De Fifa maakt zichzelf graag wijs dat een WK een land als Saoedi-Arabië kan helpen te democratiseren. Te vrezen valt dat eerder het omgekeerde gebeurt.
In de aanloop naar het wereldkampioenschap voetbal in Qatar leek de wereldwijde consensus dat dit een ongeluk was. Het was krankzinnig om de beste voetballers ter wereld te laten spelen in een bloedhete zandbak, zonder enige voetbalcultuur. Alom – of in ieder geval in Europa – werd het WK Voetbal 2022 beschouwd als een nawee van het regime van Sepp Blatter, onder wiens leiding de Fifa was uitgegroeid tot een door en door corrupte club waar stemmen te koop waren en het land met het meeste geld er met de eer vandoor ging.
Het toernooi ligt nog geen jaar achter ons of het volgende krankzinnige besluit dient zich alweer aan. Het WK van 2034 wordt naar alle waarschijnlijkheid gehouden in Saoedi-Arabië. Na het afhaken van Australië – en met de eis dat het evenement in Azië of Oceanië moet worden gehouden – is er eigenlijk nog maar een serieuze kandidaat over.
Het belang van Saoedi-Arabië is evident. Net als andere oliestaten bereidt het land zich voor op een bestaan zonder olie. Voetbal speelt daarin een grote rol. Het land geeft nu al vermogens uit om de beste voetballers ter wereld in de Saoedische competitie te laten voetballen.
Wereldvoetbalbond Fifa is een spiegel van de internationale verhoudingen. Autocratische regimes die lak hebben aan mensenrechten, krijgen – veelal dankzij inkomsten uit olie en gas – snel meer macht. Het Westen legt steeds minder gewicht in de schaal. Landen als Saoedi-Arabië brengen zoveel geld mee, dat elk gewetensbezwaar kan worden afgekocht. Het lijkt de Fifa niets te kunnen schelen dat Saoedische vrouwen minder rechten hebben, homoseksualiteit verboden is en critici van het regime het risico lopen om in stukjes te worden gehakt.
De Fifa maakt zichzelf graag wijs dat het organiseren van een WK een land als Saoedi-Arabië kan helpen te moderniseren en te democratiseren. Te vrezen valt dat eerder het omgekeerde gebeurt. Door het organiseren van een WK wordt een verwerpelijk regime witgewassen en wordt de noodzaak om te democratiseren juist minder groot.
Een ander bezwaar is dat in Saoedi-Arabië, net als destijds in Qatar, vrijwel elk stadion nog moet worden gebouwd, en dat de stadions net als in Qatar na het WK waarschijnlijk overbodig zijn. Weer zullen honderdduizenden arbeidsmigranten uit India, Bangladesh en Nepal in een ondraaglijke hitte stadions moeten bouwen die misschien maar een paar keer worden gebruikt. Weer zullen honderden, misschien wel duizenden arbeiders, omkomen. Weer zal sprake zijn van een ongekende verspilling.
Van Fifa-baas Gianni Infantino hoeven we geen tegengas te verwachten. Integendeel: hij heeft de regels juist versoepeld. De eis dat minstens zes van de te gebruiken stadions al gebouwd zijn, is naar beneden bijgesteld. Vier is genoeg, waardoor Saoedi-Arabië ineens kan meedingen.
Het is te hopen dat de Europese voetbalbonden, verenigd in de Uefa, zich minder snel gewonnen geven. Een tegenstem zal ongetwijfeld niet helpen, numeriek zijn de Europese landen ver in de minderheid. Misschien moet daarom maar eens een boycot worden overwogen. Het Europese voetbal hoort trouw te blijven aan Europese waarden en heeft dus in een land als Saoedi-Arabië niets te zoeken. In geld en stemverhoudingen mag de Europese macht beperkt zijn geworden, gelukkig zijn de Europese landenteams nog zo goed dat een toernooi zonder hen simpelweg ondenkbaar is.
In het Volkskrant Commentaar wordt het standpunt van de krant verwoord. Het komt tot stand na een discussie tussen de commentatoren en de hoofdredactie.
Source: Volkskrant