‘GAZA’ stond vorige week in rode hoofdletters op de gevel van de Wiener Holocaust Bibliotheek in Londen gespoten. Niemand was harder geraakt door deze bekladding dan Daniel Finkelstein. ‘Ik ben zeer van slag vanwege de graffiti-aanval op de bibliotheek van mijn opa’, twitterde de Times-columnist. Het besmeuren van het Holocaustarchief van Alfred Wiener, gepromoveerd in islamstudies, betreft volgens hem een aanval op Joden en niet kritiek op Israël. ‘Het is ontstellend’, aldus Finkelstein.
Het verdriet van de 61-jarige Finkelstein is goed te begrijpen voor wie zijn boek Hitler, Stalin, vader en moeder: een familiegeschiedenis heeft gelezen. Dit is het verhaal van hoe het nazisme en het stalinisme twee gelukkige families grotendeels hebben verwoest.
Over de auteur
Patrick van IJzendoorn is correspondent Groot-Brittannië en Ierland voor de Volkskrant. Hij woont sinds 2003 in Londen en schreef meerdere boeken, waaronder over de Brexit.
De ouders van Finkelstein hebben nooit veel over hun oorlogservaringen verteld. Na de oorlog was er weinig interesse en hun ervaringen zouden sowieso amper worden geloofd, was hun overtuiging. Ludwik, een hoogleraar, en Mirjam, een docent, wilden vooral vooruitkijken en niet zwelgen in slachtofferschap. Het was aan hun zoon Daniel om hun verleden te openbaren.
Moeder Mirjam was de jongste dochter van Alfred en Greta Wiener, een intellectueel stel uit Berlijn. Grootvader Alfred was sinds 1919 druk met het bestrijden van antisemitisme. Dat deed hij niet alleen middels het opzetten van de vorige week besmeurde bibliotheek, maar ook door het voeren van een succesvol proces, in 1935, om te bewijzen dat het antisemitische boek De protocollen van de Wijzen van Zion ‘gevaarlijk’, ‘bedrieglijk’ en ‘belachelijke onzin’ is.
In de jaren dertig vluchtte het gezin naar Amsterdam, waar Finkelstein de voorloper van zijn bibliotheek oprichtte. Lang konden ze er niet blijven. Alfred reisde door naar New York om daar zijn onderzoekswerk voort te zetten. Zijn vrouw en drie dochters, die bevriend waren met het gezin Frank, werden in 1943 naar Bergen-Belsen afgevoerd. Dat ze niet de dood vonden in een vernietigingskamp, was te danken aan hun (valse) Paraguayaanse paspoorten – verkregen met hulp van een contact van Alfred. Uithongering dreigde, maar begin 1945 werden ze met andere dubbele paspoorthouders geruild tegen Duitse krijgsgevangen. Hun moeder Greta was tijdens de reis naar de vrijheid gestorven.
Finkelsteins vader Ludwik heeft een eigen oorlogsgeschiedenis. Hij was de zoon van Dolu en Luisa, een rijk echtpaar uit het (destijds Poolse) Lviv. Vader Dolu werd door de Russen naar de goelag gestuurd. Moeder en zoon belandden op een staatsboerderij in Kazachstan. Ze overleefden de winter dankzij voedselpakketten van familieleden en de opgedroogde koeienvlaaien waarmee Ludwik een zelfgebouwde plaggenhut wist te isoleren. De Duitse aanval op Rusland was hun redding, want Jozef Stalin besloot, op aandringen van Winston Churchill, om de Polen vrij te laten.
Uiteindelijk leerden Mirjam Wiener en Ludwik Finkelstein elkaar na de oorlog kennen in een Londense synagoge. Hun familiegeschiedenissen indachtig heeft hun zoon altijd een afkeer van ideologieën en extremisme gehad. Net als veel andere Britse joden voelde hij verwantschap met de Labour Partij, maar toen de arbeiderspartij begin jaren tachtig flink naar links begon op te schuiven, sloot Finkelstein zich aan bij de Social Democratic Party, een gematigde afsplitsing. Hij probeerde een Lagerhuiszetel te veroveren maar deze missie mislukte.
Met de jaren veranderde Finkelsteins politieke kleur, wat hem in de jaren negentig bij de Conservatieve Partij bracht. Hij ontpopte zich tot een hervormer, wat er in 2010 toe leidde dat hij speechschrijver van de net benoemde premier David Cameron werd. Als beloning kreeg hij de titel Baron Finkelstein of Pinner, en een zetel in het Hogerhuis. Als gematigde conservatief voelt hij zich overigens meer thuis bij het liberale conservatisme van Cameron dan het populistisch-revolutionaire conservatisme van Boris Johson en de Brexiteers.
Finkelstein werkte gedurende zijn politieke carrière ook voor verschillende denktanks, wat hem de bijnaam ‘Finktank’ opleverde. Dat combineerde hij met werk voor The Times, de krant van de gevestigde orde waarin hij politieke commentaren en columns schreef, onder meer over voetbalstatistieken. Een bloemlezing van die artikelen verscheen met de typerende titel Everything in moderation. Tevens schreef hij voor The Jewish Chronicle, de voornaamste joodse periodiek in Engeland.
Voor hem zijn de extreme gebeurtenissen van de laatste jaren een flashback naar de jaren van zijn (groot)ouders: van de Russische raketten die in de Oekraïense stad Lviv ontploffen, tot borden met antisemitische teksten die te zien waren bij pro-Palestijnse demonstraties. Na het bekladden van zijn grootvaders bibliotheek, zag hij zich gedwongen het bordje ‘Wiener Library’ met een schroevendraaier te verwijderen, net zoals zijn tante dat aan het begin van de oorlog in Amsterdam had moeten doen.
Tijdens een interview op Sky TV vroeg Finkelstein zich zondag hardop af hoe verstandig het voor hem of zijn kinderen is om in het weekeinde naar de Londense binnenstad of treinstations te gaan wanneer die het decor zijn van anti-Israëlische demonstraties. ‘Wat mijn ouders is overkomen, zal mij niet snel gebeuren’, schreef Finkelstein in zijn boek, ‘het zal mijn kinderen niet snel overkomen. Maar zou het kunnen? Het kan. Het kan absoluut.’
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden