Home

In het dorp van de omgekeerde vlaggen is de boosheid niet geluwd

Het Gelderse Oldebroek was vorig jaar het epicentrum van de omgekeerde vlag, het symbool van boerenprotest en anti-Haags sentiment. Hoe hangt de driekleur er nu bij, in de aanloop naar de verkiezingen? ‘De periferie voelt zich nog altijd niet gehoord.’

Veel is er niet over van de synthetische driekleur van boer Jan Stouwdam. Aan de schutting langs zijn rommelige erf hangt een vale, smalle flard blauw-wit-rood. Het rood haast niet te onderscheiden van het wit, het blauw was kleurvaster, maar in de hevigheid van de volkswoede wel een keer gelapt, getuige het vastgestikte stukje vierkant stof in de linkerbovenhoek.

Stouwdam en zijn vrouw behoren tot de laatste blauw-wit-rood-vlaggers van Oldebroek, het Gelderse dorp dat vorig jaar even het epicentrum bleek van omgekeerd vlagvertoon. Hoe anders hing hun driekleur erbij tijdens de hoogtijdagen van de boerenprotesten. Het ding wapperde toen in volle glorie aan de waslijn tussen twee stalen palen, goed zichtbaar voor wie uit westelijke richting over de Zuiderzeestraatweg naar het dorp reed.

Over de auteur
Pieter Hotse Smit is regioverslaggever van de Volkskrant in Oost-Nederland en verslaat ontwikkelingen in de provincies Overijssel en Gelderland. Eerder schreef hij over landbouw, natuur, voedsel en duurzaamheid.

Maar hoewel gehavend, hij hangt er nog. Zelfs in de wetenschap dat er militairen op de basis in de omgeving werken die het ‘emotioneert’ de kleuren in de verkeerde volgorde te zien hangen. Stouwdam mag dan ‘moeheid’ voelen in zijn verzet, onderliggend is de boosheid voelbaar als hij vertelt over zijn oude koeienstal, die vernieuwd moet worden. ‘We weten niet wat we ermee aan moeten’, zegt hij over de onzekerheid die het overheidsbeleid hem geeft. ‘Als we voor een miljoen een nieuwe bouwen, ben ik bang dat we die straks weer moeten afbreken.’

Om te zien wat over is van het (boeren)ongenoegen in het ‘land van de omgekeerde vlaggen’, keerde de Volkskrant in aanloop naar de verkiezingen terug naar Oldebroek. Is met het verschieten van de kleuren van de vlag ook het anti-sentiment vervaagd? Of laait het weer op in verkiezingstijd? Wat blijkt: er is een volgend strijdfront geopend in de gemeente. Met een nieuw symbool, maar in dezelfde kleuren.

Oldebroek, een dorp in de Biblebelt waar bij verkiezingen bijna als vanzelf de bolletjes van de ChristenUnie, het CDA of de SGP op het stemformulier rood kleuren. Onder de bevolking in het buitengebied heerst ook een vanzelfsprekende sympathie voor de overgebleven boeren. Zoveel zelfs dat toen het bestuur van Oldebroek vorige zomer omgekeerde vlaggen van lantaarnpalen liet verwijderen, ze weer werden teruggehangen, en dat dit ritueel zich nog een keer of drie herhaalde.

In diezelfde periode kreeg burgemeester Tanja Haseloop-Amsing (VVD) te maken met serieuze bedreigingen en intimidaties. ‘Iemand schreef dat ik me maar met een vlag moest opknopen aan een lantaarnpaal’, zei ze vorig jaar juli in de Volkskrant. ‘En onlangs stonden er twee mannen in mijn voortuin die een vlag in de grond plantten. Een van hen had een zak over zijn hoofd waarin twee gaten waren geknipt.’

De intimidaties stopten pas toen de politie naar de illegale vlaghijsers ging uitkijken en er tien opspoorde, vertelt Haseloop-Amsing in haar kamer op het gemeentehuis. Per post werden ze gemaand te stoppen en uitgenodigd voor een gesprek met de burgemeester.

Ze werd bevestigd in haar vermoeden dat er allang geen boeren meer achter de almaar terugkerende vlaggen zaten. ‘Geen van de brieven is naar een boerderij verstuurd.’ Slechts één iemand kwam praten. ‘Een boerensympathisant uit een andere gemeente.’

De burgemeester oogt ondanks alles wat ze voor haar kiezen kreeg energiek en opgewekt, maar zegt ook: ‘De vlaggen zijn weg, het sentiment niet’. Oldebroek is daarin volgens haar niet anders dan andere delen van het land. ‘De periferie voelt zich nog altijd niet gehoord.’

Boer Spronk is zo iemand waarvan de burgemeester zegt: ‘Ik begrijp heel goed de wanhoop en de gevoelens van deze ondernemer’. Op zijn erf aan de Hogenbrinkweg geeft hij zelf weinig woorden aan die emoties. In zijn hand houdt hij een emmer met troebele biestmelk; het kalf kreeg het niet op. Op de hoek van zijn land plantte iemand anders een inmiddels gerafelde omgekeerde vlag. ‘Ik heb er geen last van.’ Waar hij wel last van heeft: dat de politiek zoveel te vertellen heeft over hoe ‘boeren voor eten zorgen’.

