Het eenvoudigste antwoord: omdat we twee energiesystemen naast elkaar aan het bouwen zijn. Het oude fossiele en het nieuwe CO2-arme energiestelsel. De bouw van zonnevelden, windparken, de aanleg van zware elektriciteitskabels en wellicht twee kerncentrales – alles kost geld. Dan zijn er nog de gestegen rente, dure grondstoffen en grote arbeidstekorten.
Tegelijkertijd kan het oude systeem nog niet worden ontmanteld: tijdens de verbouwing blijft de BV Nederland geopend.
Over de auteur
Bard van de Weijer is economieredacteur van de Volkskrant en specialist op het gebied van de energietransitie. Hij richt zich op de vraagstukken waar consumenten, bedrijven en overheden voor staan.
Dus zelfs door de oogharen bekeken zal de conclusie zijn: energie wordt duurder. Hoeveel duurder? Dat is niet eenvoudig te voorspellen, omdat er veel onbekende variabelen in het spel zijn. Gaat de belasting op energie (een forse component in de prijsstijging) omlaag? Hoeveel efficiënter zal de industrie gaan produceren? Wat kost aardgas straks? En CO2-uitstoot?
Wat de consultants van PwC hebben gedaan is gekeken wat er nu aan voorspellingen bekend is (onder meer van CBS en het Planbureau voor de Leefomgeving) en hebben dat bij elkaar opgeteld. De uitkomst van die som is ongeveer een verdubbeling van de totale rekening voor stroom en gas, van 22 miljard euro in 2020 tot 43 miljard euro in 2030, en 56 miljard in 2040.
Een fikse kostenpost is het openhouden van gascentrales. Zelfs als straks de hele elektriciteitsvoorziening duurzaam is, is eentiende van de stroom afkomstig van gascentrales, schat Tennet. De netbeheerder, die jaarlijks scenario’s publiceert over de elektriciteitsvoorziening, denkt zelfs dat er in een duurzame toekomst net zoveel gascentrales in Nederland nodig zijn als nu.
Dit komt doordat er altijd langere perioden zullen zijn dat de zon niet schijnt en de wind niet waait. Elektriciteit moet dan komen van energiecentrales, die tegen die tijd mogelijk op groene waterstof zullen draaien, of de CO2-uitstoot opslaan. Dit is kostbaar, ook omdat deze centrales in de lucht gehouden moeten worden op momenten dat ze niet nodig zijn.
Energie wordt ook duurder doordat de stroomnetten verzwaard moeten worden. Op zonnige lente- en zomerdagen komt er nu zomaar 20 gigawatt vermogen aan zonnestroom het net op, dat is vergelijkbaar met veertig kerncentrales in Borssele.
Ten slotte is er nog de belastingcomponent. Bij ongewijzigd beleid verdubbelt die tussen 2020 en 2040, tot 20 miljard euro, ongeveer 35 procent van de totale energierekening. Of die verdubbeling er komt, is niet zeker. De hoogte van de energiebelasting voor huishoudens wordt elk jaar bezien in het Belastingplan, zegt het ministerie van Economische Zaken en Klimaat.
Groene stroom is inderdaad goedkoper dan fossiele elektriciteit. Als een windturbine er eenmaal staat en een zonnepaneel op het dak is gelegd, schijnt de zon voor niets en waait de wind gratis. Daarom kost groene stroom per opgewekte kilowattuur minder.
Dit idee verleidt politici soms tot de uitspraak dat de stroomrekening zal dalen. Vorige week nog zei demissionair klimaatminister Jetten in deze krant: ‘Investeren in het klimaat is wat ons betreft ook zorgen dat de energierekening omlaag gaat doordat je bijvoorbeeld zonnepanelen op je dak legt.’
Jettens redenering klopt, maar niet voor iedereen. Burgers die het zich kunnen veroorloven, bijvoorbeeld omdat ze een eigen woning hebben, kunnen profiteren. Maar lang niet elke Nederlander heeft een eigen woning met zonnepanelen, en een oprit met een laadpaal die de accu van de e-auto vult met goedkope stroom van eigen dak.
Sterker, door de huidige salderingsregeling zijn het nu burgers zonder zonnepanelen die huishoudens met zonnepanelen subsidiëren, vorig jaar met zo’n 100 tot 200 euro op jaarbasis. Vooralsnog stroomt het geld dus de verkeerde kant op.
Er zijn allerlei knoppen waaraan gedraaid kan worden. Een van de mogelijkheden is een verlaging van de energiebelasting. Als die op hetzelfde niveau blijft als in 2020, scheelt dit al 10 miljard euro.
Een andere optie is dat veel processen energie-efficiënter worden als ze van fossiel overgaan op elektrisch. Neem de elektrische auto. Per kilometer verbruikt een e-auto die in 2030 de showroom verlaat, zo’n 75 procent minder energie dan een wagen met een verbrandingsmotor, volgens een taxatie van CE Delft. Een e-auto is dus niet alleen goed voor het klimaat, de variabele kosten zijn ook veel lager.
Nog grotere klappers kan de industrie maken. Als zij elektrificeert, verlopen energieslurpende processen efficiënter. Elektrische installaties kunnen daarnaast meesurfen op de golven groene stroom: ze gaan op volle kracht als er veel duurzame elektriciteit beschikbaar is en dimmen als er minder is. Met huidige fossiele installaties is dit vaak onmogelijk of een stuk lastiger.
De transitie naar een nieuw energiesysteem is complex, duurt lang en vergt veel geld. Maar niets doen is nog veel duurder. Wie opdraait voor welk deel van de kosten is iets waar de politiek zich over moet uitspreken.
Om de pijn te verzachten voor minder draagkrachtigen kan deze groep worden geholpen met energiebesparing. Bijvoorbeeld door woningen te isoleren met geld uit het Klimaatfonds van 35 miljard euro. Want over één ding is iedereen het eens: energie die niet verbruikt wordt, is de schoonste energie. En de goedkoopste.
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden