‘Bent u hier wel goed?’ Na verloop van tijd raakte Ali Sabir er wel aan gewend, die ongemakkelijke situaties zodra hij de deur van een bestuurskamer openzwaaide. Ja, hij was écht de scheidsrechter vandaag. En een goeie ook. ‘Dat kleine Marokkaantje’, zoals hij door bestuurders ook wel werd genoemd, schopte het in de jaren zeventig en tachtig tot de hoofdklasse amateurs en leidde ook wedstrijden van jeugdteams van betaaldvoetbalclubs.
Voor Sabir was het voetbalveld zijn tweede thuis. Behalve scheidsrechter was hij ook medeoprichter van een Marokkaanse voetbalclub in Eindhoven en initiator van een elftal van Marokkaanse voetballers in Nederland die in hun thuisland tegen Marokkaanse teams speelde. Maar het meest bekend was hij door PSV, waar hij zich vanaf begin jaren negentig als vertrouwenspersoon ontfermde over Marokkaanse talenten, naast zijn rol als elftalbegeleider en later coördinator arbitrage voor de jeugd. De Eindhovense club benoemde hem in 2008 tot Lid van Verdienste.
Opgegroeid in de Marokkaanse havenstad Casablanca besloot Sabir begin jaren zestig zijn geluk te gaan zoeken in West-Europa. Hij landde in Brussel, sprak op straat een groepje Marokkanen aan die hem aanraadden in de mijnen te gaan werken, maar dat beviel slecht. Iemand anders noemde Eindhoven. Op de eerste de beste dag in Brabant wandelde hij café Poort van Kleef binnen, waar zijn oog viel op Loes, zijn latere echtgenote.
De Volkskrant profileert regelmatig bekende en onbekende, kleurrijke Nederlanders die onlangs zijn overleden. Wilt u iemand aanmelden? postuum@volkskrant.nl
Sabir was het toonbeeld van integratie. Leerde snel de Nederlandse taal, werkte zich op tot magazijnmeester en hielp als tolk zijn landgenoten, veelal de eerste generatie gastarbeiders. Zijn dochters gingen alle drie studeren. ‘Daar was hij enorm trots op’, zegt Nawelle, de middelste dochter. ‘Al hoorden we dat vooral via anderen. Ik denk dat we een beetje zijn droom moesten waarmaken, ook richting zijn familie in Marokko. Als enige was hij daar weggegaan. Hij móést slagen in Nederland, en daarmee zijn kinderen ook.’
Wat hemzelf was gelukt, gunde hij ook anderen. Jarenlang ijverde hij voor de integratie van Marokkanen in de Nederlandse samenleving. Het voetbal gaf hem een podium. Talenten waren er genoeg, zag hij, maar ze braken niet door in de top van het Nederlandse voetbal, vaak ook omdat ze in zijn ogen onvoldoende steun kregen van huis uit. In zulke gevallen ging hij met de ouders praten.
Het was de tijd, halverwege de jaren negentig, waarin PSV’er Jan Wouters NAC-aanvaller Yassine Abdellaoui uitmaakte voor ‘kut-Marokkaan’, die volgens hem het beste kon ‘oprotten naar zijn eigen land’. Extra pijnlijk voor PSV, omdat Sabir toen al bij de club werkte en kort daarvoor bij de club nog een symposium had georganiseerd over de mogelijkheden van Marokkaanse jongeren.
Zijn missie slaagde uiteindelijk, met dank aan de doorbraak van Ibrahim Afellay en Ismaïl Aissati bij PSV. Ze waren het levende bewijs dat het dus wél kon, Marokkaanse voetballers in de top. Afellay ging later zelfs nog naar FC Barcelona, maar Sabir bleef hem altijd waarschuwen voor de valkuilen. ‘Maak geen fouten, anders ben je weer die Marokkaan.’
Vanwege gezondheidsproblemen deed hij een stapje terug bij PSV, maar als toeschouwer was hij nog bij elke thuiswedstrijd te vinden. Hij was op vakantie in Marrakesh toen hij onwel werd en in het ziekenhuis belandde. Daar overleed hij op 17 september op 80-jarige leeftijd.
Zijn laatste wens was kenmerkend voor zijn leven, zegt zijn dochter. Want waar veel Marokkaanse moslims na hun dood terug willen naar hun geboortegrond, was het bij hem precies andersom. Ali Sabir wilde per se begraven worden in Nederland. Aan die wens hebben zijn dochters voldaan.
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden