Home

De geheimen van de panenka, de strafschop die je kan maken of breken

De panenka is iets voor waaghalzen. Wie het aandurft vanaf elf meter de bal tergend traag door het midden te stiften kan zijn reputatie van een glanslaag voorzien, of juist ernstig besmeuren.

Santiago Giménez kan erover meepraten. De Feyenoord-spits was zo’n beetje de meest bewierookte eredivisiespeler toen hij zich vorige week tegen RKC waagde aan de panenka, vernoemd naar bedenker Antonin Panenka (zie kader). Nadat hij de bal over het doel stiftte, was hoon uit alle hoeken en gaten zijn deel. Overmoedig, arrogant, pedant. Direct wisselen, die egotripper, klonk het zelfs.

Feyenoord-trainer Arne Slot wisselde hem niet, maar was wel hevig ontstemd. Hij had het zelfs heel goed mogelijk geacht dat zijn team ‘in opstand was gekomen’ tegen Giménez. Slot: ‘Een gemiste penalty is nooit prettig, maar als je stiftend mist, is het gewoon waardeloos. Als ik het had geweten had ik het wel uit zijn hoofd gepraat. Zelfvertrouwen moet niet overgaan in arrogantie.’

Wat maakt een panenka zo ergerlijk, zo egoïstisch? Dat komt deels doordat filmpjes van geslaagde en mislukte stiftbal gretig worden gedeeld. Het vestigt de aandacht ten volle op de nemer. Maar de crux zit hem in het gemak waarmee de panenka gekeerd kan worden. Als de doelman gewoon in het midden blijft staan, vangt hij de bal eenvoudig. Het druist in wat van jongsaf geleerd wordt en wat Slot ook debiteerde: een strafschop trap je hard in een hoek, zo ver mogelijk van de doelman vandaan.

Variatie en druk

Maar is de panenka wel zo’n roekeloos, megalomaan waagstuk? Statistieken wijzen uit dat het niet zo’n vreemde optie is. Na bestudering door databedrijf Opta van de 434 strafschoppen die tussen 1976 en 2016 op WK’s en EK’s werden genomen blijkt dat strafschoppen hoog door het midden nimmer gestopt werden. Laag door het midden, geeft een kleinere slagingskans, maar die is nog altijd hoger dan strafschoppen die links of rechts werden getrapt. Overigens waren dat lang niet allemaal gestifte of met de wreef geschepte strafschoppen, daar zaten ook harde poeiers tussen.

Opta houdt sinds 2011 ook de strafschoppen in de eredivisie bij, inmiddels 1.130 stuks. Wat daarbij opvalt is dat de strafschoppen door het midden er vaker ingaan dan strafschoppen rechts van de doelman, en minder vaak dan links van de doelman. Ook blijkt dat strafschoppen die hoog op doel gaan meer kans van slagen hebben dan lage inzetten. Er worden ook relatief meer ballen over dan naast geschoten.

Zo gek was de keus van Giménez niet, vond hij ook zelf. De Mexicaan meende dat het goed was om variatie aan te brengen, omdat elke doelman tegenwoordig bijhoudt waar erkende strafschopnemers de bal plaatsen. Hij had ook daadwerkelijk op de stiftstrafschop getraind. Een toekomstig voordeel dat hij zelf nog onderbelicht liet: doelmannen zullen de volgende keer wellicht minder snel naar de hoek duiken uit angst dat de Feyenoord-spits ze met een panenka klopt.

Waarom dan toch zoveel ergernis? Dat zit hem deels in de snelheid van de inzet, of beter gezegd: aan het gebrek daaraan. Door het midden trappen is prima ter variatie. Maar waarom niet gewoon hard? Pierre van Hooijdonk, die voorheen belangrijke strafschoppen voor Feyenoord nam, gaf bij Studio Voetbal het antwoord. Een harde bal wordt eerder gestopt. ‘Als je hem hard door het midden schiet, en een keeper duikt, dan zijn z’n benen nog niet uit het midden vertrokken.’

Dan was er nog het moment waarop Giménez de strafschop nam. Het stond 1-1 in Waalwijk, de strafschop werd gegeven in blessuretijd van de eerste helft. Hier speelde ijdelheid een rol, zo leek het. ‘Als je 4-0 voor staat, kan iedereen het wel,’ zei Giménez eerlijk. De druk gaf het voor hem iets extra’s. Een spannend moment, zo stelde Van Hooijdonk, is juist gunstig. ‘Welke keeper blijft er dan staan?’

Het zijn niet de minsten die zich aan een stiftbal waagden op een nog veel groter podium. Zinedine Zidane flikte het in de WK-finale van 2006, zijn allerlaatste wedstrijd. Lionel Messi luisterde er zijn zevenhonderdste doelpunt als prof mee op. Nederland had lang nare gevoelens bij de panenka door Francesco Totti. Nederland was veel beter dan Italië in de halve finale op het EK 2000 in eigen land, maar miste twee strafschoppen in de reguliere speeltijd en daarna nog drie in de strafschoppenserie. Totti scoorde met wat in Italië een ‘cucchiaio’ heet, een lepeltje.

De panenka werd in Nederland even populair in 2018 dankzij Memphis Depay. Het betrof slechts een Nations League-wedstrijd, maar Oranje hunkerde naar eerherstel na het missen van twee eindtoernooien en de tegenstander was toenmalig wereldkampioen Frankrijk. De stift waarmee Depay de wedstrijd besliste (2-0) was het symbool van nieuw elan en volgens analytici ook een terechte ‘vernedering’ van Frankrijk vanwege het ‘schijtbakkenvoetbal’ dat die ploeg speelde.

