De SP wil inkomensafhankelijke boetes invoeren, schrijft ze in haar verkiezingsprogramma.
Omdat het eerlijker is. Boetes, bijvoorbeeld voor te hard rijden, doen iemand met een laag inkomen nu veel meer pijn dan iemand met een hoog inkomen, licht SP-Kamerlid Michiel van Nispen toe. „Voor de een is het een grote hap uit zijn maandinkomen, terwijl de ander er maar kort voor hoeft te werken.”
In het huidige systeem, ziet hij, verliezen boetes bovendien voor een deel van de bevolking hun afschrikkende werking en is er geen prikkel om het gedrag aan te passen.
Het voorstel van de SP is niet nieuw. In 1999 pleitte de SP al voor inkomensafhankelijke boetes. Het past ideologisch bij de partij die ook al jaren voor een inkomensafhankelijke zorgpremie pleit.
Dat is bovenal een politieke vraag. Er bestaan geen juridische belemmeringen voor de invoering van inkomensafhankelijke boetes. Sterker nog, circa de helft van de EU-landen, waaronder Duitsland, Finland en Zweden, hanteert een dergelijk boetesysteem, vertelt hoogleraar recht en economie Elena Kantorowicz-Reznichenko, gespecialiseerd in Europese boetesystemen.
Finland was in 1921 het eerste land dat dit deed en hanteert een boetesysteem gebaseerd op het daginkomen van de overtreder. Wie in een 30 kilometerzone binnen de bebouwde kom 51 kilometer per uur rijdt, krijgt niet zoals in Nederland 258 euro boete, maar een sanctie van 12 ‘dagboetes’. De precieze hoogte daarvan is voor iedereen anders. Zakenman Anders Wiklöf kreeg dit jaar wegens een snelheidsovertreding een boete van 121.000 euro.
Ook technisch is het mogelijk een inkomensafhankelijk boetesysteem in te voeren, voorziet Kantorowicz-Reznichenko, die verbonden is aan de Erasmus Universiteit. Zij is voorstander van een systeem waarbij het inkomen na belastingheffing als basis voor het daginkomen wordt genomen. In Nederland, zegt de hoogleraar, houdt de Belastingdienst zulke inkomensgegevens goed bij en moet de invoering zeker mogelijk zijn.
In dat geval moet wettelijk geregeld worden dat de autoriteiten die boetes opleggen, toegang tot die inkomensgegevens krijgen. Voor Van Nispen is de eerste stap onderzoeken „hoe we dit technisch kunnen uitvoeren”. Hij wijst erop dat rechters bij strafrechtelijke boetes het wettelijk verankerde draagkrachtbeginsel kunnen toepassen, maar dat onderzoek in 2020 uitwees dat zij dit nauwelijks doen, onder meer omdat ze berekeningen over draagkracht complex vinden.
Zonder twijfel, zegt Kantorowicz-Reznichenko. Een inkomensafhankelijk boetesysteem is niet alleen eerlijker, ook effectiever. „De afschrikwekkende werking van boetes is naar verwachting namelijk veel groter omdat die voor iedereen gelijk is.” In het huidige systeem ervaart een deel van de bevolking onvoldoende financiële prikkels om hun strafbare gedrag aan te passen. Een inkomensafhankelijk systeem trekt dat recht.
Dat een zakenman 121.000 euro boete voor een snelheidsovertreding krijgt, vindt ze niet buitensporig. „Dat is het bedrag dat je nodig hebt om een zakenman af te schrikken om zulke overtredingen te maken.”
Source: NRC