Home

De grootste bedreiging voor de schatkist wordt pas na de verkiezingen weer een politiek thema

Weinig maatschappelijke problemen kregen de afgelopen jaren zoveel aandacht als het vastlopen van de gezondheidszorg. Dikwijls klonk de ‘noodklok’ of sloegen adviesorganen ‘groot alarm’ over oplopende wachtlijsten, het nijpende tekort aan zorgpersoneel en oplopende zorgkosten die de schatkist over enkele jaren al nauwelijks meer kan dragen.

Opeenvolgende kabinetten hebben verzaakt: een echte oplossing voor de problemen is niet gevonden. De Raad voor Volksgezondheid en Samenleving (RVS) stelde in juni dat grote groepen Nederlanders niet meer de zorg kunnen krijgen waar ze volgens de Grondwet recht op hebben. Een maand later waarschuwde de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) dat bezuinigingen en ‘pijnlijke keuzes’ in de ouderenzorg nodig zijn, maar zelfs als die volgen zullen ouderen in de toekomst waarschijnlijk meer gaan betalen voor minder zorg.

Over de auteur
Hessel von Piekartz is politiek verslaggever voor de Volkskrant en schrijft over de volksgezondheid, pensioenen en sociale zekerheid. Hij werd in 2022 genomineerd voor de journalistieke prijs De Tegel.

Lees hier alles over de Tweede Kamerverkiezingen 2023.

Nederlanders merken zelf dat het piept en kraakt. Een afspraak met de huisarts is moeilijker te maken, pa­tiënten moeten dikwijls maanden wachten op behandeling en ouderen komen door een tekort aan verpleeghuizen soms pas in aanmerking voor een plek wanneer het al te laat is. De corona­crisis liet bovendien pijnlijk zien hoe broos het Nederlandse zorgsysteem is.

Geen wonder dat kiezers de zorg noemen als een van de belangrijkste politieke thema’s. Veel meer lijkt er niet nodig voor politieke partijen om in hun verkiezingsprogramma’s met een reddingsplan te komen voor de gezondheidszorg in Nederland. Maar grijpen ze die kans ook en brengen de verkiezingen van 22 november een kentering?

In de campagne is het contrast tussen de gevoelde urgentie en de aandacht voor de zorg vooralsnog groot. SP-lijsttrekker Lilian Marijnissen probeerde vorige week met een ‘zorgalarm’ het onderwerp weliswaar hoger op de agenda te krijgen, toch lijken de meeste partijen het liever uit de weg te gaan.

Dat is ook niet gek. Wie harde keuzes in het partijprogramma durft te maken, zal op weinig enthousiasme kunnen rekenen. Niemand wil immers minder zorg voor kwetsbare ouderen, regionale ziekenhuizen sluiten of de zorgkosten voor burgers verder verhogen. In de verkiezingsprogramma’s worden zulke keuzes dan ook nauwelijks gemaakt. Het beeld is juist dat de partijen méér zorg willen.

Dat blijkt ook uit de doorrekening van zeven verkiezingsprogramma’s door het Centraal Planbureau (CPB). De zorguitgaven nemen bij alle partijen toe. Ook Gupta Strategists, een onafhankelijk adviesbureau voor de zorgsector, kwam na het bekijken van de partijprogramma’s tot de conclusie dat geen enkele partij plannen lijkt te hebben om de groei van de zorgkosten te beperken. Oftewel: de grootste bedreiging voor de schatkist wordt grotendeels genegeerd.

Wel zijn er verschillen in de mate waarin partijen de burger laten meebetalen aan de zorg. Aan de ene kant zijn er partijen die burgers willen ontzien. De SP, PVV, PvdD en Denk gaan daarin het verst en willen het eigen risico van 385 euro afschaffen, de zorgpremie verlagen en het verzekerde pakket uitbreiden met bijvoorbeeld mondzorg. GroenLinks-PvdA kiest een iets gematigder variant en verlaagt het eigen risico met 100 euro, maar wil net als de andere partijen meer zorg vergoeden.

Aan de andere kant staan de partijen die willen voorkomen dat Nederlanders de komende jaren meer aan zorg kwijt zijn. Zo willen Volt, D66, VVD, ChristenUnie en het CDA het eigen risico bevriezen. Geen enkele partij schrijft de kosten voor burgers te willen verhogen. NSC van Pieter Omtzigt wil het eigen risico niet bevriezen, maar de zorgkosten wel beter behapbaar maken door patiënten het eigen risico in delen te laten betalen, en niet meer in één keer. JA21 voert geen wijziging door.

De partijen die de burger het meest ontzien, laten de zorgkosten ook het hardst toenemen. Van de zeven partijen die het programma lieten doorrekenen, stijgen de kosten het meest bij GroenLinks-PvdA. In plaats van de 13 miljard euro die er bij ongewijzigd beleid al bijkomt in de komende kabinetsperiode, stijgen de kosten bij het doorvoeren van hun plannen met 17,6 miljard.

Voor partijprogramma’s die niet zijn doorgerekend, is het lastig een bedrag op de plannen te plakken. Maar doordat oud-CPB-econoom Wim Suyker op eigen initiatief alsnog een aantal programma’s doorrekende, valt er toch een voorzichtige inschatting te maken. Op basis van de plannen schat Suyker dat de SP de zorgkosten met ongeveer 21 miljard euro laat stijgen. Denk en PvdD komen met een stijging van 22 miljard nog iets hoger uit. De plannen van de PVV zijn volgens de oud-econoom ‘onvoldoende concreet’ om in de analyse mee te nemen.

Dat het doorrekenen van verkiezingsprogramma’s beperkingen kent, blijkt een breder probleem. Ook in de doorrekening van het CPB zijn alleen maatregelen meegenomen die met cijfers zijn onderbouwd. Plannen als het wegwerken van wachtlijsten of het openhouden van regionale ziekenhuizen zijn een stuk lastiger in de berekening mee te nemen, terwijl ze wel degelijk geld zullen kosten. Tegelijk willen partijen de bureaucratie en regeldruk in de zorg verminderen om juist geld te besparen en personeel te behouden, maar hoeveel zoiets oplevert is lastig te zeggen.

Een vergelijking gaat daardoor sowieso mank. Bovendien rekenen onderzoekers niet verder vooruit dan een kabinetsperiode, terwijl de zorg juist een kwestie is van lange adem. Hervormingen kosten tijd en sommige problemen doen zich pas na enkele jaren in alle hevigheid voor, wanneer ze niet tijdig zijn aangepakt. Ook partijen die op papier de eindjes aan elkaar knopen, kunnen op lange termijn de zorg alsnog laten ontsporen.

Het personeelstekort is daar het beste voorbeeld van. Het is de vraag of er door vergrijzing genoeg mensen zijn om in de toekomst nog alle zorg te leveren. Partijen willen het tekort aanpakken door onder meer salarisverhoging en het ‘aantrekkelijker maken’ van het werk; maar een sluitend antwoord blijft uit.

De verkiezingsprogramma’s laten dus vooral zien dat partijen het maken van harde keuzes weer uitstellen. Toch zal een nieuw kabinet de talloze waarschuwingen niet kunnen negeren; helaas voor de kiezer zullen de partijen waarschijnlijk pas aan de onderhandelingstafel kleur moeten bekennen.

Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.

U bent niet ingelogd

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden

Source: Volkskrant

Previous

Next