Home

Wat als die Britse en Franse diplomaten Lawrence van Arabië serieus hadden genomen?

Wekelijks duikt Volkskrant-redacteur Olaf Tempelman in een internationaal fenomeen. Deze week: zoals je mensen hebt die treuren om de ontmanteling van het Habsburgse Rijk, heb je er ook die treuren om het visioen voor het Midden-Oosten van T.E. Lawrence, alias: Lawrence van Arabië.

Zes maanden voor de Israëlisch-Arabische oorlog van 1948 verscheen in The American Magazine een interessante bijdrage over de liefde tussen Joden en Arabieren. ‘Weinig volkeren op aarde zijn minder antisemitisch dan de Arabieren’, wist de briefschrijver, koning Abdoellah I van het Hasjemitische Koninkrijk Jordanië. Deze vorst kwam nog uit de wereld van voor het zionisme, het Palestijnse nationalisme en de politieke islam. Hij was niet per se tegen een Joodse staat, maar vond het logischer dat Israël een kanton zou worden in zijn Hasjemitische koninkrijk. ‘Ik zal jullie goed behandelen’, verzekerde hij de latere Israëlische premier Golda Meïr.

De Hasjemieten, vernoemd naar de overgrootvader van de profeet Mohammed, waren zeven eeuwen lang hoeders van de heilige plaatsen Mekka en Medina. Abdoellah I had in zijn jonge jaren gestreden in het gevolg van niemand minder dan de romantische Britse schrijver-officier T.E. Lawrence, beter bekend als Lawrence van Arabië. Het was Lawrence die de Hasjemieten in 1916 opriep in opstand te komen tegen het zieltogende Osmaanse (Turkse) Rijk. Het was Lawrence die de Hasjemieten een rijk in het vooruitzicht stelde dat het hele Arabische schiereiland zou bestrijken.

Helaas wist hij niets van de onderhandelingen tussen zijn landgenoot Mark Sykes en de heer François Georges-Picot uit Parijs. Toen T.E. Lawrence vernam dat de Britten en Fransen het gebied dat hij met de Hasjemieten van de Turken had bevrijd, onderling gingen verdelen, nam hij verbitterd de boot terug naar Engeland. Zijn visioen raakte nog verder uit zicht toen de familie Saoed, belijders van het wahabisme, een grimmige en puriteinse vorm van de islam, de Hasjemieten in 1924 met Britse toestemming uit de heilige plaatsen verdreef. In 1932 was het koninkrijk Saoedi-Arabië een feit, met alle nare gevolgen van dien.

Speculeren over hoe de wereld eruit had gezien als een muntstuk van de geschiedenis anders was gevallen, is een tamelijk zinloze exercitie. Maar zoals je mensen hebt die treuren om het Habsburgse Rijk, heb je mensen die treuren om de droom van Lawrence van Arabië. Een reden daarvoor is dat het stukje woestijn van amper twee keer Nederland dat uiteindelijk overbleef voor een Hasjemitisch koninkrijk, het huidige Jordanië, qua vrijheid en veiligheid zo gunstig afsteekt bij de rest van de regio. Dat de Jordaanse bevolking in 75 jaar groeide van een half miljoen naar tien miljoen, had alles te maken met de vluchtelingenstroom uit de omgeving.

De huidige Jordaanse koning Abdoellah II is de achterkleinzoon van Abdoellah I. Zijn ouders, Hoessein I en de Britse oud-hockeyster Antoinette Gardiner, ontmoetten elkaar in 1961 op de Jordaanse set van Lawrence of Arabia, de verfilming van het leven van T.E. Lawrence. Terwijl die film zeven Oscars kreeg en aan een zegetocht over de wereld begon, was het voortbestaan van het Hasjmetische koninkrijkje Jordanië lang onzeker.

Abdoellah I werd in 1951 door een Palestijnse nationalist vermoord. Hoessein I werd in 1970 bijna vermoord, toen Palestijnse vluchtelingen de monarchie omver probeerden te werpen. In de maand die de geschiedenis inging als Zwarte September, verjoeg het Jordaanse koningshuis de Palestijnse Bevrijdingsorganisatie (PLO) en vele aanhangers daarvan. Toch is Jordanië, met tweeën­half miljoen Palestijnen, anderhalf miljoen Syriërs en honderdduizenden Irakezen (vooral christenen), het land dat procentueel de meeste vluchtelingen ter wereld opnam.

Lawrence van Arabië belandde terug in Engeland in een diepe depressie en verongelukte in 1935 op 46-jarige leeftijd. Zijn biografen ontdekten later geschriften waaruit bleek dat hij behalve voorstander van een pan-Arabisch Hasjmetisch rijk, óók voorstander was van een Joods thuisland in Palestina.

Source: Volkskrant

Previous

Next