Echter, toen Depay dit seizoen voor het eerst een panenka miste, was de kritiek niet mals. Voetbalzone.nl schreef dat Depay zich ‘blameerde’ en andere sites dat hij zich ‘belachelijk maakte’. Ook de beelden van die strafschop gingen de wereld over.

‘Er zit wel een risico aan vast,’ weet NAC-speler Boris van Schuppen. Toch was hij ‘helemaal niet bezig met missen’ toen hij besloot zijn strafschop zachtjes te stiften tijdens een strafschoppenserie in de bekerwedstrijd tegen VVV eind oktober 2021, zo vertelt hij. ‘Voor NAC is de beker heel belangrijk, dat weet ik als geen ander. Ik ben zelf altijd supporter geweest. Het was pas mijn derde wedstrijd als basisspeler, een week eerder had Rai Vloet nog een panenka gemist. Daar was veel tumult over. Maar ik had afgesproken met vrienden dat ik hem zo zou nemen.’

Van Schuppen had als jeugdspeler twee strafschoppen genomen. ‘Allebei panenka’s, allebei raak, een keer zelfs tegen mijn buurjongen, terwijl ik vooraf in een appgroep erop had gehint dat ik hem a la panenka zou nemen. Ik vind het gewoon de beste strafschop. Keepers gaan in 99 procent van de gevallen naar de hoek. Als je hem hard neemt heb je meer kans die bal over te knallen.’

Zijn stift ging er ook tegen VVV in. NAC bekerde verder. Van Schuppen werd bedolven onder de complimenten voor zijn lef. ‘Zelfs Johan Derksen zei op tv dat hij me een leuke speler vond, met afgezakte kousen en dan ook nog met een panenka scoren. Ben wel benieuwd wat hij had gezegd als ik hem gemist had.’ Van Schuppen wordt nog steeds op zijn strafschop aangesproken. Het is ook wel een beetje een ego-dingetje, geeft hij toe. ‘Een Panenka heeft flair, dat past bij me, zo wil ik ook voetballen.’

Wantrouw de artiesten is de tip die Harm Zeinstra geeft aan doelmannen. Zeinstra is oud-profdoelman en maakte een studie van keepen, die hij verwerkte in een podcastserie en een boek: De keeperscode. ‘Bij artistieke, blufferige types als Noa Lang zou ik langer blijven staan dan bij Luuk de Jong.’

Lang blijven staan is moeilijk. ‘Keepers zitten ook vol adrenaline, ook voor hen voelt een strafschop als een soort scoringskans. Als ze niet op tijd vertrekken zijn ze te laat bij de hoek en daar gaan toch de meeste ballen naartoe.’

Het is ook de perceptie die meespeelt. ‘Als jij lang blijft staan en de bal wordt hard in de hoek geschoten krijg je de reactie van publiek, pers en medespelers dat je er niet alles aan gedaan hebt.’

Voor het laatste WK was er veel aandacht besteed aan strafschoppen door de technische staf van Oranje. Zeinstra: ‘Noppert moest lang blijven staan. Daarom was ook voor hem gekozen, hij is lang, hij kan alsnog ver reiken. Maar tijdens de verloren strafschoppenserie tegen Argentinië lag hij toch weer snel in de hoek.’

Voor een doelman voelt een Panenka nog net niet als een vernedering. ‘Maar er zijn er genoeg die helemaal gek worden, die er echt een beetje ontregeld door raken.’

‘Het leek of ik water zag branden,’ zo beschrijft voetbalschrijver Matty Verkamman het moment in 1976 in Belgrado toen hij voor zijn ogen Antonin Panenka met een zachte trap door het midden de geprezen doelman van West-Duitsland Sepp Maier zag verschalken in de EK-finale. Het doelnet bolde amper, op het gezicht van Maier zag Verkamman ‘totale verbijstering’. Doordat favoriet West-Duitsland kort daarvoor had gemist in de strafschoppenreeks was Tsjechoslowakije Europees Kampioen. Verkamman was er ‘als 25-jarig broekie’ getuige van op de perstribune waar iedereen elkaar in ongeloof aankeek. ‘Je wist meteen dat het een heel bijzonder moment was, dat dit zou voortleven.’

En dat deed het. De Panenka is nog steeds de enige internationaal gebezigde voetbalterm die vernoemd is naar een persoon. Antonin Panenka (1948, Praag) vertelde later talloze keren over zijn stunt, door sommigen zelfs omschreven als ultieme verzetsdaad of wraakoefening. In zijn ogen was het volkomen logisch, hij wist ‘duizend procent zeker’ dat de bal erin zou gaan, ook al zei Pele later: alleen een idioot of een genie neemt een strafschop op zo’n manier.

Panenka had het op trainingen al heel vaak geoefend, in de nationale competitie, die verscholen bleef voor West-Europa, het ook al drie keer zo gedaan. Dat zijn naam telkens weer genoemd wordt als iemand het probeert, maakt de levensgenieter nog steeds trots. Rijk is hij er niet van geworden. Nooit vroeg hij een cent om zijn verhaal weer eens op te rakelen. ‘Anders was ik nu miljonair geweest.’

Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.

U bent niet ingelogd

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden

Source: Volkskrant

Previous

Next