Even verderop woont Willem van Boven. Om de dikke spar voor zijn huis aan Zuiderzeestraatweg is ook nog het blauw-wit-rood gespannen. Met een Israëlische vlag neemt hij stelling in een andere kwestie.

Lang na het schellen van de bel doet hij open. De grijzige haren wild, de spijkerbroek vuil, het katoen van zijn trui nog verder versleten dan de vlag om de boom. Het is tegen half drie in de middag als hij zegt: ‘Goedemorgen.’ En: ‘De Volkskrant? Ik kijk liever naar Ongehoord Nederland.’

Meer nog dan de complottheorieën van die omroep blijkt de Bijbel zijn levensgids. ‘Ik heb besloten dat stemmen niet uitmaakt, ons lot ligt in Gods handen.’ En omdat hij uit Genesis opmaakt dat diezelfde God ‘de aarde heeft vervloekt’, is het volgens Van Boven een illusie dat gewone stervelingen iets als het stikstofprobleem kunnen oplossen. Gesteld dat er een stikstofprobleem bestaat, wat hij niet gelooft.

Wat hij wel gelooft en hem haast verheugt: het einde der tijden is nabij. ‘De aarde loopt op zijn einde.’

Over de Israëlische vlag, zegt hij: ‘In de bijbelse tijd was heel Israël van de Joden, niet meer, niet minder.’ Gevraagd naar de blauw-wit-rood-vlag rekent hij voor dat ‘we doodgaan van de honger’ als het beleid tegen boeren zo doorgaat.

In 2019 begonnen de eerste collectieve woede-uitbarstingen over het lot van Nederlandse boeren nadat de Raad van State concludeerde dat de natuur niet goed genoeg is beschermd tegen stikstof. Protesten zorgden geregeld voor een afgezwakt stikstofbeleid, waarna het weer rustiger werd, om weer op te laaien bij nieuwe overheidsmaatregelen.

En zo golfde het boerenprotest op en neer. Van de verfoeide ‘voermaatregel’ van landbouwminister Carola Schouten tot de ‘stikstofkaart’ van stikstofminister Christianne van der Wal. Gaandeweg werd de omgekeerde vlag het protestsymbool, een ‘noodsignaal’ dat zijn oorsprong kent in de scheepvaart. Niet alleen boeren namen het over, ook de groep die zich verzette tegen het Haagse coronabeleid deed dit.

Na de BBB-winst bij de Provinciale Statenverkiezingen in maart werden veel vlaggen euforisch omgedraaid of opgeborgen. Socioloog Bram van Vulpen (Universiteit Amsterdam) stelt vast dat daarmee de ‘boerenwoede weer op de waakvlam’ staat. ‘In afwachting van het BBB-effect in de provincie, en van waar de landelijke verkiezingen op uitdraaien.’ Maar van wolf tot waterkwaliteit: nieuw ‘explosiegevaar’ ligt volgens Van Vulpen in het buitengebied alweer op de loer.

Niet dat alleen in de regio de onvrede groot is. Recent onderzoek van het Sociaal en Cultureel Planbureau laat zien dat ruim de helft van de Nederlanders vindt dat het met dit land ‘de verkeerde kant opgaat’. Maar het gevoel dat de eigen regio niet gehoord wordt in Den Haag, is het grootst in plattelandsgemeenten buiten de Randstad.

Van Vulpen schreef zijn proefschrift over de ‘geografie van onvrede’. Hij ziet dat de steun voor boeren breed geworteld is in het buitengebied. De inwoners herkennen zich in de boer die zich beduveld voelt. Die bijvoorbeeld vee moet wegdoen om Schiphol aan een vergunning te helpen. Het komt volgens Van Vulpen overeen met het bredere gevoel dat in ‘de regio’ leeft: ‘Investeringen gaan naar de Randstad, terwijl kleine kernen worden opgescheept met gaswinning, windmolens en grote azc’s’.

Dat de omgekeerde driekleur meer is dan een symbool van boerenverzet, blijkt even verderop in Oldebroek. Aan de Bovendwarsweg is het boerenbelang sinds afgelopen zomer ingeruild voor iets anders. Over een lengte van honderden meters staat eenzelfde soort uithangbord in de tuinen. In de stijl van een tekoopbord van een makelaar.

‘GEENAZC.nl’, staat erop. Eronder bungelt een plaat in de omgekeerde driekleur met op het witte vlak een verbodsbord met ‘AZC’ erin. Op het blauw: ‘Binnenkort afgeschreven’, een verwijzing naar de mogelijke daling van de huizenprijzen rond het asielzoekerscentrum, mocht dat er komen. Op het rode vlak staat een verwijzing naar de boosdoener in de ogen van de omwonenden: ‘Makelaar: Gemeente Oldebroek’.

Helga Schuurman (47) had eerst een omgekeerde vlag hangen, nu staat zo’n makelaarsbord met dezelfde kleuren in haar tuin. Ze woont recht tegenover de oude jeugdherberg. Afgelopen zomer werd bekend dat het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COA) er zijn oog op heeft laten vallen.

Trots vertelt Schuurman hoe haar man met anderen uit de buurt het gelikte bord heeft ontworpen en in veelvoud heeft gemaakt. ‘Trendhout stelde het hout gratis beschikbaar’, zegt ze over de Oldebroekse houthandel.

Vooral de manier waarop de gemeente te werk is gegaan met de azc-locatie heeft haar woede gewekt. Zonder overleg, zomaar in haar voortuin, dat moet je bij Schuurman niet flikken. Ook het ‘minimaal driehonderd bedden’ dat ter sprake kwam, viel verkeerd. ‘Kleinschalig en gezinnen, geen probleem.’ Want zegt Schuurman over zichzelf: ‘Ik ben niet haatdragend naar buitenlanders’.

Even later spreekt ze van ‘gelukzoekers’ en stelt ze dat zonder ‘getinten’ het programma Opsporing Verzocht niet zou bestaan. ‘Nou ja, wel een beetje’, moet de vrouw die op de PVV gaat stemmen dan toch bekennen over haar haatdragendheid naar vluchtelingen. Ze zegt dat haar schoondochters straks niet meer over staat durven. ‘Gelukkig zijn asielzoekers bang voor honden’, zegt ze verwijzend naar de grote boerboel achter het tuinhek.

Net als bij het weghalen van de omgekeerde vlaggen is ook in de asielkwestie de burgemeester mikpunt van de boze burgers. Haar wordt kwalijk genomen dat ze met het COA in gesprek ging. Met goedkeuring van de gemeenteraad deed ze dit naar eigen zeggen om nog enige invloed te hebben op de plannen met de jeugdherberg, die overigens nog altijd niet concreet zijn. ‘Ik wil voorkomen dat het COA straks een vergunning aanvraagt en ik niet anders kan dan die toekennen.’

Het Christelijk Verbond Oldebroek, waarvan Ongehoord Nederland-presentator Tom de Nooijer fractievoorzitter is, betichtte Haseloop-Amsing begin september van ‘misleiding’. Volgens hem kan de gemeente een azc wel degelijk tegenhouden en laat de burgemeester zich ‘chanteren’ door het COA en het Rijk.

Geen sprake van, reageert Haseloop-Amsing, die 2019 burgemeester dacht te worden in een ‘rustige gemeente op de Noord-Veluwe’. Ze roept alle partijen op de rust te bewaren. ‘Laten we ook kijken naar wat wel goed gaat, zeg ik even als ‘burgermoeder’. Ik wil niks afdoen aan al die zorgen van omwonenden, maar er zijn ook inwoners die zeggen: we waarderen hoe open en transparant je het aanpakt.’

Naar tevreden inwoners is het lang zoeken aan de Bovendwarsweg, waar het azc moet komen. Als een van de weinigen hebben Berty (69) en Sjirk (79) geen anti-azc-makelaarsbord in de tuin staan. ‘Die mensen hebben huis en haard verlaten’, zegt Berty als ze het schrobben van winterpenen uit eigen tuin even laat voor wat het is. ‘Mijn ouders zijn met een groot gezin in de oorlog en tijdens de Watersnoodramp liefdevol opgevangen. Dat gunnen we anderen ook.’

Oldebroek, het dorp van de omgekeerde vlag, oogt nu als een dorp in verwarring. Want vraag aan boer Stouwdam wat hij gaat stemmen en je krijgt een opmerkelijk antwoord. De christelijke melkveehouder laat zijn stem niet weer ‘verloren gaan’ aan de SGP. Zich tot de BBB wenden doet hij ook niet. Caroline van der Plas flirt hem teveel met Pieter Omtzigt, die in zijn partijprogramma heeft opgenomen dat de veestapel ‘iets kleiner’ moet.

Nee, de ‘moegestreden boer’ denkt te gaan stemmen op een partij waar hij toch echt een paar van zijn kopzorgen aan te danken heeft. De partij die in vier kabinetten beleid maakte – of dat juist naliet – waardoor hij nu zonder geldige stikstofvergunning zit. Een politieke nalatenschap die ook weinig perspectief biedt voor de volgende generatie Stouwdam. De partij bovendien van Oldebroeks burgemeester, die al zoveel kwaad bloed zette bij de plaatselijke bevolking. Dat is wat er geworden is van Stouwdams blauw-wit-rood, dat inmiddels tamelijk kleurloos aan zijn schutting hangt: ‘Met de VVD weet ik tenminste zeker dat het niet over links gaat.’

Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.

U bent niet ingelogd

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden

Source: Volkskrant

Previous

Next