Abdelnour is het braafste jongetje van de klas. Zeker, zegt de 16-jarige scholier, hij is ervan op de hoogte dat de fatbike waarop hij zit, kan worden opgevoerd. Maar of hij dat zelf ook heeft gedaan? ‘Natuurlijk niet, mevrouw’, zegt hij beleefd voor de ingang van de Utrechtse middelbare school Yuverta. Zijn fatbike is slechts een vervoermiddel met wat fijne voordeeltjes. De fiets heeft een comfortabel zadel, zijn vrienden kunnen achterop, en omdat hij geen helm op hoeft op het voertuig, blijft zijn strak gegelde kapsel netjes intact. Maar een wegpiraat? Hij? ‘Absoluut niet.’
Om zijn onschuld te bewijzen, wil Abelnour wel een kleine demonstratie geven. Hij tikt op het display op zijn stuur en getallen beginnen te verspringen. ‘Kijk, maximaal 25 kilometer per uur’, zegt hij, terwijl er een herfstige windvlaag opsteekt. Maar dan, alsof de weergoden ermee spelen, schiet zijn kilometerteller plots boven de maximaal toegestane snelheid uit – tot grote hilariteit van de meiden om hem heen.
Abdelnours fatbike is duidelijk een van de opgevoerde varianten waarover wethouders in ruim veertig gemeenten zich ernstige zorgen maken. In een dinsdag verzonden brief aan demissionair minister Mark Harbers (Infrastructuur, VVD) pleiten ze voor de snelle invoering van maatregelen om het opvoeren van e-bikes tegen te gaan. Met name de variant met dikke banden, de fatbike, veroorzaakt volgens de wethouders problemen.
Voor de ingang van Yuverta zijn er meer liefhebbers van de robuust uitgevoerde fietsen die het niet zo nauw nemen met de maximumsnelheid. Een van hen, een jongen met een haarbandje in zijn zwarte krullen, kreeg zondag een bekeuring van de Utrechtse politie. ‘Ik reed iets van 50’, zegt de scholier, die niet met zijn naam in de krant wil. Hoe hij dat voor elkaar kreeg? ‘Heeft een vriend voor me geregeld, die is handig met computers.’
De conciërge van de school hoort het hoofdschuddend aan als hij op zijn eigen, ‘gewone’ fiets stapt om naar huis te gaan. ‘Ik heb ze zo vaak gewaarschuwd voor dat opvoeren’, zegt hij. ‘Vanochtend nog, kwam er eentje langs me gescheurd. Dat gaat rustig voorbij de 60.’
Het is vooral de jonge leeftijd van de fatbikebestuurders en hun rijgedrag, die de wethouders zorgen baart. ‘Bestuurders – veelal jonger dan 16 jaar – rijden zonder rijbewijs, zonder helm en zonder verzekering over het fietspad en de weg’, schrijven ze. Dit zou niet alleen voor gevaarlijke situaties zorgen, maar ook voor grote aansprakelijkheidsrisico’s voor de ouders van deze jongeren. De verkeerswethouders pleiten daarom voor een minimumleeftijd voor het besturen van e-bikes.
Ook dringen de wethouders er bij de minister op aan om iets te doen aan het gemak waarmee de e-bikes nu zijn op te voeren. Want moest er vroeger nog flink worden gesleuteld om een Puch of Tomos harder te laten rijden, de huidige e-biker maakt geen vieze handen. Die bestelt gewoon online een extra gashendel, of voert een simpele code in op het display, om de computergestuurde fiets twee keer zo hard te laten gaan. Het opvoeren zelf is bovendien niet verboden. Alleen het rondrijden met een opgevoerde fiets is strafbaar.
Minister Harbers onderschrijft de zorgen over de opgevoerde e-bikes en komt voor het einde van het jaar met een plan van aanpak, laat een woordvoerder weten. Zo wil het Rijk onderzoeken of het mogelijk is om speciale opvoersets te verbieden.
Amsterdam kondigde vorige week al eigen plannen aan waarmee het de fatbike hoopt te beteugelen. De stad wil, naast een kentekenplicht en een minimumleeftijd, meer controles op opgevoerde fatbikes. Ook heeft de stad samen met Rotterdam, Utrecht en Den Haag bij de minister aangekaart of elektrische voertuigen zoals de fatbike van het fietspad af kunnen en een plek op de rijbaan krijgen.
In Utrecht hebben de meeste fietsenmakers geen goed woord over voor de fatbike. Alleen al bij het horen van het woord, slaat verkoper Alexander Nieuwendijk (46) een diepe zucht. ‘Wat mij betreft heeft het weinig met fietsen te maken’, zegt hij. En hij verkoopt ze ook nauwelijks. ‘Waar die kinderen op rijden, dat zijn goedkope modellen, die ze online bestellen. Dat is kwalitatief niets waard. Dus dat verkopen wij niet.’ De enige modellen die in de etalage staan van de fietsenhandel waar hij werkt, Ton van den IJssel Tweewielers, kosten zo’n 2.500 euro.
De 60-jarige mede-eigenaar van de fietsenwinkel – ‘noem me maar de zoon van Ton’ – heeft ook niet veel met het hippe voertuig. ‘Ik heb het ooit uitgeprobeerd op een dealershow, maar het schuurt aan je bovenbenen en het rijdt voor geen meter.’ Hij heeft als fiets- en scooterhandelaar vooral last van de populariteit van de fatbike. ‘Voorheen kochten die jongens een goede fiets als ze naar de middelbare school gingen en een scooter als ze 16 werden. Nu hebben ze al een fatbike.’
Fietsenmaker Peter Macco vindt de huidige fatbikes kwalitatief zo slecht dat hij er helemaal geen verkoopt in zijn Utrechtse zaak voor (elektrische) fietsen. ‘De meeste onderdelen zijn zo stuk en daarna niet meer te krijgen, dus daar kunnen we geen garantie op geven.’ Begrip voor de populariteit van de fatbike heeft hij wel. ‘Het is net als bij de bromfietsen indertijd: geen kentekenplaat, maar wel kunnen opvoeren’, zegt hij. ‘Ik heb het zelf ook nog gedaan, hoor. Ik zette er zo stiekem een extra cilinder bij. En ik gun het die jongens en meisjes van nu ook wel. Maar ja, dan kan je wel invullen wat er gebeurt. Zo’n kind gaat al snel veel te hard.’
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden