Home

Bij de ene partij is klimaatbeleid prioriteit, bij de ander ‘onbetaalbare waanzin’. Er valt woensdag veel te kiezen

Klimaatverandering mag dan ietsje gezakt zijn op het politieke prioriteitenlijstje van de gemiddelde kiezer (volgens een recente peiling van I&O Research), maar het is nog steeds een thema waar het volgende kabinet flink mee aan de slag moet. Nederland is immers gehouden aan de Europese klimaatdoelen, die lidstaten onder meer verplichten de landelijke broeikasgasuitstoot in 2030 met 55 procent te verlagen ten opzichte van 1990. In 2050 moet Nederland ‘klimaatneutraal’ zijn, wat neerkomt op netto nul CO2-emissies.

Kiezers die belang hechten aan de klimaatparagrafen in de verkiezingsprogramma’s, krijgen een uitgebreid keuzepalet voorgeschoteld. Alle smaken zitten erbij: van ‘flikker op met je klimaatbeleid’ tot ‘we trekken alles uit de kast om klimaatverandering te stoppen’ en alle kleurschakeringen daar tussenin.

Op de uiterste rechterflank vinden PVV en Forum voor Democratie (FvD) dat de Nederlandse overheid haar geld beter kan besteden dan aan ‘zinloze klimaathobby’s’ (PVV). Partijleider Geert Wilders gaat in zijn verkiezingsprogramma tekeer tegen ‘deze onbetaalbare waanzin waarvoor onze hele manier van leven op de schop moet’. Lijsttrekker Thierry Baudet verklaart in het FvD-programma niet te geloven in ‘de hokuspokus over gevaarlijke klimaatverandering’.

BVNL en JA21 schurken daar dicht tegenaan. Ook zij vinden de huidige klimaatwetgeving veel te ver gaan. Het klimaatbeleid van deze partijen – voor zover daar al sprake van is – bestaat voornamelijk uit het bouwen van kerncentrales. JA21 afficheert zich als dé kernenergiepartij van Nederland en wil vrijwel alle stroom in Nederland op den duur met kernenergie opwekken. Beide partijen willen kolencentrales (die in 2030 moeten sluiten) openhouden, zijn tegen de aanleg van nieuwe wind- en zonneparken en vinden dat Nederland moet doorgaan met gas- en oliewinning, ook in Groningen.

BBB en SGP vallen in de categorie ‘we doen met frisse tegenzin aan klimaatbeleid’. Opvallend is dat de SGP voor een hogere vliegbelasting is. De partij van lijsttrekker Chris Stoffer propageert een sober en spaarzaam leven, en daar horen hedonistische vliegvakanties naar zonnige oorden niet bij.

De gereformeerden schrijven dat Nederland zich ‘niet moet blindstaren’ op de wettelijke doelstelling van 55 procent broeikasgasvermindering in 2030. BBB stelt dat Nederland zich ‘maximaal’ moet inzetten om dat klimaatdoel te halen, maar plaatst daar meteen nuanceringen bij. ‘Wereldwijd draagt Nederland slechts 0,4 procent bij aan de wereldwijde CO2-uitstoot en onze CO2-voetafdruk per inwoner is al veel lager dan in menig ander (westers) land.’

Ook het klimaatbeleid van BBB en SGP leunt sterk op kernenergie, maar zij willen daarnaast getijdencentrales bouwen voor de Noordzeekust. Over wind- en zonne-energie zijn ze sceptisch, maar tegen de massale plaatsing van zonnepanelen op daken hebben ze geen bezwaar.

Dat laatste is een van de weinige vormen van klimaatbeleid die vrijwel alle partijen, van uiterst links tot radicaal-rechts, steunen: zoveel mogelijk daken vol leggen met zonnepanelen. Een andere gemene deler is het enthousiasme over energiecoöperaties. Politieke partijen zijn in hun programma’s dol op bewonerscollectieven die een wijk of gemeente willen verduurzamen.

Dat juist deze twee maatregelen zo populair zijn bij politici, is eenvoudig te verklaren: met coöperatieve energieopwekking en zonnepanelen op het dak kunnen burgers geld verdienen aan de groene transitie. Als ze het nuttige met het aangename kunnen verenigen, zien ook rechtse politici klimaatbeleid wel zitten.

Ook valt de steeds bredere acceptatie van kernenergie op. Alleen de SP, de PvdD en GroenLinks-PvdA spreken zich nog uit tegen nieuwe kerncentrales. De ChristenUnie en D66 zijn schoorvoetend vóór. De voorstanders willen op zijn minst twee grote kernreactoren in Nederland neerzetten, plus een trits minireactoren. De VVD opteert zelfs voor vier nieuwe kerncentrales. Voor een grote meerderheid wegen de voordelen van kernenergie (stabiele energiebron, onafhankelijk van weersomstandigheden, klein ruimtebeslag, geen horizonvervuiling en geluidhinder) inmiddels zwaarder dan de nadelen (hoge kosten, lange bouwtijd, risico op kernrampen, radioactief afval).

Behalve de partijen die geen of weinig klimaatbeleid willen voeren, wil eigenlijk iedereen grote vervuilers zwaarder belasten. Maar de mate waarin varieert. Opmerkelijk is dat NSC en BBB hierin minder ver willen gaan dan de VVD. De eerstgenoemde partijen willen de nationale CO2-heffing voor de industrie afschaffen, omdat Nederland die bedrijven volgens hen niet zwaarder moet belasten dan andere EU-landen. De VVD wil de nationale heffing juist verlengen.

Partijen aan de linkerkant, waaronder de ChristenUnie, willen die heffing verder verhogen. ChristenUnie, GroenLinks-PvdA, de PvdD en Bij1 zetten openlijk vraagtekens bij de toekomstbestendigheid van grote vervuilers als Tata Steel en Chemours. Bij1 is het radicaalst: ‘Ziekmakende bedrijven zoals Tata Steel worden per direct gesloten.’

Rechtse partijen zijn meer geneigd de verduurzaming van de industrie deels op kosten van de belastingbetaler te financieren door middel van subsidieverstrekking. Ze zijn ook vaker voorstander van het afvangen van broeikasgassen om die ondergronds op te slaan. GroenLinks-PvdA en de PvdD willen subsidies voor CO2-opslag juist afschaffen, omdat zij dit een ‘schijnoplossing’ vinden die bedrijven in staat stelt fossiele brandstoffen te blijven verbranden in plaats van over te stappen op een duurzamer alternatief als groene waterstof.

De meeste partijen zijn kritisch over het opstoken van bomen in biomassacentrales, inclusief NSC, JA21, PVV en FvD. Het gebruik van biomassa als brandstof voor energieopwekking en wegverkeer is controversieel omdat er sterke aanwijzingen zijn dat hiervoor complete bossen worden gekapt. In dat geval is biomassa niet duurzaam, maar op papier telt het gebruik van biomassa wel mee voor het behalen van de klimaatdoelen.

VVD, CDA, D66, Volt en ChristenUnie willen daarom ‘hoogwaardig’ gebruik van ‘duurzame’ biomassa in ieder geval tijdelijk blijven toestaan. BBB wil de productie van biogas ‘uit reststromen van de landbouw en voedselindustrie’ stimuleren, want dan kan de mest uit de veehouderij verbrand worden in biovergisters.

Ter linkerzijde van het politieke spectrum willen zes partijen de Nederlandse broeikasgasuitstoot met meer dan 55 procent verminderen voor eind 2030. D66 en ChristenUnie mikken op 60 procent reductie. D66 wil daar een hard (wettelijk) doel van maken; de ChristenUnie slechts een streefdoel. GroenLinks-PvdA wil 65 procent reductie behalen.

De PvdD en Bij1 vinden dat Nederland over zeven jaar al helemaal klimaatneutraal moet zijn, dus per saldo helemaal geen broeikasgas meer mag produceren. GroenLinks-PvdA, D66 en Volt willen die klimaatneutraliteit in 2040 bereiken, een decennium eerder dan het huidige Europese doeljaar.

Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.

U bent niet ingelogd

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden

Source: Volkskrant

Previous

Next