Schitterend was de apotheose in het afgeladen stationnetje, toen Ajax de zeker lijkende derde zege op rij in de eredivisie alsnog verprutste. De bijna gewijde stilte voor de aanloop van Thomas Robinet bij de strafschop was treffend, het roffelen op de stoelen na de 2-2 eveneens. Op grond van de vermetele strijdlust was de gelijkmaker verdiend, al had Ajax het duel dienen te beslissen. Zo blijft debutant Almere City het opnieuw tegenvallende Ajax voor in de stand. Wie had dat verwacht voor het seizoen?
Typerend was het optreden van Benjamin Tahirovic, de nieuwe middenvelder die vooral op één tempo speelt. Eerst scoren, de vermoedelijke beslissing (1-2), vervolgens in blessuretijd een onbezonnen sliding maken op Stije Resink, waarmee hij een fatale strafschop veroorzaakte.
‘Kom op City maak die goal’, zong de luidruchtige harde kern tijdens de derby, toen Almere in zijn beste fase het overwicht bijna omzette in een doelpunt, al viel die eerste goal pas na rust uit een counter. De 1-0 deed Ajax ontwaken, na de wissel van Steven Bergwijn, toen de 17-jarige Jorrel Hato het aanvoerderschap van hem overnam, en de invallers Chuba Akpom en Tahirovic scoorden, op aangeven van Brian Brobbey, die schitterende gevechten leverde met Damian van Bruggen, maar in de slotminuut te makkelijk balverlies leed, met de gelijkmaker als gevolg.
Over de auteur
Willem Vissers is ruim 25 jaar voetbalverslaggever voor de Volkskrant. Hij versloeg acht WK’s. In 2022 is hij uitgeroepen tot sportjournalist van het jaar.
Het was zondag de strijd tussen een uitdager die voortdurend de fysieke grens opzocht en het elftal dat de crisis uit het lijf tracht te schudden, in het besef dat het proces van herstel lange adem vereist. Ajax had tot de rust te weinig verweer, met een middenveld dat veel te licht was voor de mannetjesputterij uit de polder. Na de pauze liep het beter en kreeg Brian Brobbey al bij 1-1 al de unieke kans op 1-2, maar doelman Nordin Bakker redde prachtig. Brobbey nochtans had de voorzet op beide treffers en mocht zich de uitblinker bij Ajax noemen.
Almere, met twee messen tussen de tanden, blufte Ajax tot de rust af, ook op tactisch gebied, door het lef te tonen om vrijwel overal op het veld een-tegen-een te spelen, door elk persoonlijk duel als een gevecht te beschouwen. Zo oogde Ajax als een angstig, wat lui elftal zonder middenveld. Pas na rust, met drie wissels, met meer diepgang ook, oogde de ploeg meer in evenwicht.
Maar toen kwam Ajax toch op achterstand, na de heerlijk uitgespeelde tegenaanval, met het geniale hakje van Kornelius Hansen op Lance Duijvestijn, de heerlijke kapbeweging van Jochem Ritmeester van de Kamp, die in één keer Anton Gaaei en doelman Diant Ramaj uitspeelde. Trainer John van ’t Schip van Ajax verving aanvoerder Steven Bergwijn en diens vervanger Akpom scoorde meteen van dichtbij, zijn vierde doelpunt van de competitie, in weinig speeltijd.
‘Zien we die spelers van Ajax ook eens van dichtbij’, hoorde je vooraf op het plein voor het Yanmar Stadion, waar de tapkraan duizenden bekers vulde. Veel supporters waren benieuwd wie van de Almere-supporters zou juichen bij een doelpunt van Ajax. Want in gedachten zijn velen ook voor Ajax, al heeft de stad Almere met al zijn voormalige Amsterdammers steeds meer een eigen identiteit. De club debuteert uitstekend in de eredivisie.
Ach, er zijn duizenden kruisverbanden. De vader van assistent-trainer Hedwiges Maduro van Ajax heeft als inwoner van Almere een seizoenkaart bij de club. De schoonvader van Ajacied Steven Berghuis, vastgoedmagnaat Lesley Bamberger, is eigenaar van Almere, de club met de nieuwe identiteit, met een groeiende supportersschare, met een nieuw lied. ‘Wij leven voor City’, zong Mits Mitchell terwijl de spelers het veld opkwamen.
En trainer Alex Pastoor had zijn elftal perfect geprepareerd voor de kraker in de middenmoot. Met drie centrale verdedigers, twee verdedigers op de vleugels met aanvallende potentie. Soms ging Almere over de schreef, de ene keer wat meer dan de ander, maar in scheidsrechter Bas Nijhuis had de thuisclub een bondgenoot van fysiek spel.
Te licht was het middenveld van Ajax, met Kristian Hlynsson en Kenneth Taylor als controleurs en Georges Mikautadze als meest aanvallende pion. ‘Een gouden touch’, had Van ‘t Schip over de Georgiër gezegd. Een helft mocht hij spelen en afgezien van zijn fluwelen balbehandeling lag hij vooral op de grond, als symbool van het omver gelopen middenveld.
Na rust leek Ajax alsnog op weg naar de zege en was daar die adembenemende fase voor de strafschop op 2-2. ‘Laat de zon in je hart’, schalde het door de luidsprekers. De aanhang van Almere kon zich meer vinden in dat lied dan die van Ajax.
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden