Home

Als je naam klinkt als een liedje ben je voor altijd ‘Michelle, ma belle’ – of Annabel, en dan wordt het niets zonder jou

In de Volkskrant-serie ‘And Venus was her name’ wordt elke week een namenliedje behandeld. Daarvan zijn er nu 134 gebundeld in een boek, En Venus was haar naam. Een willekeurige Annabel, Angie, Leo, Manon en Linda vertellen wat het met je doet als je altijd wordt toegezongen.

Als je Fernando heet en dit jaar 47 bent geworden, dan weet je dat je die naam te danken hebt aan een bedenksel van Björn Ulvaeus, componist van Abba. Die vond het nodig om een verhaaltje te vertellen over twee oude vrijheidsstrijders van wie er eentje Fernando heette.

Ulvaes worstelde alleen met de geschiedenis: was Fernando nou actief tijdens de Mexicaans-Amerikaanse oorlog (1846-1848) of de Mexicaanse Revolutie van 1910?

Zestien pasgeborenen kregen in 1976 volgens de Nederlandse Voornamenbank van het Meertens Instituut de naam Fernando. Het was het jaar dat het nummer van Abba drie weken op nummer 1 stond. Ze hadden er niet om gevraagd en moeten hun hele leven uitleggen waarom ze Fernando heten. Jaaa, Abbaaaa. Nog erger is het als een vol café het liedje begint mee te blèren, om vervolgens allemaal naar jou te wijzen.

Als Fernando kom je nooit meer van Abba af. En voor Annabel is er om de haverklap die frase van Hans de Booij: Het wordt niets zonder jou, Annabel. Je zult maar Suzanne heten, zoals de Suzanne van VOF de Kunst, ja, en nu allemaal: Su-zanne. Vernoemd naar Jeremy van Pearl Jam? Dan moet je wel weten dat die Jeremy een zelfmoordenaar was. De Stan van Eminem is een strontvervelende fan.

In de Volkskrant-serie ‘And Venus was her name’ wordt elke week een namenliedje behandeld, waarvan er nu 134 zijn gebundeld in een boek, En Venus was haar naam. Jolene, Flappie, Jimmy, Matilda, Stan, Manuela, Audrey, Patsy en Angie – tachtig jaar muziek komt voorbij, in alle denkbare genres.

Over de auteurs
Paul Onkenhout en John Schoorl zijn verslaggevers van de Volkskrant. In de rubriek ‘And Venus was her name’ schrijven ze elke week over een popliedje waarvan de titel alleen uit een voornaam bestaat. Leonie Coppes is verslaggever.

Namenliedjes zijn een enorme inspiratiebron voor babynamen, toont de Nederlandse Voornamenbank aan. In Nederland zijn er 205 geregistreerde Jolenes, en dat heeft maar één reden: Dolly Parton en haar song uit 1973. The Rolling Stones zijn terug met een nieuwe plaat, maar de voornaam Angie (tussenstand: 328) wordt door ouders steeds minder vaak gekozen, zo blijkt.

Suzanne knalde erin, in de jaren zestig, met dank aan Leonard Cohen en Herman van Veen. De populariteit kreeg een impuls dankzij Suzanne van VOF de Kunst, maar daalt nu als een dolle. Er zijn nog wel 16.093 Suzannes. Manuela was begin jaren zeventig een hit van Jacques Herb, en pakte toen ook de definitieve piek in de Manuela-geschiedenis. De opkomst van Annabel (nu: 1.878) loopt parallel met Annabel van Hans de Booij.

Aan de andere kant: een naam als Simone deed het al goed – tussenstand 15.907 – voordat The Kik het leven van alle Simones bejubelde:

O, alsjeblieft
Ik ben verliefd
Simone
Geef me nou een kans

Overigens werd in 1993 in Nederland een keihard Fernando-record gebroken: 25 zuigelingen met de F-naam. Best gek, onverklaarbaar ook, zeven jaar na de hit, Abba was inmiddels al uit elkaar. De huidige stand van zaken, Fernando-technisch gezien, is 654.

Volgens het Meertens Instituut wordt dat aantal heden ten dage mede bepaald door de instroom van Fernando’s vanuit zestien verschillende landen, waaronder Peru, Chili, Suriname en Angola. En niet te vergeten uit Mexico, het land waar Fernando volgens Abba een bloederige strijd had gevoerd.

Ze hebben er niet zelf om gevraagd, de Fernando’s, en de Annabels, Angies, Manons, Leo’s, Linda’s en Michelles evenmin. Wat zijn hun ervaringen?

‘Ik ben geboren in 1994, Annabel was er toen al. Mijn ouders hebben mij niet naar het liedje vernoemd, ik heb het toevallig laatst nog eens gecheckt. Zolang ik me kan herinneren is Annabel onderdeel van mijn leven. Bijna iedereen aan wie ik me voorstel, begint het te zingen.

‘Ik vind het nooit vervelend. Ik lach erom en rol even met mijn ogen, zogenaamd geïrriteerd. Want origineel is het natuurlijk niet als mensen zo reageren. Het is altijd wel een goede ijsbreker. Je hebt meteen een gespreksonderwerp. Inderdaad, zeg ik dan, het wordt niets zonder mij, haha.

‘Het is een heel leuk nummer, best oud al, maar ik houd wel van die oude Nederpop. Bijna iedereen kent het, ook mensen van mijn leeftijd. Ik kom uit Brabant, daar hoor je tijdens carnaval vaak uptempoversies van Annabel. Als ik in Oisterwijk met mijn vriendinnen in de kroeg sta, het nummer wordt opgezet en iedereen keihard meezingt, voelt het toch een beetje als een persoonlijke serenade.

‘Begin dit jaar was Hans de Booij bij Khalid & Sofie en zong hij Annabel live. Dat was zo mooi. Ik heb het nooit erg gevonden als mensen het beginnen te zingen, maar niemand kan het zo mooi als hij.

‘Op een datingapp, Bumble, verwijs ik in mijn bio met een knipoog naar Annabel: ‘Het wordt heus íéts zonder mij. Maar wel minder.’ Niet iedereen begrijpt dat. Als iemand een vraag stelt over die zin of denkt dat ik het arrogant bedoel, hebben we dus geen match. Sorry, maar als je Hans de Booij niet kent, dan wordt het niks met ons.’

‘Mijn ouders zijn dol op het liedje. Ze waren zulke fans dat ze, als ze een meisje zouden krijgen, haar Angie wilden noemen. The Rolling Stones brachten het nummer in 1973 uit, vijftien jaar voor mijn geboorte. Ondanks dat ben ik mijn hele leven lang altijd toegezongen, vooral door mijn moeder.

‘Ik zat eens met een groepje vakantievrienden in Spanje rondom een kampvuur. Een Spanjaard bleek het nummer Angie te kunnen spelen. We waren erg onder de indruk. Op mijn 30ste verjaardag en ook op mijn bruiloft moest en zou Angie natuurlijk ook gedraaid worden. Het zijn waardevolle herinneringen: met mijn geliefden om mij heen luidkeels meezingen. En mijn moeder wordt elke keer weer emotioneel.

‘Dat de tekst over een verbroken relatie gaat, maakt mij niets uit. Ik vind het fijn dat Angie een naam is die je niet vaak hoort. De laatste jaren zijn het vooral oudere mensen die me vragen of ik naar het Stones-nummer ben vernoemd. Ja, zeg ik dan, met trots.

‘Ik ben nog nooit naar een concert van de Rolling Stones geweest, mijn ouders ook niet. Ze hadden het wel gewild, maar mijn vader was altijd aan het werk en mijn moeder had drie kinderen om voor te zorgen. Misschien zal ik ooit nog eens een concert bezoeken, maar het is geen must. Als ik het liedje op de radio hoor, zet ik ’m harder en zing ik luidkeels mee. Net zoals mijn moeder vroeger deed.’

‘Niemand vergeet mijn naam meer, dat is een fijne bijkomstigheid. Maar dat iedereen maar blijft denken dat ze de eerste zijn als ze de letters van Manon los van elkaar uitspreken, zoals De Jeugd van Tegenwoordig doet, vind ik ongemakkelijk. Hoe moet je daar nu op reageren? Het nummer heeft niets met mij te maken, behalve dat ik zo heet.

‘In het begin vond ik het wel een lekker nummer en was het grappig als mensen vrolijk reageerden. Toen Manon een megahit werd, dacht ik: shit, dit wordt een ding. En dat werd het. Ik liep eens een kroeg binnen waar het voetbalteam van mijn vriend aan het bier zat. Ik werd in de lucht gehesen en ze droegen me de kroeg door. Ik wilde niets liever dan verdwijnen.

‘Maar heel erg vind ik het niet, hoor. Het nummer wordt inmiddels ook niet meer zo vaak gedraaid. En het duurt maar, hoe lang zou het zijn, drie, vier minuten? Ik moet het gewoon even uitzitten. Ik had ook zeker niet anders willen heten. Het is maar een liedje.

‘Ik weet niet of mijn ouders het nummer kennen. Misschien van de radio. Ik kom uit Limburg, daar komt de naam vaker voor dan in Amsterdam. Vóór 2015 kreeg ik soms de vraag of ik was vernoemd naar de opera Manon van Jules Massenet. Nee dus. De samenvoeging van mijn doopnamen, Marie en Antonia, heeft me Manon gemaakt.’

‘Ria Valk waagde het om een tango in haar carnavalskraker te verwerken. Dat heeft me altijd vrolijk gemaakt, Leo is een meestampertje. Ik draai het niet snel in mijn programma NH Radio Sportcafé. Heb je het lied weleens gehoord? Het is hartstikke grappig met die tango erdoor, maar een goed lied is het niet.

‘Vroeger vond ik Leo vooral irritant. Als ik in de kroeg stond, dachten mensen vaak dat ze de eersten waren die me toezongen. Wildvreemden of grote groepen waren het ergst. Die onbedwingbare behoefte. Ik moet wel toegeven dat ik ook wel eens in de verleiding kom.

‘Van de week nog bij de bakker: die riep een klant naar voren, die blijkbaar Claire heette. Dan krijg ik meteen de neiging het liedje Clair te gaan zingen. Ken je dat liedje van Gilbert O’Sullivan? Clair, the moment I met you, I swear/I felt as if something, somewhere/had happened to me… Maar dat ga ik dus niet hardop zingen. Want ik weet hoe irritant het is.

‘Tegenwoordig vind ik het grappig. En het is ook wel een mooie zin natuurlijk: 'Je bent vannacht weer dronken geweest, je ging tekeer als een beest’. Ooit schreef ik ook eens een tekst voor een liedje van Ria Valk. Het ging over Leerdammer kaas, ze dachten dat het een goed idee was om de kaas wat breder in de markt te zetten. Liedjes met recepten, Leerdammer kaas met een bal gehakt, Leerdammer kaas met gamba’s, er zijn allemaal liedjes voor geschreven. Dries Roelvink schreef ook een nummer. ‘Leerdammer kaas met carpaccio, wat een combinatio’.

‘Ja, Ria Valk wens ik veel succes. Ze is een goede artiest in haar genre. Prima hoor, hartstikke goed, zeg ik zonder enige ironie.’

‘Mijn favoriete herinnering? Eind jaren negentig maakte ik een rondreis in het Amazonegebied in Brazilië. Midden in de wildernis kwamen we een andere Nederlandse toerist tegen die spontaan Linda begon te zingen nadat ik me had voorgesteld.

Linda gaat al mijn hele leven mee. Ik was een puber toen het in de jaren tachtig een hit was. Ik heb er vaak op gedanst en het liedje vaak meegebruld op schoolfeesten en in kroegen en disco’s in Leeuwarden. Ik zie me nog staan in Fire, een oud politiebureau in de Nieuwestad dat verbouwd was tot discotheek. Linda, Linda, Linda.

‘Ik heb er nooit een negatieve ervaring mee gehad. Linda is een vrolijk liedje en het ligt lekker in het gehoor. Mijn kinderen zingen het niet, nee. Het is toch een generatieding. Frank Boeijen schijnt niet trots te zijn op het nummer. Ik begrijp dat wel. Andere hits van van hem, Kronenburg Park en Zwart Wit, hebben veel zwaardere thema’s en teksten. Linda is luchtig en makkelijk.

‘Het komt nog steeds op allerlei momenten naar boven. In mijn jeugd in Leeuwarden zongen jongens het voor me, nu in Leiden mannen. Er is altijd wel iemand die het liedje kent en begint te zingen, vooral de eerste regel na Linda, Linda, Linda: ik wil alles voor je doen. De tekst werd vroeger vaak door jongens aangepast. Ik wil alles mét je doen, maakten ze ervan. Dat is makkelijk hè.’

‘Omdat ik de dochter ben van Har van Fulpen, de oprichter van de Nederlandse Beatles fanclub, begreep iedereen vroeger wel waarom ik Michelle heet. Toch was het niet mijn vader, maar mijn moeder die de naam voor mij heeft verzonnen. Ze dacht daarbij helemaal niet aan The Beatles, ze vond het gewoon een leuke naam. Mijn vader vond dat meteen een goed idee, hij dacht natuurlijk wél aan The Beatles!

‘Mijn vader nam mijn eerste huilgeluidjes op met een bandrecorder. Hij had in die tijd met zijn Beatles-fanclub een wekelijkse Beatles-show op Radio Veronica. Wat hij dan deed: hij mixte mijn gehuil met het nummer Michelle en zond het uit. Zo was ik een paar dagen na mijn geboorte in 1970 al op de radio te horen.

‘Ik werk in het Anna Paviljoen, het moeder- en kindcentrum van ziekenhuis OLVG in Amsterdam. Wat me opvalt, is dat er geen Michelles meer worden geboren. Er zijn wel vrouwen die bevallen die Michelle heten, maar baby’s worden amper nog zo genoemd.

‘Ik heb het twee keer meegemaakt dat iemand het nummer afkraakte. Dat was twee keer door dezelfde man, de oprichter van het Beatles-museum in Alkmaar. Hij hoorde mijn naam, en zei: wat een waardeloos nummer. Dat zeg je toch niet! Het voelde bijna als een persoonlijke afwijzing.

‘Mij bevalt hij wel, die naam. En het liedje hoor ik ook graag, vooral vanwege dat Franse stukje, Michelle, ma belle. Ik wil het nummer op mijn uitvaart laten horen. Dan is voor mij de cirkel rond: bij mijn geboorte was het te horen en bij mijn afscheid opnieuw.’

Paul Onkenhout, John Schoorl: En Venus was haar naam. Xander Uitgevers; 392 pagina’s; € 24,99.

Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.

U bent niet ingelogd

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden

Source: Volkskrant

Previous

Next