
Cock gaat over een jonge man die, nadat hij een pauze heeft ingelast in de relatie met zijn vriend, tot zijn eigen verrassing verliefd wordt op een vrouw. Het stuk ging in 2009 in première in het Royal Court Theatre op West End in Londen en werd vervolgens een internationaal succes.
Over de auteur
Sander Janssens is theaterjournalist voor de Volkskrant. Hij schrijft recensies, interviews en achtergrondartikelen.
Zaterdag is de Nederlandse première, in regie van Char Li Chung van Theater Oostpool. Deze zwarte komedie over fluïde seksuele identiteit past naadloos in zijn missie om meer ‘queer’ verhalen op het Nederlands toneel te brengen. ‘Ik vecht al jaren tegen de heteronorm in het theater. Cock is een waanzinnige kans om daarmee echt de diepte in te gaan. Ik ken weinig verhalen die ons zo uitdagen om écht voorbij alle hokjes te denken.’
In de musicalwereld is het al langer gebruikelijk, maar ook toonaangevende toneelregisseurs kijken bij hun repertoirekeuze steeds vaker naar prijswinnende stukken op West End of Broadway. Dit najaar zijn er met Cock, Disgraced van Ayad Akhtar en Prima Facie van Suzie Miller maar liefst drie grote theaterproducties te bezoeken, die eerder waren te zien op de populaire theatertrekpleisters in Londen en New York.
In Nederland komen nieuwe toneelteksten bijna altijd tot stand in opdracht van een regisseur, die daar graag een eigen stempel op wil drukken. Maar in Engeland en Amerika is de schrijver vaak de initiator. Van regisseurs wordt vooral verwacht dat ze de tekst goed tot hun recht laten komen. Het zijn meestal realistisch ingestoken stukken waarin zorgvuldig wordt toegewerkt naar een grote, emotionele climax. Dat biedt acteurs vaak ook een kans om te schitteren in grote, complexe rollen.
Deze Angelsaksische stukken winnen in Nederland aan populariteit. Toen directeur Matthijs Bongertman van theaterproducent Senf tien jaar geleden hoorde van het Broadway-succes Disgraced, was hij meteen geïnteresseerd. Het stuk draait om de Pakistaanse migrant Amir, een succesvol advocaat die zijn islamitische achtergrond heeft afgezworen. Als tijdens een etentje met onder meer een joodse museumcurator precaire zaken als politiek, ras of religie worden aangesneden, blijkt de onderlinge tolerantie hooguit een dun laagje vernis.
The New York Times vergeleek de voorstelling in een lyrische recensie met een spelletje Twister: ‘De gemoederen laaien op en je hebt het verontrustende gevoel dat iemand zijn evenwicht gaat verliezen en hard gaat vallen. Je weet alleen niet wie het zal zijn.’
Bongertman kocht de rechten, nog zonder dat hij wist of iemand het hier zou willen opvoeren. ‘Het was een gok, afgaande op de inhoud en de ontvangst in New York. Vervolgens was het een kwestie van een beetje leuren en pitchen. Ik ben in die zin een soort handelsreiziger, met een koffertje vol plannen.’
In het geval van Disgraced bleek zijn inschatting juist, want uiteindelijk meldde theatermaker en regisseur Saman Amini zich bij hem. Hij wilde het stuk graag opvoeren met zijn gezelschap Black Sheep Can Fly.
Amini: ‘Wat ik jammer vind aan oude stukken van schrijvers als Ibsen, Tsjechov of Shakespeare, is dat ze de maatschappelijke urgentie vaak krijgen opgeplakt. Dan zie je bijvoorbeeld een Hamlet met asielzoekers. Toen ik Disgraced las, dacht ik meteen: dit gaat helemaal over ons en onze tijd. Het is een stuk waarin de personages alles zeggen wat je nu eigenlijk niet meer mag zeggen over cultuur en religie.’
De oorlog tussen Israël en Hamas gaf de voorstelling bovendien een onbedoelde urgentie, stelt Amini. ‘Tijdens de voorbereidingen gingen we ervan uit dat het stuk hier vooral zou worden gezien als een universeel verhaal over afkomst en religie. Maar door de oorlog in Gaza heeft het een heel concrete, actuele laag gekregen.’
Met co-regisseur Eric de Vroedt en dramaturg Karim Ameur maakte hij de Nederlandse vertaling. Het stuk speelt zich oorspronkelijk af in een luxeappartement in Manhattan, maar in overleg met de auteur is de setting naar Nederland verplaatst. Alle Amerikaanse referenties zijn vervangen: de curator van The Whitney werkt nu voor het Stedelijk Museum, een rechtse opiniemaker heet Theodor Holman, personages lezen niet meer The New York Times maar citeren de Volkskrant.
Daar hebben ze voor gekozen omdat ze bang waren dat mensen anders zouden denken dat het stuk vooral over de Amerikaanse cultuur zou gaan, legt Amini uit. ‘We wilden voorkomen dat publiek het als een ver-van-je-bedshow zou ervaren.’
Het vertalen van een stuk luistert nauw. Het woord ‘cock’, bijvoorbeeld, is door Han van Wieringen op verschillende manieren vertaald. In Cock wordt het namelijk ook op verschillende manieren gebruikt, zegt dramaturg Madelon Kooijman van Oostpool. ‘Dat is een van de redenen waarom we de titel niet naar het Nederlands hebben vertaald. De personages schelden elkaar uit voor ‘cock’, hebben gesprekken waarin ze met het woord concreet verwijzen naar het mannelijke geslacht, en ze gebruiken de term ‘cock things up’ ook om te benoemen dat de ander dingen blijft ‘opfucken’.’
Voordat de repetities kunnen beginnen, moet de vertaling meestal worden goedgekeurd door de auteur. Voor Chung was het even wennen om met zo’n vaststaande toneeltekst te werken. Zijn eerdere voorstellingen, zoals Don Caravaggio en Edward II – The Gay King, waren uitbundige theaterfeestjes die in nauwe samenspraak met de auteur tot stand kwamen en waarin hij zich veel vrijheid permitteerde.
‘Ik had tijdens het repeteren veel sneller de neiging om te denken: ik sloop iets eruit of we herschrijven het ter plekke. Nu hebben we een goedgekeurde vertaling waar we ons precies aan moeten houden. Het voordeel is dat ik me daardoor volledig kan focussen op het regisseren van de acteurs. En in de grote, explosieve acteerstijl kan ik toch nog mijn eigen stempel drukken.’
Zelf een stuk op West End regisseren zou hij niet afslaan, maar het is geen ‘heilige graal’, zegt Chung. ‘Ik was er afgelopen zomer voor het eerst, en eerlijk is eerlijk: ik heb ook veel saais gezien, veel van hetzelfde. Vergeleken met het avontuurlijke, veelzijdige theater in Nederland denk ik: zij mogen ook best wat vaker bij ons langskomen.’
Cock, door Theater Oostpool, tournee t/m 3/2.
Disgraced, door Black Sheep Can Fly, Het Nationale Theater en Senf, tournee t/m 18/12.
Prima Facie, door Internationaal Theater Amsterdam, tournee van 28/11 t/m 13/4.
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden