De Spaanse premier kreeg binnen het parlement 179 stemmen voor en 171 stemmen tegen.
Sánchez' socialistische partij PSOE werd bij de verkiezingen in juli niet de grootste partij. Dat werd de rechtse volkspartij PP van Alberto Nuñez Feijóo. Maar niemand, behalve het zeer conservatie VOS, wilde een regering vormen met die partij. Nuñez Feijóos poging om premier te worden werd twee keer verworpen.
Premier Sánchez zag daardoor een kans om toch aan te blijven. Hij sloot daarvoor een omstreden deal met de Catalaanse separatistische partijen. Sánchez diende een amnestiewet in, waarmee de vervolging van honderden Catalaanse separatisten voor hun rol bij de onafhankelijkheidsstrijd wordt geschrapt. De Catalaanse separatisten deden namelijk een poging om Catalonië van Spanje af te scheiden. Het indienen van de wet leidde tot massale protesten in heel Spanje.
Oppositiepartijen vinden dat Sánchez een nieuwe termijn heeft gekocht in ruil voor een pardon voor mensen die probeerden het land kapot te maken. Maar de Spaanse premier zegt juist dat de wet is bedoeld om weer eenheid in het land te creëren.
Op 1 oktober 2017 hield de regionale overheid van Catalonië een referendum over het uitroepen van onafhankelijkheid. Een groep Catalaanse separatisten onder leiding van Carles Puigdemont wilde de Catalaanse Republiek uitroepen, onafhankelijk van Spanje.
De Spaanse regering van premier Mariano Rajoy (PP) verzette zich hevig tegen het onafhankelijkheidsreferendum. Het grondwettelijk hof van Spanje verbood het referendum, maar Catalonië liet het toch doorgaan. De Spaanse overheid gebruikte daarop geweld om de gang naar de stembussen te hinderen. Daarbij raakten meer dan duizend mensen gewond.
Toch wist 42 procent van de stemgerechtigden zijn keuze door te geven. Liefst 90 procent stemde voor afscheiding.
Source: Nu.nl algemeen