Bertine Grefkens, coördinator bij een toeristenbureau: ‘Ik had een goede dag, 22 oktober 2019. Het was mooi weer, ik was na een burn-out terug op mijn werk en had zin om weer te beginnen. Met mijn man Gijs en onze dochter Evelien was ik net terug van een reis van drie weken door de Verenigde Staten, we hadden het ontzettend leuk gehad met z’n drieën. Vol energie ging ik er weer tegenaan.
Leven na de dood is een rubriek in Volkskrant Magazine over rouwen en leven.
‘Mijn collega naast me kreeg om 10 uur ’s ochtends een pushbericht: een ongeval op de A73. ‘Die kloteweg’, zei ik nog, want er gebeuren daar veel ongelukken, maar de dag verliep verder normaal. Tot er om half 5 ’s middags drie agenten binnenkwamen. Bij het ongeval van die ochtend was Gijs aangereden door een vrachtwagen. Hij was op slag dood.
‘Hij was met de auto onderweg naar een belangrijke vergadering, ik had hem tien minuten eerder nog aan de telefoon gehad. Over gewone, dagelijkse dingetjes, een tenniswedstrijd, en of hij niet in de file zou komen, want alles was opgebroken rond Malden. Hij kwám in de file. En terwijl hij stilstond is er een vrachtwagenchauffeur met 80 kilometer per uur achterop hem gereden; vóór hem stond ook een vrachtwagen, hij kon geen kant op. ‘Hij heeft er niets van gemerkt’, zei een van de agenten – dat zinnetje heb ik wel duizend keer moeten horen. We waren 33 jaar bij elkaar, zo’n goed huwelijk, er was zo veel liefde, we konden elkaars gedachten lezen. Ik kan de gedachte niet verdragen dat hij die vrachtwagen op zich af heeft zien komen en wist: nu is het gebeurd.’
‘Hij was 62. De goeien gaan het eerst. Gijs was zo geliefd, op de begrafenis waren alleen al drie bussen van de vakbond waar hij bestuurder was. De kapel puilde uit, de meeste mensen moesten staan. Ik wilde niet gecondoleerd worden daar, ik kon het niet aan en ben met Evelien in een zaaltje achteraf gaan zitten tijdens het buffet. Maar ik heb wel gesproken. Ik was zo boos op die vrachtwagenchauffeur, ik had een gedicht geschreven en het bijna uitgeschreeuwd.
‘Op een bijeenkomst na de begrafenis stonden mensen te roken en te drinken in de tuin. Toen heb ik gedacht: ik kan het nu ook op een roken en drinken gaan zetten, maar dat doe ik niet, ik ga mezelf niet verdoven. En ik heb ook al vrij snel gedacht: die chauffeur heeft het leven van Gijs weggenomen, hij gaat niet ook nog eens dat van Evelien en mij ruïneren, dat laat ik gewoon niet gebeuren. Ik laat me er niet onder krijgen – dat was iets onverzettelijks vanaf het begin. Terwijl het lang heeft geduurd voordat ik überhaupt kon geloven dat hij dood was. Het hele eerste jaar zou ik niet eens geschrokken zijn als Gijs thuis op de bank had gezeten als ik binnenkwam.
‘Pas daarna drong het ten volle tot me door: hij komt echt niet meer terug. Toen heb ik een heel moeilijke tijd gehad, waarin ik veel heb gehuild en diep heb gezeten. Vanaf mijn 25ste was ik geen dag zonder Gijs geweest, ik dacht: ik red het niet alleen. Bij Evelien wilde ik mijn verdriet niet te veel kwijt. Zij studeerde psychologie in Utrecht, stond midden in het studentenleven en plotsklaps was haar vader dood. Van een zorgeloze student veranderde ze in een volwassen vrouw die ook de verantwoordelijkheid voor haar verdrietige moeder er nog bij kreeg, ik wilde haar niet te veel belasten.
‘Ik heb een rouwcoach gezocht. Gewoon, via Google, intuïtief. Het zat meteen goed. De eerste keer zei ze: je zit hier nu wel, maar dit valt niet te fiksen – toen heb ik vreselijk gehuild. Mijn oudste zus, die al jong haar man is verloren, is vaak met me mee geweest, dat was fijn. Ik ben boeken over rouw gaan lezen en podcasts gaan luisteren, ik had een enorme honger naar ervaringen van anderen. Ik ben ook op een rouwreis meegegaan, een week naar Umbrië, met gelijkgestemden, of nee, met lotgenoten. Vrouwen die ook weduwe geworden waren, al was ik de enige die haar man zo plotsklaps verloren had bij een auto-ongeluk. ‘Het is geen therapie’, zei Carry van We carry on, die vrouw die de reis had georganiseerd, ‘het is gewoon een week eruit zijn met mensen in hetzelfde schuitje.’ Zo was het, en het heeft me goed gedaan.
‘Alle clichés over de dood zijn waar, heb ik ondervonden. Veel mensen zijn er bang voor, ik heb meegemaakt dat mensen in het winkelcentrum zich omdraaiden als ze me tegenkwamen. Maar ik heb ook steun gekregen uit onverwachte hoek. Ik had al een moestuin en toen er vrijwilligers werden gevraagd voor de heemtuin hier in Malden, heb ik me aangemeld. Daar heb ik een leuke vrouw ontmoet en met haar en haar vriendinnen ga ik inmiddels op vakantie en naar concerten. Zulke ontmoetingen zijn heel belangrijk gebleken. Met zijn tweeën zit je toch vaak in een bubbel, en dat is logisch als je samen gelukkig bent. Maar door Gijs’ dood moest ik mijn blik naar buiten richten. Dat ben ik veel meer gaan doen dan voorheen.
‘Dat kwam ook omdat ik me realiseerde: ik moet zelf weer wat van het leven gaan maken, want hoe lief anderen ook zijn, zíj gaan het niet voor me doen. Ik ben meer gaan autorijden – omdat ik de snelweg vermeed als dat kon, reed Gijs meestal. Maar dat heb ik dus weer opgepakt, want anders kom je nergens. Ik heb ook mijn opleiding tot yogadocent afgemaakt en de zolder verbouwd tot een mooie, ruime yogastudio. Daar geef ik nu les naast mijn baan van drie dagen. Ik heb een leuk clubje leerlingen die trouw elke week komen – ook weer zo’n cliché dat gewoon waar is: die verbinding met anderen geeft het leven zin.
Het heeft me zelf verbaasd hoeveel veerkracht een mens heeft; het was altijd mijn grootste angst om alleen te komen staan. En toch is gebleken dat het leven weer mooi kan zijn – vooral omdat je weet dat het in één klap afgelopen kan zijn en je daardoor bewuster geniet van momenten. We denken altijd wel dat we alles onder controle hebben, maar het leven is vol risico’s en juist daarom ben ik dankbaar voor wat er wél goed gaat. Ik heb een fijn huis, ik ben gezond, ik heb een geweldige dochter. Ik ben zelfs weer een beetje aan het daten. Een lieve, zorgzame man manifesteer ik voor mezelf. Geen idee natuurlijk, hoe dat afloopt, maar ik zie het als een nieuw avontuur.
‘Het auto-ongeluk is een strafzaak geworden. De vrachtwagenchauffeur is aangeklaagd omdat hij de filewaarschuwingen had genegeerd en in volle vaart was doorgereden. Ik had helemaal niets van hem gehoord, maar in de rechtszaal heeft hij zich omgedraaid en me aangekeken. Aan zijn blik zag ik dat hij het er ook moeilijk mee had. Dat heeft me op de een of andere manier goed gedaan, dat het hem óók geraakt heeft. Ik ben heel boos geweest, nog steeds soms, maar ik koester geen wrok. Zo wil ik niet in het leven staan; ik volg momenteel een compassietraining om met mildheid naar mezelf en naar anderen te kijken. Al heb ik wat dat betreft ook een goed voorbeeld aan Gijs gehad, een wijs mens dat nooit hard oordeelde over anderen. Ik zei het al: de goeien gaan het eerst.’
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden