In het Gelderse Twello verhinderde een groep ondernemers de komst van een noodopvang voor jonge asielzoekers door heen pand eigenhandig ‘van de markt’ te halen. De aankoop is een streep door de rekening van gemeente en COA maar staat de eigenaar vrij.
Wat kun je als burger doen als je, om welke reden dan ook, niet wilt dat er een noodopvang voor jonge asielzoekers in de buurt opent? Je kunt bezwaar maken, protesteren, demonstreren of kabaal maken. Maar je kunt er ook voor zorgen, mits je voldoende geld hebt, dat de beoogde opvanglocatie niet meer beschikbaar is.
De effectiefste manier is om het pand snel zelf op te kopen, en zo voor de neus van opvangorganisatie COA weg te kapen. Dat is precies wat een groep ondernemers heeft gedaan in Twello, een Gelders plattelandsdorp tussen de steden Apeldoorn en Deventer dat deel uitmaakt van de gemeente Voorst.
Stichting Odig, gespecialiseerd in de opvang van minderjarige vluchtelingen, had namens het COA haar oog laten vallen op een bedrijfspand op een bedrijventerrein net buiten de bebouwde kom van Twello. Daar zouden, na een verbouwing, maximaal zestig alleenstaande minderjarige asielzoekers (zogenoemde amv’s) voor een periode van drie jaar kunnen worden opgevangen.
Over de auteur
Peter de Graaf is regioverslaggever van de Volkskrant in Zuid-Nederland en verslaat ontwikkelingen in Noord-Brabant, Limburg en Zeeland. Eerder was hij EU-correspondent in Brussel en economieverslaggever.
De eigenaar toonde zich bereid het pand te verkopen en ook het gemeentebestuur wilde wel meewerken aan de huisvesting. ‘Wij willen onze maatschappelijke verantwoordelijkheid nemen en een humane bijdrage leveren aan deze onmisbare en hoognodige asielopvang’, schreef wethouder Peter Wormskamp twee weken geleden in een brief aan de gemeenteraad.
Maar nog tijdens de collegevergadering waarin werd besloten om het bedrijfspand aan te wijzen als noodopvang voor de minderjarige asielzoekers, kreeg de wethouder van Odig een bericht dat het pand niet meer beschikbaar was. Het was aangekocht ‘door derden’.
Die ‘derden’ bleken enkele ondernemers met bedrijven op het industrieterrein te zijn. Kort daarvoor waren zij door de pandeigenaar ingelicht over de geplande aankoop door het COA. Ze reageerden razend op de ‘achterkamertjespolitiek’ van gemeente en COA. Ze vreesden ook overlast en onveiligheid op het bedrijventerrein, waar volgens hen niks te doen is voor jonge asielzoekers en vooral vrachtwagens heen en weer rijden.
‘Als jullie dezelfde prijs bieden als het COA, dan is het voor jullie’, zou de eigenaar van het bedrijfspand de ondernemers hebben gezegd. Zo gezegd, zo gedaan. Op de dag dat het college van Voorst een besluit nam over de noodopvang, was het pand al verkocht.
‘Ik betreur dat ten zeerste’, zegt wethouder Wormskamp (CDA) op het gemeentehuis. ‘Daardoor kunnen we helaas op die plek geen invulling geven aan onze maatschappelijke opgave.’
De voorzitter van de ondernemersvereniging was de afgelopen dagen niet bereikbaar voor commentaar. Een andere prominente ondernemer, die niet met zijn naam in de krant wil, wenst verder geen commentaar te geven. ‘Ik heb daar geen interesse in’, zegt hij. ‘Het is wat het is.’
‘Zo werkt de markt’, verzucht COA-woordvoerder Jan Scholten. ‘Het is even slikken, maar we moeten door, op zoek naar opvanglocaties.’ Eind september en begin oktober deed staatssecretaris Eric van der Burg nog dringende verzoeken aan gemeenten om opvangplekken beschikbaar te stellen, met speciale aandacht voor amv’s.
‘Het zijn kinderen, maar veel gemeenten zijn bang dat die groep meer overlast geeft dan andere asielzoekers’, zegt Scholten. ‘Het is een redelijk hardnekkig beeld dat niet strookt met de praktijk.’
De nood aan onderdak voor alleenstaande minderjarige asielzoekers is zo hoog dat zelfs een gebouw op een bedrijventerrein, dat vooral gebruikt wordt voor opslag, tegenwoordig een reële optie is. ‘Het is zeker geen optimaal pand voor noodopvang’, erkent wethouder Wormskamp. Zo zit er op het bedrijventerrein ook een vuurwerkopslag. Toch adviseerden beleidsambtenaren positief over het tijdelijk afwijken van het bestemmingsplan. Want, stelt de wethouder, ‘het maatschappelijk belang is groot’.
De reacties op de ondernemersactie zijn verdeeld. Sommigen juichen de bliksemaankoop toe, vooral om de overheid een lesje te leren. ‘Vroeger was openbaarheid van bestuur een waarde in dit land’, meent een lezer in de regionale krant De Stentor. ‘We zijn inmiddels zo ver dat gemeenten stiekem plannen maken in achterkamertjes om burgers ermee te overvallen.’
Anderen keuren de actie af. ‘Een groep Twellose ondernemers liet deze week op schaamteloze wijze de ‘macht van het geld’ spreken’, schrijven vier inwoners woensdag in de lokale krant Voorster Nieuws. Ook de gemeenteraadsfractie van PvdA-GroenLinks heeft de gebeurtenissen ‘met veel verdriet’ gevolgd: ‘Dit gaat om het opvangen van een groep jongeren, kinderen zelfs, die dromen van een betere toekomst.’
Het is niet voor het eerst dat welgestelde burgers of ondernemers het heft in eigen handen nemen om zo de lokale opvang van asielzoekers te verhinderen. Zo kocht een groep omwonenden in 2017 een villa in Den Helder op om te voorkomen dat het COA het pand zou verwerven voor de huisvesting van zestien jonge asielzoekers. Een verslaggever van het Noordhollands Dagblad probeerde ter plekke te achterhalen waarom, maar stuitte op een muur van stilzwijgen. ‘Geen commentaar’, klonk het.
Het meest berucht is de aankoop van een voormalig blindeninstituut in Vught, 25 jaar geleden, door negen rijke Vughtenaren. In 1998 wilde het COA daar een asielzoekerscentrum voor 320 asielzoekers vestigen. De aankoop van het gebouw door welgestelde buurtbewoners leidde tot een storm van kritiek en verontwaardiging. Uit protest hebben SP-leden het pand enige dagen bezet. ‘Vluchtelingen het nakijken, door de macht van de rijken’, stond op een spandoek. ‘Rijkelui kopen zich vrij’, luidde een andere tekst.
Op het gemeentehuis in Twello onderstreept wethouder Wormskamp de gang van zaken ‘erg vervelend’ te vinden, maar er verder niets aan te kunnen doen. Op de kritiek van de ondernemers dat ze overvallen zijn door het nieuws, zegt hij: ‘Je hebt altijd een bepaalde mate van vertrouwelijkheid nodig, zeker in de aanloopfase. Over asielopvang heeft iedereen een mening. Maar echt spannend wordt het pas als er ook een concrete locatie is. Dan gaat het opeens over mijn dorp, mijn wijk, mijn achtertuin.’
Source: Volkskrant